nieuws

Wetgevingsdeskundige: ‘Toon Foodwatch over EU-levensmiddelenwetgeving alarmistisch’

Wetgeving & Toezicht

Wetgevingsdeskundige: ‘Toon Foodwatch over EU-levensmiddelenwetgeving alarmistisch’

Foodwatch vindt dat de hervormingsplannen van de Europese Commissie (EC) om de Algemene Levensmiddelenverordening (ALV) van de EU (Verordening (EG) nr. 178/2002) te wijzigen niet ver genoeg gaan. Voedselschandalen blijven zich voordoen als de EC niet steviger hervormd, aldus de consumentenorganisatie. Jurist Bernd van der Meulen hekelt de paniekzaaierij van Foodwatch. “Het is belangrijk om ons te realiseren dat eten inherente risico’s kent.”

“Ik vind het jammer dat Foodwatch zo’n alarmistische toon kiest. Mijn indruk is dat in voedselveiligheid een hoger beschermingsniveau is bereikt dan in verkeersveiligheid. Het is wel belangrijk ons te realiseren dat eten inherente risico’s kent en dat we – inclusief consumenten – dus voortdurend zorgvuldig moeten zijn.”

Wetgevingsexpert Bernd van der Meulen is kritisch op Foodwatch. Die liet eerder op VMT.nl weten dat de fundamentele zwakheden van de Europese levensmiddelenwetgeving moeten worden weggewerkt. De consumentenorganisatie diende hiertoe acht specifieke eisen in.

Toch kan Van der Meulen zich deels vinden in de kritiek van Foodwatch op de ALV voor de EU.

Lees ook: Foodwatch eist 8 aanpassingen op levensmiddelenwetgeving; FNLI en expert reageren

Voedselinformatie

“Zelf schreef ik al in 2008 in het food law handbook dat het opvalt dat de Europese levensmiddelenwetgever wel handelt in het belang van consumenten. Ze helpt ze ook wel om economisch voor zichzelf op te komen zoals gebeurt met voedselinformatie. Maar de Europese wetgever voorziet consumenten niet of nauwelijks van juridische instrumenten.”

De wetgevingsexpert reageert op de acht eisen die Foodwatch stelt om de ALV vergaand te hervormen.

1) Traceerbaarheid – Artikel 18 van de ALV moet worden gehandhaafd op het niveau van de lidstaten.

Van der Meulen: “Dit staat gewoon in art. 17 GFL. Er is net een grote nieuwe verordening gepubliceerd met de bedoeling de handhaving te verbeteren. Handhaving kan altijd beter, maar je kunt in redelijkheid niet zeggen dat de EU er geen aandacht aan besteedt.”

2) Voorzorgsbeginsel – De toepassing van het voorzorgsbeginsel bij risicocommunicatie en risicomanagement en de goedkeuring van potentieel schadelijke stoffen, moet verplicht worden gesteld voor de Europese Commissie, EFSA en de autoriteiten van de lidstaten. Artikel 7 van de ALV moet hierop worden aangepast.

Van der Meulen: “Het voorzorgsbeginsel geeft aan dat autoriteiten in situaties waarin eigenlijk wetenschappelijk bewijs nodig is, in situaties van onzekerheid toch kunnen optreden ook al hebben zij niet het benodigde bewijs. Wetenschappelijke onzekerheid kan erg divers zijn en het is niet te voorspellen op welk punt welke onzekerheden zullen bestaan. Ik zie dan ook niet wat het zou kunnen betekenen als de wetgever zou zeggen dat het voorzorgbeginsel verplicht moet worden toegepast.”

3) Misleidende etikettering – Artikel 8 en 16 van de ALV moeten alle etiketten en productpresentaties die consumenten mogelijk kunnen misleiden expliciet verbieden. Momenteel is de misleiding van consumenten eerder regel dan uitzondering volgens Foodwatch, ondanks deze artikelen.

Van der Meulen: “Dit lijkt me eerder een woordenspel dan een serieus voorstel. Ik ben het ermee eens dat misleiding meer aandacht verdient. Dat lijkt me echter eerder een kwestie van handhaving dan van het veranderen van de wet. Als er al iets gedaan zou moeten worden, dan zou ik het eerder zoeken in de voedselinformatieverordening dan de GFL.”

4) Openbaarmakingsverplichtingen voor overheidsinstanties – Overheidsinstanties moeten worden verplicht om burgers onmiddellijk en uitgebreid te informeren (volledige transparantie), niet alleen wanneer er mogelijke gezondheidsrisico’s zijn, maar ook in het geval van fraude. Hiervoor moet artikel 10 worden gewijzigd.

Van der Meulen: “Art. 10 is al verplichtend geformuleerd. Als we zien hoe ruim het Hof van Justitie van de EU deze bepaling interpreteert (in de zaak Berger) dan denk ik niet dat er veel gevallen van fraude of misleiding zullen zijn, die niet worden gecoverd.”

5) Testverplichtingen voor bedrijven – Bedrijven moet worden verplicht om de kwaliteit en veiligheid van de producten die zij verkopen te testen. Via een amendement in artikel 19 kunnen verplichte testprogramma’s (met betrekking tot zowel voedselveiligheid als fraude) aan producenten en detailhandelaren worden opgelegd.

Van der Meulen: “Art. 19 GFL (over recalls) lijkt me niet de plaats om zoiets te regelen, maar eerder de hygieneregelgeving. Het lijkt me overigens een illusie te denken dat je hier veel mee kunt bereiken.”

6) Recht van de consument op informatie – Er is behoefte in de lidstaten en op EU-niveau aan effectieve wetgeving die individuele consumenten toegang geeft tot alle informatie van de overheid met betrekking tot voedsel. Hiervoor moet een artikel worden toegevoegd aan de ALV.

Van der Meulen: “Toegang tot overheidsinformatie is in de EU geregeld in Verordening 1049/2001 en in Nederland in de Wet openbaarheid van bestuur. Het is altijd een beetje trekken en duwen bij het uitvoeren van deze regelgeving. Ik zie echter geen goede reden om het in de food nog eens een keer apart te regelen.”

7) Recht van de consument om actie te ondernemen tegen bedrijven – Het is lastig voor consumenten om producenten aan te klagen vanwege de bewijslast, het financiële risico en de geringe individuele schade voor de consument. Systemen voor consumenten om samen actie te kunnen ondernemen bestaan amper. Deze zouden moeten worden opgenomen in de ALV. Daarnaast moet de ALV worden gewijzigd om de consumentenorganisaties het recht te geven om producenten aan te klagen wanneer zij niet voldoen aan de wettelijke vereisten.

Van der Meulen: “Dit is een beetje pleiten voor het eigen belang. Ik zou er voor zijn de rechten van consumenten te versterken. Dat zou dan ook ten goede komen aan consumentenorganisaties, maar dat lijkt me de juiste volgorde, niet andersom.”

8) Recht van de consument om actie te ondernemen tegen overheidsinstanties – DE ALV moet worden gewijzigd om organisaties het recht te geven om autoriteiten aan te klagen wanneer zij hun plicht tot handhaving van wetgeving niet nakomen. Daarnaast moeten consumentenorganisaties het recht krijgen om naar de rechtbank te stappen om secundaire wetgeving te laten toetsen met bovenliggende wetgeving.

Van der Meulen: “In principe bestaan deze mogelijkheden wel en ze zouden ook best iets kunnen worden versterkt, maar niet alleen in de food en de daarom dus ook niet in de GFL.”

Reageer op dit artikel