artikel

‘Niet hekelen, maar heilige overtuiging’

Algemeen

In VMT 1/2 van 2010 stond een interview met Landbouwminister Gerda Verburg waarin zij de invloed van het eten van minder vlees op duurzaamheid bestempelt als symboolpolitiek. Een opmerkelijke uitspraak die om reactie vraagt.

De minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit Gerda Verburg, doet in het interview met VMT over haar beleid ten aanzien van duurzaamheid een paar nogal kribbige uitspraken over minder vlees eten. Zo merkt zij op dat het dogmatisme waarmee in Nederland wordt gepreekt voor minder vlees eten haar tegen de borst stuit.

Ten tweede geeft de minister aan dat de verduurzaming van het voedingsland primair gericht moet zijn op het verduurzamen van de productie en niet zo zeer op het verminderen van de vleesconsumptie; een aloude reflex van het landbouwministerie.

Duurzaamheidnota
Het zijn opmerkelijke uitlatingen. Dat de consumptie van vlees in vergelijking met plantaardig eten aanmerkelijk minder duurzaam is, is een gegeven waarover brede wetenschappelijke consensus bestaat. Een voedselpatroon waarin vlees een kleinere rol speelt, is dus wel degelijk een factor van betekenis in plaats van een bagatel.

Een feit is ook dat de consumptie van vlees een pijler is in onze eetcultuur. Vlees staat centraal op de menukaart van restaurants. Ook thuis vormt vlees gewoonlijk het middelpunt van de warme maaltijd. Gegeven de vele commerciële en communicatieve boodschappen die vleessector en retail ter ondersteuning van vlees eten uitzenden, zijn de verhoudingen enigszins zoek als de minister het dogmatisme van de (zeden)prekende vleesminderaars gispt.

Juist verantwoord consumerende mensen worden in de nota ‘Duurzaam voedsel’ aangewezen als voorlopers van wat over 15 jaar de norm zou moeten zijn. ‘Symboolpolitiek’ is dan weinig enthousiasmerend voor mensen die bewust proberen hun vleesconsumptie te matigen. Het vergroot de kans dat de minister van LNV zich met dergelijke bewoordingen vervreemdt van consumenten en maatschappelijke organisaties die juist wensen bij te dragen aan het door LNV zo gewenste verduurzamingproces.

Verandering in de vraag naar vlees is noodzakelijk. Duurzamere productietechnieken alleen volstaan namelijk niet om de ecologische voetafdruk van het agrocomplex afdoende te reduceren. De minister moet consumenten mee zien te krijgen in het uitgezette beleid.

Andere uitleg
Het zou ook informatief voor consumenten zijn geweest als de minister een andere uitleg had gegeven aan het woord symboolpolitiek. Minder vlees eten is namelijk gemakkelijk symboolpolitiek als vlees wordt vervangen door alternatieven die ook niet duurzaam zijn.

Te denken valt hier aan kaasburgers of andere op zuivel gebaseerde vleesvervangers. Ook vis als ‘vleesvervanger’ is lang niet altijd duurzaam, terwijl biologisch vlees geen klimaatverbetering oplevert. Zou symboolpolitiek in deze zin zijn gebruikt, dan had de minister een actieve dialoog met consumenten geprikkeld en ze aan het denken gezet.

Minister Verburg geeft in het vraaggesprek met VMT ook te kennen dat ze er heilig van overtuigd is dat haar duurzaamheidbeleid gaat slagen. Het advies aan haar mag zijn om dan niet te hekelen, maar volop te blijven praten en opereren vanuit die heilige overtuiging.

De auteurs leggen momenteel de laatste hand aan het onderzoeksrapport ‘(On)vergankelijk vlees: consumenten en de vermarkting van duurzame eiwitalternatieven in een carnivore eetcultuur’.

Reageer op dit artikel