artikel

CEN-normen: Voedselfraude blijft hoog op de agenda

Voedselveiligheid & Kwaliteit

CEN-normen: Voedselfraude blijft hoog op de agenda

In opdracht van de Europese Commissie (EC) ontwikkelde de Europese normalisatieorganisatie (CEN) normen voor het meten van procescontaminanten. Ook is CEN onlangs gestart met het ontwikkelen van een aantal methoden voor het aantonen van voedselfraude en -authenticiteit. Een overzicht van de ontwikkelingen. Dit artikel is verschenen in VMT 11.

Er is nogal eens onduidelijkheid over de status van normen. Afspraken in de vorm van normen zijn nadrukkelijk geen wetten, het zijn eerder best practices. Iedereen kan er zijn voordeel mee doen, en in principe op vrijwillige basis. Normen dringen onnodige verscheidenheid terug en zorgen voor afstemming tussen producten, diensten en organisaties. Daarnaast zien gebruikers normen als een bron van informatie en bieden ze vaak toegang tot nationale, Europese of mondiale markten.

Garanderen voedselveiligheid

Een van de taken van de Europese Commissie (EC) is het garanderen van een hoog niveau van voedselveiligheid in de Europese Unie (EU). Dit gebeurt bijvoorbeeld door het vaststellen van maximumgehalten voor chemische stoffen en gevaarlijke micro-organismen die meestal onbedoeld in voedsel terecht kunnen komen. Voorbeelden van chemische stoffen zijn mycotoxinen in pinda’s en zware metalen (zoals cadmium, lood en kwik) in vlees en visserijproducten. Voorbeelden van ongewenste micro-organismen zijn salmonella, campylobacter en listeria. Europese wetgeving moet worden gehandhaafd. Dit betekent dat voedingsmiddelen moeten worden gecontroleerd op contaminanten en of de maximumgehalten daarvan niet worden overschreden.

De EC ontwikkelt deze controlemethoden meestal niet zelf, maar maakt vaak gebruik van Europees genormaliseerde analysemethoden van CEN. Wetgeving en normen vullen elkaar aan. De EC geeft regelmatig opdracht aan CEN voor het ontwikkelen van genormaliseerde analysemethoden vanwege Europese wetgeving (een zogeheten mandaat of standardization request). “De totstandkoming van CEN-normen met analysemethoden voor voedsel is van het hoogste belang om een uniforme toepassing en handhaving te garanderen van Europese wetgeving in alle lidstaten”, zo stelt de EC. “Genormaliseerde analysemethoden vormen een onmisbaar element in het garanderen van een hoog niveau van voedselveiligheid.” De CEN-normen worden hierdoor vaak gebruikt als ‘scheidsrechtermethode’ (‘dispute resolution method’).

Procescontaminanten in voeding

Wetgeving en normen vullen elkaar aan.

Een voorbeeld van zo’n opdracht is het mandaat dat de EC gaf aan CEN voor het ontwikkelen en valideren van een aantal methoden voor de bepaling van procescontaminanten in voeding. Het werk is inmiddels afgerond en de normen zijn beschikbaar (zie tabel 1). Het gaat om methoden voor de bepaling van 3-MCPD (in oliën en vetten), polycyclisch aromatische koolwaterstof/PAK (in onder andere olijfolie, gerookte vis en voedingssupplementen), acrylamide (in onder andere chips, friet, brood en koekjes), furaan (in ko‘e), ethylcarbamaat (in cognac en likeur), benzeen (in kindervoeding, vruchten- en groentesap) en melamine (in diverse zuivelproducten). Er is ook een norm voor de bepaling van minerale oliën (MOSH, MOAH) in voeding. Een onderwerp dat recent nog in het nieuws was door een publicatie van voedselwaakhond Foodwatch over de mogelijke aanwezigheid van minerale oliën in babymelkproducten.

Een groot voordeel voor de gebruiker van deze normen is de uniformiteit en het feit dat ze breed gedragen zijn. Bij het gebruik van meerdere, verschillende methoden zullen de analyseresultaten een grotere variatie vertonen. Dat leidt vaak tot discussies over wat het juiste resultaat is en wie gelijk heeft. Daarnaast is de validiteit van de methoden in deze normen Europees bewezen, terwijl dit van ‘eigen’ methoden vaak moet worden aangetoond. Dat kan veel werk opleveren. CEN is in gesprek met de EC over een vervolgmandaat op de hiervoor genoemde opdracht. De nieuwe opdracht omvat nieuwe CEN-normen voor glycidyl en 3-MCPD-esters, acrylamide, furaan/methylfuranen en PAK’s. Maar dan voor andere producten en/of gehalten, in overeenstemming met de laatste ontwikkelingen in de EU-wetgeving.


Normen

Normen zijn afspraken die belanghebbenden maken over een product, dienst of systeem. Normalisatie is het proces om een norm te maken. Het doel van deze afspraken is om te komen tot efficiënte, veilige, gezonde, duurzame en betrouwbare producten in de agrofoodsector. Voor Nederland is NEN de toegang tot nationale (NEN), Europese (CEN) en internationale normalisatie (ISO). CEN-normen zijn belangrijk bij het handhaven van de voedselveiligheid in Europa.


Voedselauthenticiteit en -fraude

Wat in de agrofoodsector ook hoog op de agenda blijft staan is voedselfraude. Het paardenvleesschandaal en de affaire met melamine in Chinese babyvoeding zijn alweer enige tijd geleden, maar voor de voedingsmiddelenindustrie zijn ze een waar schrikbeeld. Dat nooit meer. Dit verklaart dat binnen ISO en CEN het aantal normen (voor het aantonen van) voedselauthenticiteit en fraude toeneemt.

Binnen ISO zijn bijvoorbeeld twee nieuwe methoden voor meat speciation ontwikkeld, waarmee de gebruiker kan bepalen van welke diersoort het vlees aŠomstig is. Ook CEN heeft het onderwerp opgepakt. In juni is het werk op Europees niveau van start gegaan met de oprichtingsvergadering van een nieuwe technische commissie, CEN/TC 460 Food authenticity (zie tabel 2). De commissie gaat werken aan detectiemethoden voor authenticiteit. Europese experts, ook uit Nederland, kunnen meewerken via NEN, het Nederlands normalisatie-instituut.

Voedselfraude blijft hoog op de agenda staan.

 

Targeted en non-targeted

Het doel is om Europese normen (EN) te ontwikkelen met analytische methoden waarmee de echtheid van voedingsmiddelen kan worden vastgesteld. De commissie richt zich in eerste instantie op producten waar nog geen CEN-commissies voor bestaan, zoals ko•e, ko•eproducten, honing en andere bijenproducten. Maar ook vlees, vis, kruiden en specerijen worden overwogen. Aan onderwerpen als granen, oliën en vetten, cacao en melk(producten) kan ook gewerkt worden, maar uitsluitend in overleg met de bestaande, daarvoor verantwoordelijke CEN-commissie. De nieuwe technische commissie, CEN/TC 460, heeft werkgroepen opgericht die zich specifiek richten op de verschillende analysetechnieken die kunnen worden ingezet. Bijvoorbeeld kernspinresonantie (NMR), MALDI-TOF, spectroscopie (NIR, FT-IR) en isotoopanalyse (IR-MS).

De methoden moeten in principe gevalideerd zijn. Bij analysemethoden die voor voedselfraude worden ingezet, zijn targeted en non-targeted methods te onderscheiden. De eerste groep zijn methoden waarmee heel gericht naar één component wordt gekeken om een uitspraak over de echtheid van het product te doen. Voorbeelden zijn de bepaling van het eiwitgehalte van melk of het vochtgehalte van vlees. Bij de non-targeted methods wordt een uitspraak gedaan over de echtheid op basis van de analyse van meerdere eigenschappen van een product. De validatie van non-targeted-methoden kan op verschillende manieren worden uitgevoerd. Normalisatie is hier gewenst. CEN/TC 460 overweegt de oprichting van een aparte werkgroep die voor dit onderwerp een norm gaat opstellen (werkgroep 5).


Bijeenkomst

Om Nederlandse stakeholders in staat te stellen om op Europees niveau mee te werken aan de ontwikkeling van normen, wil NEN een nationale schaduwcommissie oprichten. Op 21 november zijn geïnteresseerde partijen welkom op een (gratis) informatiebijeenkomst bij NEN in Delft. Aanmelden kan via afc@nen.nl.


Marcel de Vreeze, consultant bij NEN AgroFood & Consument, Marcel.deVreeze@nen.nl

Reageer op dit artikel