artikel

Grolsch is groen omdat het kan

Duurzaamheid & MVO

Grolsch is groen omdat het kan

De overname door Asahi nadert met rasse schreden, maar Grolsch gaat onverdroten verder waar het mee bezig is. Met het duurzaamheidsbeleid bijvoorbeeld, een belangrijk onderdeel.

De bierbrouwer produceert bijna geen afval meer en werkt hard aan de reductie van het water- en energieverbruik. Toch blijft duurzaamheid bijzaak. “We zijn hier niet alleen om de wereld te verbeteren”, zegt Koert van ‘t Hof, manager Corporate Affairs.

De vlag van SABMiller wappert begin augustus nog altijd fier bij de Grolschbrouwerij in Enschede. Vanaf 10 oktober zal dat naar verwachting die van het Japanse Asahi zijn, dat Grolsch dan officieel van de Zuid-Afrikanen overneemt. De medewerkers van het oer- Hollandse Grolsch blijven er nuchter onder. Van een gespannen sfeer vanwege de eventuele veranderingen die komen gaan, is dan ook geen sprake. “Als je op hun (Asahi, red.) website kijkt, kun je afleiden dat de duurzaamheidsdoelstellingen ongeveer gelijk zullen blijven”, zegt Koert van ’t Hof, manager Corporate Affairs bij Grolsch. Hij is blij met de Japanners als toekomstige nieuwe eigenaren, want Grolsch had ook naar een private-equitypartij kunnen gaan. “Pas na 10 oktober kunnen we met elkaar om de tafel gaan. Nu zijn we gewoon nog concurrenten en nog steeds onderdeel van SABMiller.”

Duurzaamheidsbeleid

Als onderdeel van de Zuid-Afrikaanse multinational is Grolsch verantwoordelijk voor de eigen thuismarkt en export. Dat zal zo blijven onder Asahi, verwacht Van ’t Hof. Dat geldt ook voor het duurzaamheidsbeleid, waarin bijvoorbeeld CO2– en afvalreductie belangrijke speerpunten zijn. Zo dekt het zelfopgewekte biogas uit de afvalwaterzuiveringsinstallatie een kwart van de warmtebehoefte in de brouwerij. Daarmee produceert de brouwer 18 procent van de totale energiebehoefte zelf.

Ook gebruikt Grolsch 19 procent duurzame elektriciteit, die het extern inkoopt. Had dat niet meer moeten zijn? “Onze visie is altijd geweest: eerst het energieverbruik reduceren en daarna verduurzamen”, reageert manager Engineering Susan Ladrak, die samen met haar team van tien technologen werkt aan de verdere verduurzaming van de brouwerij. De afgelopen vijf jaar verminderde het energieverbruik met 20 procent. Het doel is 30 procent reductie in 2020 ten opzichte van 2008. “Daarop ligt onze focus.”

Waterverbruik

Een ander aandachtspunt is water. Grolsch gebruikt 3,5 hectoliter water om één hectoliter bier te brouwen. Vergeleken met 2008 met 4,6 hectoliter per liter bier een verbetering van 24 procent, maar helaas ten opzichte van vorig jaar een verslechtering. In 2015 bedroeg dat namelijk 3,35 hectoliter per hectoliter bier. Het gemiddelde waterverbruik van SABMiller als geheel – het financieel jaar 2016 loopt van april 2015 tot maart 2016 – ligt op 3,2 hectoliter. De Nederlandse biermaker lijkt dus ondermaats te presteren. Dit is echter een vertekend beeld, benadrukt Ladrak. Alle brouwerijen worden op één hoop gegooid, terwijl Grolsch een relatief complexe brouwerij is: veel biersoorten en veel verschillende verpakkingen. Ook heeft Grolsch te maken met statiegeldflesjes die allemaal gereinigd moeten worden. De meeste landen kennen geen retoursysteem en gebruiken dus minder water, aldus Ladrak. Bovendien betekent meer biersoorten dat vaker reinigen van tanks, leidingen en de productielijnen nodig is, met hoger waterverbruik tot gevolg.

Goedkeuring voor investeringen in optimalisaties om het waterverbruik te reduceren, is niet makkelijk te verkrijgen omdat water in Nederland relatief goedkoop is. “We hebben te maken met lange terugverdientijden tot soms wel vijftien jaar”, geeft Van ’t Hof aan. “Er wordt dus selectief geïnvesteerd.” Bij investeringen in energiereductie heeft de brouwer te maken met kortere terugverdientijden. “We kiezen dus voor duurzaamheid met de gunstigste commerciële output. We kunnen ons geld immers maar één keer uit geven.”

Investeringen duurzaamheid

De Twentse bierbrouwer hanteert prioriteitenlijsten voor investeringen in verduurzaming. Niet alleen de terugverdientijd speelt een belangrijke rol, maar ook waar het beste resultaat – met andere woorden: de grootste besparingen – te behalen is. Zo besloot Grolsch te investeren in een extra warmtewisselaar voor de CO2-productie- installatie, die jaarlijks 250.000 kilowattuur aan stroom bespaart, maar wel een terugverdientijd heeft van ongeveer acht jaar. “We deden deze investering dus vanwege de grote besparing. Er moet een balans zijn tussen kleine en simpele projecten en grote en complexe.” Ladrak en haar team werken nu aan vervanging van motor en besturing van de compressoren van de koelinstallatie om zo de werking ervan te optimaliseren. “Dit gaat een besparing van 150.000 kilowattuur per jaar opleveren.” Hoewel geld steken in waterreductie minder prioriteit heeft, wil dat nog niet zeggen dat er helemaal niets gebeurt op dat gebied. Het begint eigenlijk al op de werkvloer, weet Ladrak. Het gaat dan om zaken als lekkages oplossen en juiste machine-instellingen borgen. “Water is goed zichtbaar. Daar is dus makkelijk op te besparen.” Zo liep er een project voor het optimaliseren van spoelmachines, waarbij werd gekeken naar isolatie en verbetering van instellingen. “We wisten het waterverbruik met 15 procent te verminderen. Minder water houdt ook in dat er minder warmte nodig is voor de machines.”

Betrokkenheid medewerkers

Grolsch heeft de hulp van zijn medewerkers hard nodig om te verduurzamen. Het bedrijf probeert hen met ludieke acties en competities te motiveren. Zo is er een aantal jaren een warme-truiendag georganiseerd, waarbij de thermostaat een paar graden lager werd gezet. Anderhalf jaar geleden schreef de bierbrouwer zelfs een groene competitie uit met bijbehorende awards. Dit resulteerde onder andere in een duurzamere inspectiemachine. “Dat is zo’n machine waar je meerdere keren per dag langsloopt zonder er aandacht aan te besteden.” Een goed idee van een medewerker werd omgezet in een software-aanpassing, waardoor het waterverbruik van de machine halveerde.

Grolsch scoort goed op hergebruik van afval: 99,8 procent van de in de brouwerij verbruikte materialen wordt hergebruikt. Bierborstel wordt bijvoorbeeld gebruikt om veevoer te maken voor boeren, papierafval gaat weer naar de bakstenenindustrie en gist naar de farmaceutische industrie. Op niet alle gebieden maakt Grolsch bewust even grote verduurzamingsstappen. Zo wordt nog geen gebruik gemaakt van zonne- en windenergie. “We hebben het hierover gehad, maar we zijn nog niet zover”, zegt Van ‘t Hof. Sommige zaken zijn domweg ook niet mogelijk. Bijvoorbeeld grondstoffen kopen uit de regio, zoals het kleinere Gulpener doet. “Graan uit de regio halen kan alleen als je klein bent.” Ladrak voegt eraan toe dat Grolsch niet alles zelf hoeft te doen, maar kan samenwerken in de keten om verduurzaming aan te jagen. Zo zijn er contacten met afvalwerker Twence die energie wint uit afval. “Wellicht kunnen we met hen tot een duurzamere warmtevoorziening komen voor de brouwerij.”

Duurzaamheidsindustrie

Dat duurzaamheid bij veel voedingsbedrijven steeds hoger op de agenda staat, vindt Van ’t Hof een goede ontwikkeling. Alleen hekelt hij de hele industrie die rondom het thema duurzaamheid is ontstaan. “Er is in mijn ogen vaak sprake van gebakken lucht en er wordt als het ware een hype omheen gecreëerd, terwijl Grolsch het belangrijk vindt dat zijn duurzaamheidsbeleid ook authentiek is en veelal gedreven door de principes die we al 400 jaar hanteren. Dat zijn vakmanschap, karakter en zorg voor het beste product, de mensen en de om geving.” Met het onderwerp duurzaamheid wordt veel te gekunsteld omgegaan, vindt Van ’t Hof. “We zijn groen omdat we dit kunnen en willen zijn. Niet omdat het moet. Er moet in de eerste plaats geld verdiend worden.” Grolsch wil verdere duurzaamheidsstappen blijven maken, maar bekijkt een begrip als circulaire economie wel in de businesscontext. “We zijn een bierbrouwer en dat willen we zo verantwoord mogelijk doen. Maar we zijn er niet om de wereld te verbeteren.”

Vijf speerpunten

Grolsch’ duurzaamheidsbeleid kent vijf speerpunten:

  1. sociale en economische groei stimuleren;
  2. verantwoord alcoholgebruik bevorderen;
  3. beschikbaarheid van water veiligstellen en verbruik ervan reduceren;
  4. CO2-uitstoot en afval reduceren;
  5. Duurzaam gebruik van landbouwgronden verbeteren.

Water en energie: tandje bijschakelen

Reductie van het energieverbruik bij Grolsch in Enschede laat wisselende resultaten zien.

Zo bedroeg de gemiddelde CO2-uitstoot van SABMiller in het financiële jaar 2016 (F16) 8,9 kg CO2 e/hl. Grolsch lag daar met 5,54 kg CO2 e/hl onder. Maar bij de CO2-uitstoot van verpakkingen doet Grolsch het weer minder goed dan de gemiddelde score van het moederbedrijf: 17,6 kg CO2 e/hl versus 20 kg CO2 e/hl. In F16 is het helaas niet alle afdelingen gelukt te besparen op energie, meldt Grolsch in zijn duurzaamheidsverslag van 2016 (april 2015-maart 2016). Hierdoor kwam het energieverbruik uit op 91,6 MJ/per hectoliter bier in F16 versus 89,6 MJ/ per hectoliter. Een klein verschil dat Grolsch voor een groot deel wijt aan de uitvoering van het SABMiller Global Template, dat beoogt de operationele processen efficiënter en minder complex te maken en de kwaliteit van de informatie te verbeteren. Om de ambitieuze doelstelling van 2020 te halen, een energiereductie van 30 procent vergeleken met 2008, moet Grolsch naar eigen zeggen een tandje bijschakelen. Dat zal ook moeten gebeuren bij de vermindering van waterverbruik. Het gemiddelde waterverbruik ligt in F16 op 3,5 hectoliter water per hectoliter bier, terwijl het algehele SABMiller-gemiddelde 3,2 hectoliter water per hectoliter bier bedraagt. Het is Grolsch’ doel om in 2020 nog maar 3 hectoliter water per hectoliter bier te gebruiken.

Reageer op dit artikel