artikel

Etiket niet langer bron van waarheid

Algemeen

Etiket niet langer bron van waarheid

Productinformatie is in de gedigitaliseerde wereld een enorme uitdaging voor fabrikanten. Want wie beschikt over de recentste receptuur, voedingswaarden, allergenen en ingrediënten? Deze informatie centraal bijhouden is net zo’n uitdaging als deze data beschikbaar stellen aan alle externe partijen. Maar onmogelijk is het zeker niet. Dit artikel is verschenen in VMT 7 van 1 juni 2018.

Nog niet zo heel lang geleden waren productlabels een soort onomstotelijke bron van waarheid. Als het op het etiket stond, kon je ervan uitgaan dat het klopte. Overigens gold dat voor zowel producenten en retailers als consumenten; wie informatie zocht over ingrediënten, voedingswaarden of allergenen, hoefde alleen maar even het etiket te lezen. Met de komst van de Verordening (EU) nr. 1169/2011 is daar definitief een einde aan ge komen. Deze Europese wetgeving schrijft voor dat klanten altijd toegang moeten hebben tot informatie over voedingswaarden, allergenen en ingrediënten. Die informatie moet ‘duidelijk en accuraat’ worden weergegeven. Dat geldt niet alleen voor verpakte producten in de schappen van de supermarkt, maar ook voor voedingsmiddelen die worden verwerkt door cateraars en de horeca en voor producten die online worden verkocht.

Strengere eisen

Een belangrijk gevolg van deze wetgeving voor voedselfabrikanten is dat er niet alleen strengere eisen worden gesteld aan de informatievoorziening, maar dat het format ook kan verschillen. Dat is afhankelijk van het kanaal waaraan wordt geleverd. En dan hebben we het niet eens over de verschillen tussen de landen. Waar je in Europa te maken hebt met Verordening (EU) 1169/ 2011, heeft elk ander land vaak weer zijn eigen wet- en regelgeving of policies, zoals de front-label nutrition facts labels in het Verenigd Koninkrijk. En fabrikanten zijn verplicht om de meest recente productinformatie beschikbaar te stellen bij elk verkooppunt, dus zowel in de supermarkt als in de kantine of het restaurant waarin hun product wordt gebruikt.

Datapools

Een verhaal apart weer zijn datapools, die het leven van voedselfabrikanten ook niet bepaald eenvoudiger maken. Elke datapool heeft zijn eigen format waarin informatie moet worden aangeleverd. Zo vereisen sommige datapools of retailers dat fabrikanten de herkomst van alle ingrediënten vermelden – iets wat niet standaard op het etiket wordt vermeld. Andere datapools werken met checklists, waarbij fabrikanten geacht worden om aan te vinken welke allergenen wel of niet van toepassing zijn op hun product voor elk product, terwijl in andere gevallen alleen de allergeeninformatie mag worden aangeleverd die expliciet op het etiket staat. Retailers eisen ook steeds meer informatie over producten. Dit is iets wat ze voor privatelabelproducten kunnen afdwingen bij leveranciers, maar ook op fabrikanten van A-merkproducten ligt steeds meer druk om veel informatie aan te leveren. En dan hebben we het niet eens over de complexe situatie wanneer een bedrijf zowel private label als eigen merken voert. Dit is vooral een uitdaging bij de verkoop van producten in verschillende verpakkingsformaten, waarbij elk product dezelfde in houd heeft qua receptuur. De kleine varianten daarvan kunnen veel minder informatie tonen op het label dan de XL-verpakkingen, puur om dat de beschikbare oppervlakte kleiner is. Er is dus niet langer een bron en versie van waarheid. Elk kanaal hanteert zo zijn eigen eisen aan productinformatie. Daar komt nog bij dat deze eisen ook steeds lijken te veranderen. De Nederlandse regering overweegt bijvoorbeeld om een stoplichtsysteem in te voeren op etiketten, waarbij fabrikanten met groen, oranje of rood aangeven of er (te) veel of juist weinig vet of suiker bijvoorbeeld in producten zit. Het etiket als de bron van waarheid is dus verleden tijd. Van fabrikanten wordt verwacht dat ze veel meer informatie kunnen leveren over hun producten dan ze ooit op een label kwijt zullen kunnen. En voor elk kanaal gelden weer andere manieren van aanleveren. Gevolg hiervan is dat fabrikanten steeds meer tijd en energie moeten stoppen in het bijhouden en delen van de meest actuele productinformatie. Zonder een centrale database worden deze data vaak overal en nergens bijgehouden in losse spreadsheets en systemen als PIM, DAM en PLM. Elke afdeling heeft haar eigen bron van informatie. Medewerkers zijn hierdoor veel tijd kwijt om de meest recente informatie te zoeken die ze kunnen delen met de buitenwereld. Hoe kun je er nog voor zorgen dat er wel een bron van waarheid bestaat die al deze kanalen kan voeden? Daarvoor zijn twee stappen nodig.

Stap 1: voeg een basisinformatielaag toe

De situatie die hiervoor wordt beschreven, is in wezen een procesuitdaging die op te lossen is met technologie. Fabrikanten willen een centrale bron van waarheid die alle informatie over producten bevat. Als er ook maar iets verandert in hun producten, zoals een kleine aanpassing in de receptuur, dan moet die verandering automatisch worden doorgevoerd in alle spreadsheets en op de etiketten en moet die verandering worden doorgegeven aan alle externe kanalen – retail, e-commerce, datapools – en in het juiste format. Hoe is dit in een proces te gieten, zonder dat dit een ongelooflijk grote werklast met zich meebrengt voor de medewerkers die hiervoor verantwoordelijk zijn? Stap een is onderscheid maken tussen twee processen, namelijk productontwikkeling en het beheer van productinformatie. Hoewel deze twee processen veel met elkaar te maken hebben, zijn het in wezen twee verschillende trajecten. Het onderscheid is te maken door in de IT-omgeving een basisinformatielaag aan te maken die alle foodlabelinformatie centraal registreert – van receptuur tot allergenen, voedingswaarden, ingrediënten en hun herkomst. Zorg ervoor dat alle informatie die mogelijkerwijs door externe partijen en kanalen kan worden opgevraagd, beschikbaar is in dit systeem en dat deze voldoet aan wet- en regelgeving en standaarden, zoals Verordening (EU) 1169/ 2011 maar ook GS1. Is deze basisinformatielaag eenmaal op orde, dan is het ook minder bewerkelijk om wijzigingen door te voeren. Verandert de receptuur van een product? Dan kan de productinformatie worden bijgewerkt in het systeem, dat er automatisch voor zorgt dat deze wijzigingen worden doorgevoerd op het etiket en dat interne teams en systemen worden voorzien van actuele productinformatie en verpakkingsbeelden.

Stap 2: stel contentsyndicatie of productinformatie

automatisch beschikbaar Wanneer alle productinformatie is opgeslagen in een centraal systeem, dan is het uiteraard belangrijk om deze data beschikbaar te stellen aan alle externe kanalen, inclusief retailers en datapools. Want zoals we al eerder concludeerden, stelt elk kanaal weer andere eisen aan het soort en formaat data. Dit wordt ook wel contentsyndicatie genoemd en het is een uitdaging die misschien wel net zo groot is als informatie centraal bijhouden. Want idealiter wil de fabrikant unieke content aanleveren in elk kanaal, inclusief rijke content zoals fotografie en video. Fabrikanten die het voor elkaar krijgen deze digitale productinformatie met één klik beschikbaar te stellen, blijken in de praktijk vaak verschillende voordelen te hebben ten opzichte van hun concurrenten:

• Producten worden altijd op een correcte manier weergegeven in de (digitale) schappen.

• Een hogere conversie dankzij rijke content die kan worden aangepast voor elk kanaal.

• Een toename in klanttevredenheid omdat klanten altijd beschikken over complete en actuele productinformatie.

• Een concurrentievoordeel, want veel fabrikanten maken nog gebruik van onvolledige of verouderde productinformatie.

• Optimalisatie van de fysieke beschikbaarheid door betere distributiecentra en schapplanning.

Een hele uitdaging

Het mag duidelijk zijn dat de informatie op het etiket in het gunstigste geval een correcte en actuele weergave is van wat er in het product zit. Maar zelfs dat is al een hele uitdaging in de complexe en snel veranderende wereld van vandaag. Vertrouw daarom als fabrikant altijd op je eigen, centrale bron van waarheid en zorg ervoor dat alle externe partijen de beschikking hebben over de meest recente productinformatie, het liefst ook aangepast aan de wensen van het kanaal. Dat lijkt een hele uitdaging en dat is het in de praktijk vaak ook. Maar waar digitalisering dit probleem voor een deel heeft veroorzaakt, kan het dat ook oplossen. Het is dan wel zaak om gebruik te maken van de juiste systemen en daarnaast de processen zo in te richten dat de laatste productinformatie altijd centraal beschikbaar is.

Reageer op dit artikel