artikel

Met vacuümtechnologie water besparen en reststromen verwaarden

Technologie & Techniek

Door reststromen direct aan de productiemachines op te zuigen met een vacuümsysteem, kan de voedingsmiddelenindustrie veel water besparen. Ook is het zo makkelijker een nuttige bestemming te vinden voor restanten die nu met het afvalwater verdwijnen. Het Europese onderzoeksproject BioSuck laat de potentie van vacuümtechnologie zien.

Met vacuümtechnologie water besparen en reststromen verwaarden

“Voor een applicatie hebben we berekend dat het betreffende bedrijf makkelijk een miljoen euro per jaar kon besparen door over te stappen op vacuüm-technologie”, vertelt Markus Bayer. De salesmanager van de Aqseptence Group in het Duitse Hanau was met zijn bedrijf een van de partners in het BioSuck-project dat zorgt voor de verwaarding van reststromen en waterbesparing.

BioSuck

De kostenbesparing werd berekend met een binnen BioSuck ontworpen beslissingsondersteuningssysteem, gebaseerd op Excel. “In het hoofdmenu voer je de details in over de hoeveelheid water in het bedrijf. Bijvoorbeeld de hoeveelheid afvalwater, de grootte van het aandeel hoog-vervuild en laag-vervuild water, de concentraties en aard van de besmettingen, en waar en wanneer het afvalwater ontstaat”, zegt Frederik Maurer van IWR in Keulen.

Dit ingenieursbureau is ook een partner in het project. De uitkomst is de potentiële kostenbesparing als het bedrijf gebruik zou maken van vacuümafzuigsystemen.

Vacuümtechnologie

“Waterbesparingen tot wel zeventig procent zijn dan mogelijk”, aldus Bayer. De investeringskosten schat hij op 200.000 tot 1 miljoen euro, afhankelijk van de situatie en toepassing.Gebruikelijk in de voedingsmiddelensector zijn afvoersystemen gebaseerd op zwaartekracht, waarbij restanten en water aan de onderkant van de machines via goten of door de vloer worden afgevoerd, en/of systemen waarbij met relatief veel water wordt gespoeld. In het BioSuck-project is gekeken naar het met vacuümbuizen afzuigen van restanten en water.

Wanneer wel of geen vacuümtechnologie

Deze technologie is geschikt voor bedrijven:

• met een geïntegreerd cleaning in place-proces;

• met hoog-vervuild afvalwater of reststromen;

• met chemicaliën die uit het afvalwater moeten worden verwijderd;• met een gebrek aan drinkwater of hoge drinkwaterkosten;• die afvalwater als grondstof willen gebruiken en/of grondstofcycli willen sluiten.

Deze buizen zijn 50 tot 140 mm dik, afhankelijk van de toepassing. Ze worden direct gekoppeld aan de productiemachines en gaan via het plafond van de productieruimte naar een centraal vacuümstation. De verschillende stromen kunnen zo nodig verder worden gesorteerd, gefiltreerd en hergebruikt.

Reststromen

De reststromen worden apart afgezogen en niet gemengd met water, afval, en reinigings- en desinfectiemiddelen. Daardoor zijn waardevolle componenten in zo’n stroom beter te benutten. Andere voordelen zijn onder meer het vereenvoudigen van het nuttig hergebruik als grondstof voor bio-energie en de reductie van watergebruik.

Visverwerker

Leverancier van deze vacuümtechnologie is de Aqseptence Group. “Een van de bedrijven die een vragenlijst heeft ingevuld voor het opzetten van het beslissingsondersteuningssysteem was een Noorse visverwerker”, vertelt Bayer. “Zij hebben veel visbloed als reststroom. Het bedrijf zet een grote hoeveelheid mengsel van water en schoonmaakmiddel in om het bloed af te voeren. Daardoor zijn waardevolle bloedeiwitten lastig te gebruiken. Met ons systeem kun je het bloed apart afzuigen, zodat het in zuivere staat kan worden verkocht. Er is geen kruisbesmetting. Ook heb je geen water nodig voor het spoelen.”

Volgens Bayer kan een voedselproducent technisch gezien relatief eenvoudig overstappen op vacuümtechnologie. Het bestaande afvoersysteem wordt afgesloten. Daarvoor in de plaats komt nieuwe bebuizing, een centraal vacuümstation met een vacuümpomp en een aansluiting van het systeem op de bestaande machines. Met het berekende besparingspotentieel zijn de investeringskosten snel terugverdiend. Desondanks zijn er nog weinig geïnteresseerden voor een grootschalige aanpak.

Focus productieproces

Bayer: “Dat komt doordat de verantwoordelijken in productiebedrijven gefocust zijn op het productieproces en de -machines. Ze houden zich liever niet met afval-water bezig, dat is lastig. Daarnaast vertrouwen ze de technologie nog niet: die is nieuw en onbekend.”

Vandaar dat voor het BioSuck-project het beslissingsondersteuningssysteem is ontwikkeld dat bedrijven de besparingen toont als ze overstappen.Zeer hygiënisch. Voorbeelden van plekken waar vacuümtechnologie wel wordt ingezet, zijn ziekenhuizen en laboratoria.

FrieslandCampina

Daar worden vacuümafvoersystemen gebruikt voor de afvoer van gevaarlijk en hoog-besmet afval. Zo’n systeem is namelijk helemaal gesloten en zeer hygiënisch, stelt Bayer. “Als je een lekkage hebt, zal er nooit afval naar buiten lekken. Je hoort dan al- leen dat de pomp harder moet werken.”

Een Duitse zuivelfabriek van FrieslandCampina gebruikt de vacuümtechnologie specifiek voor zijn toiletten, om ontlasting gescheiden af te voeren naar de gemeentelijke waterzuivering.

“Die fabriek heeft een eigen waterzuiveringsinstallatie en wil die niet belasten met menselijke ontlasting. Daarom scheidt dat bedrijf het industriële afvalwater van het afvalwater van de toiletten.”

Ook zette Aqseptence een kleine vacuüminstallatie neer voor een eiwitproducent. De installatie is in gebruik in de productie, maar er zijn geen resultaten bekend over de werking.

Partners BioSuckproject

Het Europese BioSuck-project (2016-2018) had de volgende partners: Fraunhofer-Gesell-schaft (Duitse onderzoeks organisatie) de NTNU (Norwegian University of Science and Technology), ingenieursbureau IWR, Institute for Ecology of Industrial Areas (Polen) en de Aqseptence Group. Meer informatie: biosuck.eu en youtube.com (‘Roediger Vacuum Industrial Technology and Sanitary System’)

Afvalwater

De partners in het BioSuck-project werken intussen aan een nieuw Europees initiatief om de vacuümtechnologie grootschalig in te zetten en verder te ontwikkelen voor voedingsmiddelenbedrijven.

Bayer: “Het is belangrijk dat we ons afvalwater en onze reststromen als grondstof gaan zien. Ook moeten we meer toekomstgericht gaan denken. Daarbij moeten we ons niet alleen met de CO2-uitstoot bezighouden, maar ook met ons water.”

Reageer op dit artikel