nieuws

Conferentie Silicon Valley: welke hordes moeten vleesalternatieven nemen?

Wetgeving & Toezicht

KENNISPARTNER – Hoe ziet de toekomst van ons vlees eruit? Welke hordes moeten genomen worden om vleesvervangers of kweekvlees op de markt te brengen? Deze thema’s waren het onderwerp van de jaarlijkse conferentie van het Good Food Institute (GFI), die begin september plaatsvond in San Francisco.

Conferentie Silicon Valley: welke hordes moeten vleesalternatieven nemen?

GFI is een Amerikaanse non-profitorganisatie die met ondernemers, wetenschappers en investeerders samenwerkt met als doel “to make groundbreaking good food a reality”. GFI focust op de ontwikkeling van alternatieven voor dierlijke producten, bestaande uit plantaardige producten en producten vervaardigd met cellulaire technieken (‘kweekvlees’ of ‘kweekvis’).

Silicon Valley ook in EU

De onderwerpen die tijdens deze conferentie aan bod kwamen zijn ook relevant voor Europa. Zo adviseert in Nederland het Voedingscentrum tegenwoordig dat het voor de menselijke gezondheid beter is een meer plantaardig dieet te voeren dan tot nu toe het geval was. Zo zou het risico op hart- en vaatziekten afnemen bij een eetpatroon met minder vlees en meer volkoren graanproducten, peulvruchten, groenten, fruit en plantaardige vleesvervangers.

GFI-sessies: trending topics

In het land waar de Beyond Meat burger vandaan komt, werd erkend dat van een grootschalige doorbraak van vleesalternatieven nog geen sprake is. Titels van presentaties waren wat dat betreft veelzeggend: “Marketing to Meat Eaters: How to Reach the Other 95 Percent of American Consumers”, “Capitalizing on Change: How Investors Accelerate the Plant-Based and Cell-Based Industries” en “Adressing the Key Challenges in Commercializing Cell-Based Meat”. In de laatste sessie van het congres (“Cell-Based Meat Entrepreneurship”) waren JUST en Memphis Meats aan het woord, de bedrijven die naar verluidt ‘het dichtst bij de markt zitten’ met kweekvlees. Volgens JUST komen zij dit jaar met een kweekvleesburger naar de markt. Maar dat zeggen ze elk jaar.

Plantaardige vleesvervangers in de VS

Wat is er juridisch nodig om vleesalternatieven te kunnen verhandelen? Het begint natuurlijk bij de naam: hoe mag je deze producten noemen? Als basisregel geldt zowel in de VS als in de EU dat misleiding van de consument is verboden. Bij plantaardige producten wordt aan dit uitgangspunt in de VS op verschillende wijzen vormgegeven. Zo wordt de burger van Beyond Meat – die inmiddels ook in Nederland verkrijgbaar is- simpelweg aangeduid als de BEYOND BURGER en beschreven als “the world’s first plant-based burger that looks, cooks, and satisfies like beef….” Ook Impossible Foods refereert aan haar bedrijfsnaam bij haar IMPOSSIBLE BURGER. Dit product is in de EU nog niet op de markt, onder meer omdat het het eiwit leghomoglobine bevat, waarvan de regulatoire status in de EU niet geheel duidelijk is. Leghomoglobine wordt namelijk verkregen op basis van gefermenteerde gist, mogelijk met GMO-technieken. Morning Star ten slotte (“It easy eating green”), verwijst bij de verkoop van haar plantaardige burgers naar het smaakbepalende ingrediënt dat deze bevatten, bijvoorbeeld “mediterranean chickpea burgers” en “spicy black bean burgers”. Verwarring lijkt hier niet aan de orde.

Hoe zit dat in de EU? Het fameuze voorbeeld van de Vegetarische Slager

In de EU worden ondertussen ook steeds meer plantaardige vleesvervangers verkocht. Een van de bekendste voorbeelden van (vermeende) verwarring omtrent productbenamingen in Nederland, betrof het geval van de Vegetarische Slager. Eind 2017 sommeerde de NVWA dit bedrijf de etiketten van de producten ‘visvrije tonyn’, ‘kipstuckjes’ en ‘gerookte speckjes’ aan te passen, omdat deze misleidend zouden zijn. Achteraf bleek dat de kritiek alleen de informatie op de website betrof. De NVWA bood haar excuses aan en de Vegetarische Slager hoefde dus geen etiketten aan te passen.

Voorstel voor Vegaburgerverbod Europees Parlement

De volgende schokgolf had plaats op Europees niveau, toen in april dit jaar de Landbouwcommissie van het vorige Europese Parlement een voorstel aannam om het gebruik van vleesnamen voor plantaardige producten te verbieden. Op basis van dit voorstel zou het gebruik van onder meer de namen ‘steak’, ‘worst’, en ‘(ham)burger’ voor plantaardige producten niet langer mogelijk zijn. Inmiddels is er een nieuw Europees Parlement gekozen. Uit Brusselse bronnen is vernomen dat de nieuwe Landbouwcommissie het oude voorstel als uitgangspunt neemt voor een werkdocument. Er spannen echter zoveel krachten samen tegen het eerder beoogde verbod, dat de kansen dat dit er komt niet heel groot worden geacht. Argumenten tegen dit verbod luiden dat het innovatie in de EU zou remmen, consumentenrechten zou schaden en het simpelweg niet nodig zou zijn: consumenten raken niet zo snel in verwarring omtrent plantaardige vleesvervangers. Met de slogan “Stop het Vegaburgerverbod” lanceerde Pro Veg een petitie tegen dit verbod.

Kweekvlees in de US

Wereldwijd zijn er momenteel zo’n dertig bedrijven actief op het gebied van kweekvlees. De bedrijven die met hun innovaties het verst zijn gevorderd zijn gevestigd in de VS. Zo legt Memphis Meat zich toe op het ontwikkelen van rundvlees uit het lab. Dit bedrijf ontving investeringen van zowel bekende namen (Bill Gates, Richard Branson) als uit de ‘klassieke’ vleesindustrie (Tyson en Cargill). JUST legt zich toe op ontwikkeling van onder meer kippenvlees uit het lab. Het bedrijf lanceerde al eerder een eiervrije mayonaise, waarmee het overigens in aanraking kwam met de FBI. Volgende de geldende productstandaard voor mayonaise moet dit product namelijk wél eieren bevatten, anders kan het geen ‘mayonaise’ heten. Dit probleem werd opgelost door verwijdering van ‘mayonaise’ op het label. Het product wordt tegenwoordig aangeduid als ‘JUST Mayo’ (nader geïdentificeerd als een spread & dressing). Hoe kweekvlees in de US gaat heten is nog geen gelopen race. Wel hebben vijf bedrijven de handen ineengeslagen: zij vormen de zg. Alliance for Meat Poultry and Seafood Innovation om de toezichthoudende autoriteiten met één stem te benaderen. Ook heeft GFI een document ontwikkeld waarmee het consumenten vertrouwd wil maken met deze technologie. Ook worden daarin de resultaten van een marktonderzoek naar favoriete benamingen gepubliceerd. Vooralsnog staan ‘cultivated meat’ en ‘cultured meat’  bovenaan qua waardering (appeal) en accuratesse.

Kweekvlees in de EU

In de EU is het vooralsnog de vraag of kweekvlees eigenlijk ‘vlees’ kan heten. Het aantal argumenten voor en tegen houdt elkaar ongeveer in evenwicht. Het belangrijkste argument vóór luidt dat wanneer een product op moleculair en nutritioneel niveau identiek is aan vlees, producenten deze naam ook willen kunnen gebruiken. Daarnaast is gebruik van de aanduiding ‘vlees’ zeer functioneel voor de oriëntatie van de consument. Verder lijken er juridisch niet direct bezwaren te bestaan tegen het gebruik van ‘vlees’ voor kweekvlees, nu de Verordening Landbouwproducten geen specifieke productstandaard voor vlees bevat, dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld zuivelproducten. Argumenten tegen worden onder meer ontleend aan de Hygiëne Verordening. Deze verordening definieert ‘vlees’ namelijk als bepaalde delen van als landbouwhuisdier gehouden (hoef)dieren, waaronder runderen, varkens en geiten. Het is de vraag of een product verkregen op basis van een enkele cel afkomstig van zo’n hoefdier aan deze definitie voldoet. Verder refereert de Hygiëne Verordening op diverse plaatsen aan het slachten van bedoelde landbouwhuisdieren. Dat is bij kweekvlees natuurlijk ook niet aan de orde. Tot slot geldt dat bepaalde vleesbenamingen volgens specifieke Warenwetgeving aan specifieke voorschriften zijn onderworpen. Zo mag de benaming ‘tartaar’ bijvoorbeeld alleen worden gebruikt voor gehakt dat afkomstig is van runderen, met een vetgehalte van ten hoogste 10%.

Conclusie

De toekomst van ons vlees krijgt steeds meer vorm. Plantaardige vleesvervangers zijn al in groten getale op de markt en deze producten krijgen steeds meer schapruimte in de supermarkt. Voor die producten is de uitdaging die ruimte te houden. Voordat kweekvlees grootschalig verkrijgbaar is, zal nog de nodige tijd verstrijken. Naar verwachting zal ergens volgend jaar het eerste bedrijf een verzoek voor een Novel Food autorisatie indienen. Met het afronden van zo’n autorisatieprocedure zullen zo’n 18 – 24 maanden gemoeid zijn. Dan zijn we inmiddels in 2022. Dat lijkt voor de consument wellicht nog ver weg, maar de voorbereiding door de producent is al lang en breed een realiteit.

Auteur: Karin Verzijden, advocaat bij Axon Advocaten, kennispartner van VMT

 

Reageer op dit artikel