nieuws

Blog China: Beroepsconsumenten – meer dan een miljard voedselveiligheidsinspecteurs

Wetgeving & Toezicht

BLOG – Na het voedselveiligheids- en fraudeschandaal met melamine-melk in China, heeft het land haar levensmiddelenwetgeving drastisch op de schop genomen. De ontwikkelingen in de Chinese foodsector gaan snel. Bernd van der Meulen, hoogleraar Vergelijkend Levensmiddelenrecht aan Renmin University of China School of Law doet voor VMT verslag.

Blog China: Beroepsconsumenten – meer dan een miljard voedselveiligheidsinspecteurs
Bernd van der Meulen (foto: Purabi Bose)

We spreken in Nederland graag over rechten van de consument. Maar als we eerlijk zijn, dan is het met die rechten in het levensmiddelenrecht droevig gesteld. Onze NVWA (h)erkent de individuele consument niet als een belanghebbende die op grond van de Algemene wet bestuursrecht aanvragen mag doen om procedures te starten om handhavingsbesluiten te nemen. Van een recht op toegang tot het dossier of tot bezwaar en beroep tegen de beslissing wil de toezichthouder al helemaal niet weten. Via productaansprakelijkheid en het algemene consumentenrecht kunnen consumenten wel iets proberen tegen levensmiddelenbedrijven. Als zij daarbij hulp krijgen, dan zal dat eerder van de Autoriteit Consument en Markt (ACM) zijn, dan van de NVWA.

Monsterverbond

Dramatisch anders is de situatie in China. In China is de toezichthouder een monsterverbond met de consumenten aangegaan. Men heeft van de nood een deugd gemaakt. De nood is de ambitie om in dit grootste land van de wereld (qua inwonertal) een modern voedselveiligheidsniveau te realiseren, niet alleen in de internationale handel, maar ook voor elke inwoner. Volgens schattingen van de Verenigde Naties zijn dat er op dit moment rond de 1,42 miljard. De deugd is dat dit streven onder de bevolking breed wordt gedragen.

Chinese Voedselveiligheidswet

Het juridisch fundament onder deze ambitie is de Voedselveiligheidswet. Deze wet, vergelijkbaar met de Algemene Levensmiddelenverordening in de EU, is in 2009 na de melamine-crisis tot stand gebracht en in 2015 nog eens grondig herzien. De wet is gebaseerd op vier beginselen: preventie; risicobeheersing; ketenbeheersing en sociaal bestuur.

Het sociaal-bestuur-beginsel betekent dat de samenleving wordt ingeschakeld om de voedselveiligheidsdoelen te behalen. In dat kader kent de Voedselveiligheidswet een eigen recht toe aan consumenten om levensmiddelenbedrijven aan te pakken.

De wet bepaalt in een inmiddels berucht artikel 148 onder meer dat wanneer een ondernemer levensmiddelen produceert of distribueert wetende dat die niet voldoen aan de voedselveiligheidseisen, de consument bovenop vergoeding van de geleden schade een aanvullende vergoeding kan vorderen van hetzij tienmaal het betaalde bedrag of driemaal de geleden schade. Wanneer de aanvullende vergoeding minder zou bedragen dan 1.000 RMB, dan wordt zij verhoogd tot 1.000 RMB. Naar valuta komt dit bedrag ongeveer overeen met €125, naar koopkracht is het veel meer.

Bijverdienste

Het systeem is vanaf de eerste dag zeer succesvol gebleken. Zelfs in die mate dat het aan zijn eigen succes ten onder dreigt te gaan. Verschillende consumenten roken een buitenkansje op bijverdienste. Zij zijn gericht op zoek gegaan naar gebrekkige producten om deze in grote hoeveelheden in te slaan en dan tienmaal het betaalde bedrag terug te vorderen. Deze mensen worden wel smalend ‘beroepsconsumenten’ genoemd. Volgens onbevestigde berichten hebben zij het in het bijzonder op buitenlandse bedrijven gemunt. Bij buitenlandse bedrijven is enerzijds voor de klagers de kans op maatschappelijke repercussies het kleinst en anderzijds hebben die bedrijven een extra belang om niet negatief de aandacht van de autoriteiten op zich te vestigen. Liever betalen dus maar.

Etikettering

De rechter heeft er verschillende keren aan te pas moeten komen om de reikwijdte van de macht van de beroepsconsumenten te bepalen. Een zeer lezenswaardige analyse van de rechtspraak (in het Engels) is geschreven door Zheng Yu, Xiao Pinghui en Yang He (een wetenschapper geflankeerd door twee advocaten).[1] Hun analyse laat zien dat de beroepsconsumenten zich vooral richten op etikettering. Tienmaal vergoeding is onder meer toegekend in geval van: ontbreken van een Chineestalig label op geïmporteerde producten; ontbreken van een houdbaarheidsdatum; onjuiste houdbaarheidsvermelding en ontbrekende dan wel onjuiste ingrediëntendeclaraties of voedingswaarde informatie. De rechter heeft echter geweigerd vergoedingen toe te kennen bij ontwerpfouten van het etiket zoals onjuiste lettergrootte, ongebruikelijke vermelding van additieven; vermelding van niet toegestane additieven op het etiket in gevallen waarin die additieven in feite niet in het product aanwezig waren. Belangrijk is tenslotte dat vergoeding is geweigerd in gevallen van herhaalde aankoop van producten waarvoor de desbetreffende beroepsconsument al eens vergoeding had gekregen.

Het is niet gemakkelijk om de juiste rol voor de consument te vinden in het borgen van voedselveiligheid. In Nederland wordt de consument naar mijn mening beslist teveel buiten de deur gehouden. In China is men doorgeschoten naar het andere uiterste. De juiste balans ligt ergens in het midden. China is nu op zoek naar dat midden. Daar kan Nederland nog iets van opsteken.

Bernd van der Meulen www.berndvandermeulen.eu is directeur/consultant bij het European Institute for Food Law www.food-law.nl en parttime hoogleraar vergelijkend levensmiddelenrecht aan de juridische faculteit van Renmin universiteit in Beijing. Deze leerstoel is mogelijk gemaakt door het Program of Top-level Foreign Experts of the State Administration of Foreign Experts Affairs of the People’s Republic of China.

[1] Zheng Yu, Xiao Pinghui en Yang He, The flaws of food labels and the application of the punitive damages principle, hoofdstuk 24 in Altinay Urazbaeva (e.a.)(red.) The functional field of food law: Reconciling the market and human rights, Wageningen Academic Publishers 2019.

Reageer op dit artikel