Unilever R&D EVP Carla Hilhorst: ‘Corona versnelt huidige trends en leidt tot nieuwe trends’ (podcast)

Het coronavirus slaat overal hard toe. Ook voedingsmiddelenbedrijven hebben de dagelijkse gang van zaken moeten aanpassen om zo goed mogelijk door te draaien in tijden van corona. Wat voor impact heeft het coronavirus gehad op de R&D afdeling van Unilever? VMT sprak met Carla Hilhorst, executive vice president R&D Foods and Refreshment bij Unilever.

Carla-Hilhorst-UnileverUnilever kondigde half juni aan dat zij op papier een volledig Brits bedrijf wordt. Deze aankondiging komt middenin de woekerende coronacrisis, die ook voor de voedingsindustrie grote gevolgen heeft en om veel flexibiliteit vraagt. Wat betekent de ‘verhuizing’ van Unilever voor de Nederlandse R&D afdeling? Wat is de invloed van corona op de productontwikkeling van Unilever? Zijn er blijvende veranderingen in het koop- en consumptiegedrag van consumenten? Carla Hilhorst, executive vice president R&D Foods and Refreshment bij Unilever, geeft antwoord op deze vragen.

Het hoofdkantoor van Unilever gaat verhuizen naar Engeland. Wat betekent dit voor de productontwikkeling van Unilever?

“Ik denk dat het heel belangrijk is om te benadrukken dat het een wettelijke verandering is. We zijn in principe trots op het feit dat we een Brits-Nederlands bedrijf zijn. En de verandering daarin is vooral gedreven door het streven naar meer wendbaarheid als bedrijf. Daar sta ik ook als werknemer geheel achter. Het hoofdkantoor van onze Foods & Refreshment divisie zit in Rotterdam en die blijft ook in Rotterdam. Ons Foods Innovation Centre in Wageningen blijft ook in Wageningen, daar hebben we net €85 miljoen in geïnvesteerd. In onze dagelijkse werkzaamheden zullen we niet zo heel veel veranderingen voelen als gevolg van deze beslissing. Het is puur een verandering op papier en niet in het dagelijks functioneren van Unilever.”

Dan even inhakend op de coronacrisis. In maart werden de coronamaatregelen in Nederland ingevoerd. Wat gebeurde er op dat moment op de R&D-afdeling bij Unilever?

“Half maart is bij Unilever het besluit genomen dat iedereen die thuis kon werken ook vanuit huis ging werken. Vanaf dat moment is er gezegd dat we focussen op mensen eerst, door te zorgen voor de juiste veiligheidsmaatregelen en het beschermen van onze mensen. Daarnaast was business continuity erg belangrijk, dus zorgen dat we kunnen blijven leveren. Dat was natuurlijk ook ontzettend belangrijk voor onze consumenten, dat onze voedingsmiddelen en hygiënemiddelen in het schap zouden blijven liggen. En ten slotte moesten we ervoor zorgen dat we in de maatschappijen waarin wij actief zijn verantwoordelijkheid nemen en daar onze bijdrage aan leveren. Zo kregen onze eigen mensen, maar ook alle indirecte mensen die voor Unilever werken, drie maanden lang baangarantie. We hebben ook veel bijgedragen door het doneren van producten en kennis. Er zijn analyseapparaten van R&D aan de overheid uitgeleend zodat er bepaalde testen gedaan konden worden.”

‘Binnen die Incident Management Teams worden constante beslissingen genomen over ‘wat is veilig’ en ‘wat is de juiste manier’’

Carla Hilhorst – EVP R&D Unilever

“We hebben op Unilever niveau een Incident Management Team opgezet, wat wereldwijd voor Unilever functioneert. Binnen die Incident Management Teams worden constante beslissingen genomen over ‘wat is veilig’ en ‘wat is de juiste manier’. In Nederland lijkt het er op dit moment gelukkig op dat we het coronavirus iets meer onder controle hebben. Hier kunnen we er dus over nadenken om onze kantoren weer voor een gedeelte van onze werknemers te openen. Maar in andere landen zoals Latijns-Amerika, Verenigde Staten en India, gaan eigenlijk de aantallen infecties alleen nog maar omhoog. Daar zul je dus ook nog andere maatregelen moeten nemen. Per land worden dus individueel de maatregelen bekeken. We nemen ook wel degelijk een geografische lens.”

Tijdens het begin van de coronacrisis leken consumenten veel voor bekende merken te kiezen, omdat die volgens velen betrouwbaar zijn. Hebben jullie dit ook gemerkt?

“Wat we zagen was dat mensen in veel landen een voorraad aan gingen leggen. En je zag eigenlijk dat consumenten heel erg gingen verschuiven naar producten die een wat langere houdbaarheid hebben. Dus we zagen de verkoop van onze langer houdbare producten zoals soepen in blik of pak, Unox vleesproducten, pindakaas en bouillonblokjes enorm groeien.”

Hive-2-A1200x800
Hive, het innovatiecentrum van Unilever, voor corona. Nu dragen mensen binnen Hive mondkapjes.

Hebben jullie problemen (gehad) met de aanlevering van specifieke ingrediënten en hoe hebben jullie dit opgelost?

We hebben daar heel veel werk in moeten stoppen

“We hebben daar heel veel werk in moeten stoppen, samen met Supply Chain maar ook met R&D. In veel gevallen hebben we moeten kijken naar alternatieve leveranciers. Soms zelfs naar alternatieve ingrediënten waardoor we onze receptuur een klein beetje aan moesten passen. Gelukkig hebben we eigenlijk maar heel weinig voorbeelden gehad van ingrediënten of producten die we niet konden leveren. De hele voedingsmiddelenindustrie is, logischerwijs, aan elkaar vastgeknoopt. Dus als je ergens een flinke reductie hebt zie je die impact ook ergens anders in de keten. Dat is een enorme hoeveelheid werk geweest en dat is nog steeds zo eerlijk gezegd. We hebben het wel beter onder controle maar er vindt nog steeds heel veel werk plaats.”

Liep de productontwikkeling bij Unilever gewoon op normale wijze verder de afgelopen tijd? Of is dit minder of juist meer geworden?

“Het was zeker niet normaal. En ik denk dat mensen ook verrast zouden zijn als ik dat zou zeggen. Het was vrij snel duidelijk dat we onze R&D locaties en laboratoria niet volledig konden sluiten. Een aantal activiteiten moest doorlopen om die levering naar de markt te garanderen. In de eerste twee tot drie maanden hebben we op een minimale capaciteit gedraaid waarbij er denk ik maar 10% of zelfs minder mensen in onze gebouwen waren ten opzichte van voor corona. Waarbij we dus allerlei maatregelen hebben geïmplementeerd. Werknemers mochten ook enkel naar het gebouw komen om een experiment te doen, en moesten resultaten vervolgens thuis uitwerken.”

“Toen we op een gegeven moment beter onder controle kregen hoe we veilig zo’n R&D laboratorium konden draaien, zijn we heel langzaam de capaciteit een beetje gaan verhogen, waardoor dus ook een aantal experimenten op het vlak van innovaties door kon gaan. Opnieuw afhankelijk van het land natuurlijk. Als je nu kijkt naar Nederland zien we dat corona redelijk onder controle is, daar zijn we nu aan het kijken of we de capaciteit weer een stapje omhoog kunnen zetten.”

Hive-4-A1200x800

‘Een aantal activiteiten moest doorlopen om die levering naar de markt te garanderen.’

Carla Hilhorst – EVP R&D Unilever

Zijn geplande productintroducties gewoon doorgegaan of zijn deze uitgesteld door het coronavirus?

“Wisselend. We hebben introducties uit moeten stellen. Soms omdat we zelf een aantal werkzaamheden niet konden doen. We hebben bijvoorbeeld een heel aantal consumententesten niet meer kunnen doen. In een aantal gevallen hebben we ook fabrieksproeven niet kunnen doen omdat de capaciteit volledig nodig was om producten naar de markt te leveren. En in een aantal gevallen hebben de supermarkten aangegeven dat het niet het juiste moment was om nieuwe producten te lanceren. Tegelijkertijd hebben we ook voorbeelden waar we wel volgens planning nieuwe productintroducties hebben gedaan.”

Merken jullie blijvende veranderingen in het koop- en consumptiegedrag van de consument sinds de corona-uitbraak en hoe gaan jullie daar in de productontwikkeling van Unilever mee om?

Een gaande trend wordt nu versneld

“Ja dat zien we echt. Wat je natuurlijk in het grotere plaatje ziet is dat de tak die levert aan restaurants en horeca een enorme tik heeft gehad door corona. Dus je ziet dat daar ook de omzetten een stuk lager zijn. Tegelijkertijd zie je dat de omzet van supermarkten met tientallen procenten is gestegen. We zien dat het stukje take-away enorm is toegenomen. Veel horecabedrijven hebben gekeken naar andere afzetkanalen op het moment dat zij moesten sluiten. Daarnaast zien we bij consumenten een toenemend bewustzijn over de algehele gezondheid en dat je voedingspatroon daarbij toch wel een belangrijke rol speelt. Maar wat we ook zien is dat een trend die eigenlijk al gaande was nu versneld wordt, namelijk meer vegetarisch en meer plantaardig eten. We zien dat de groei op dat vlak zelfs nog hoger is dan voordat corona uitbrak.”

“Een andere verandering is E-commerce, dit heeft heel duidelijk een vlucht genomen. We verwachten absoluut niet dat dit weer teruggaat naar het niveau van voor corona. Heel veel mensen hebben dit nu omarmt en hebben het drempeltje genomen om E-commerce te gebruiken. En ik denk als laatste dat iedereen het er wel over eens is dat we een wereldwijde recessie ingaan. En dat betekent dat een heel groot deel van de consumenten weer zal gaan kijken naar waarde. Ze kijken wel degelijk naar het voordeel van een product en de daarbij horende waarde. En dat is ook wel waar we de komende periode in ons innovatieportfolio op moeten focussen en rekening mee moeten houden. Wat wij eigenlijk zien is dat trends die al gaande waren versnellen, en dat er daarnaast een aantal nieuwe dingen zijn die echt wel anders zijn dan voor corona. Blijvende trends zijn dus volgens ons: take-away, bewustzijn over gezond eten, meer plantaardig eten, E-commerce en belang van waarde.”

Unilever-Trends1

Zijn er in de productontwikkeling van Unilever blijvende veranderingen door het coronavirus?

“Jazeker. Na een week of 8 hebben we een stap teruggenomen. We hebben ons de vraag gesteld wat we zien gebeuren bij de consument, en zijn opnieuw gaan kijken naar onze innovatiepijplijn. We zijn aan het kijken wat we in sommige gevallen moeten versnellen, wat we misschien ook gewoon moeten parkeren en wat dingen zijn die we juist nu op moeten pakken. Dus we zijn een week of 6 geleden gestart met het herindelen van onze innovatiepijplijn. En dat is nog wel een proces wat loopt, ik denk dat we daar tot eind augustus mee bezig zijn. En dan hebben we onze plannen voor 2021 ook weer heel goed op de rit.”

Dat zal ook per land weer verschillen. Elk land heeft ook andere behoeften en andere veranderingen door corona?

“Dat klopt, dat is ook zo. Maar dat was voor corona ook wel zo. De wereld van voedingsmiddelen is zo cultuur gedreven. Smaken zijn heel erg afhankelijk van een cultuur. En daarmee is de rol van de producten die je op de markt brengt ook heel erg verschillend. De rol van een bouillonblokje in Amerika is heel anders dan de rol van een bouillonblokje in Zuid-Afrika of Nederland.”

Wat is jullie huidige focus binnen de Unilever R&D-afdeling? Wat zijn onderzoeksvragen waar jullie je nu mee bezig houden?

“Een belangrijk punt aangaande het foodsysteem is dat er veel spanning op het geheel zit. Iedereen realiseert zich wel dat er een verschuiving moet plaatsvinden in de hele manier waarop we voedsel verbouwen en voedsel eten. We zien dat er aan de productiekant spanning zit en dat we gewoon teveel vragen van de planeet. We zien de gevolgen van klimaatverandering en dat de manier waarop we voedsel produceren ook weer een bijdrage heeft aan klimaatverandering. Dus dat het heel belangrijk is om te veranderen. Maar we zien dat er aan de consumptiekant ook een aantal dingen niet duurzaam zijn. We hebben in de wereld twee miljard mensen die eigenlijk teveel energie binnenkrijgen. Tegelijkertijd hebben we 800 miljoen mensen die naar bed gaan met honger. Daarnaast zien we dat we over de gehele keten 30% van ons voedsel verspillen, zowel aan de productiekant als aan de consumptiekant. Dus daar moet nog wel het een en ander aan gebeuren. En wij denken dat we daar een bijdrage aan kunnen leveren omdat wij een van de grote spelers zijn aan de voedingskant.”

Hive-3-A1200x800
Hive, het innovatiecentrum van Univeler, voor corona. Nu dragen mensen binnen Hive mondkapjes.

“En als je dat vervolgens gaat vertalen naar de focusgebieden die wij hebben, dan kom je op de transitie naar plantaardig eten. Plantaardig op het vlak van zuivel- en vleesvervangers. Kijken naar gezonde en gebalanceerde voedingspatronen, het reduceren van suiker, zout en verzadigd vet. Daarvan hebben wij heel erg het gevoel dat we daar een bepaalde verantwoordelijkheid in moeten nemen. Dit is een traject waar we al meer dan 10 jaar mee bezig zijn. En tot slot houden we ons bezig met het versterken van producten, en dat krijgt ook echt wel een boost door corona. Daarbij focussen wij op een aantal belangrijke micronutriënten: vitamine A, vitamine D, jood, ijzer en zink. Maar we richten ons ook op minder gebruik van plastic en het gebruik van recyclebaar plastic. Zo zie je dat wij actief zijn op allerlei vlakken van productie, de consument, betere macro- en micronutriënten, de beweging naar plantaardig, maar ook eigenlijk allerlei activiteiten om te kijken hoe je nu eigenlijk de verspilling over de gehele keten kunt reduceren.”

Je geeft net al aan dat de switch naar plantaardig een gaande trend was die door corona alleen maar versneld is. Waar zijn jullie nu naar aan het kijken in het plantaardige assortiment?

“Er zijn daar een aantal dingen. Aan de ene kant de uitdaging om ervoor te zorgen dat je met verschillende plantaardige eiwitstromen een stukje flexibiliteit in je supply chain creëert. Dat je niet afhankelijk wordt van één specifieke eiwitstroom. Aan de andere kant blijft het een technologische uitdaging om het smaakprofiel op het juiste niveau te brengen. Wij hebben producten op de markt die het fantastisch goed doen, en tegelijkertijd weten we ook dat hier nog zoveel beweging in zit dat wij mee moeten blijven gaan met die beweging om ervoor te zorgen dat onze producten nog beter worden. Op het vlak van vleesvervangers zie je dat er verruiming van het assortiment optreedt. Je ziet ook dat met name de fast food ketens deze trend heel erg aan het omarmen zijn. En daarnaast zie je dingen als een ‘cleaner label’, dus een aantal ingrediënten uit die ingrediëntenlijst zien te krijgen die consumenten gewoon niet herkennen als een ingrediënt wat zij ook in hun keuken terugzien. Dus dat zijn denk ik wel echt uitdagingen die er liggen. Ontzettend interessant.”

Gaan we door corona minder vlees eten? ‘Het is wishful thinking dat corona leidt tot plantaardige transitie’

Een van de grootste commentaren is dat de meeste vleesvervangers die op de markt zijn heel erg bewerkt zijn. Hoe zien jullie dat?

“Ik weet dat dat een commentaar is. Er zijn zelfs een aantal experts die de mate van bewerking linken aan gezondheid. Dat is niet hoe wij ernaar kijken. Wij vinden dat het uiteindelijk gaat om de voedingswaarde van een product. En of dat product bewerkt is of niet heeft daar niet zo heel veel mee te maken. In werkelijkheid is dat geen juiste link om te maken. Je moet echt kijken naar de voedingswaarde van een product. Er zijn producten die niet bewerkt zijn die geen goede voedingswaarde hebben, er zijn ook producten die wel bewerkt zijn en een hele goede voedingswaarde hebben. Dus die link is niet helemaal juist in onze beleving.”

Bij het droge soepen assortiment waren jullie druk bezig met zoutreductie. Gaan jullie in meer categorieën aan productverbetering doen en zo ja welke producten en welke verbeteringen?

“Wij hebben een commitment gemaakt dat aan het eind van dit jaar 75% van ons voedingsmiddelenportfolio voldoet aan de wereldgezondheidsnorm van 5 gram zout per dag. Dus we hebben eigenlijk die norm gepakt en die vertaald naar al onze verschillende productcategorieën. Vervolgens hebben we al onze verschillende productcategorieën de doelstelling gegeven dat ze daarin moeten herformuleren. Dat betekent in sommige gevallen ook dat we nieuwe technologieën moesten ontwikkelen. Het is echt een traject waarin we enorm grote sprongen hebben gemaakt. Voor bepaalde vloeibare kruidenmixen hebben we 50% zoutverlaging doorgevoerd. We hebben ook recent nog in Brazilië een bouillonblokje zonder zout gelanceerd. Ook om een bewustzijn bij de consument te creëren van hoeveel zout je eigenlijk toevoegt aan je product.”

‘Er zijn producten die niet bewerkt zijn die geen goede voedingswaarde hebben, er zijn ook producten die wel bewerkt zijn en een hele goede voedingswaarde hebben.’

Carla Hilhorst – EVP R&D Unilever

Kijken jullie daarbij ook naar suiker en vet of enkel naar zout?

“We kijken eigenlijk naar vijf criteria bij productverbetering. Transvetzuren, zout, suiker, verzadigd vet en energieniveau. En ons streven is dat 60% van ons portfolio op volumebasis voldoet aan die totale voedingswaardestandaarden voor deze vijf criteria. En ik denk dat we daar eind 2020 niet mee gaan stoppen. Ik denk dat we dan de lat weer ietsje hoger gaan leggen. Die dialoog is op dit moment gaande intern, dus daar moeten we officieel nog een beslissing over nemen.”

Unilever-productverbetering-1

Dat zijn doelen die jullie zelf voor Unilever gesteld hebben. Houden jullie daarbij ook rekening met bijvoorbeeld een voorstel productverbetering vanuit VWS?

En wij wilden heel graag proactief zijn

“Wat we zien is dat de richtlijnen die er in de verschillende landen gegeven worden ongelooflijk verschillend kunnen zijn. We hebben daarom in 2005-2006 onze eigen interne standaarden gedefinieerd. Deze zijn een vertaalslag van de WHO zodat we binnen ons bedrijf op basis van één norm kunnen sturen. Komt er een bepaalde richtlijn, dan gaan we ons natuurlijk naar die richtlijn voegen. En in een heel aantal gevallen zien we dat onze eigen standaarden daar heel dicht in de buurt zitten of zelfs iets strenger zijn. Dat is hoe wij het hebben benaderd, want anders ben je altijd reactief. En wij wilden heel graag proactief zijn.”

Hilhorst geeft als afsluiting nog een belangrijke boodschap voor de voedingsindustrie om over na te denken. “Ik denk dat er steeds meer bewustzijn is van de noodzaak om ons voedselsysteem wereldwijd te transformeren. En dat is absoluut niet iets wat één organisatie alleen kan. Dat zullen we samen met partners moeten doen. En dat is echt een uitdaging die er voor de gehele voedingsindustrie ligt, en waar technologie een grote rol kan spelen.”