artikel

Jubilerend GFSI over (on)bereikte zaken

Algemeen

Bijna tien jaar geleden wilde het Global Food Safety Initiative (GFSI) een einde maken aan de wildgroei aan standaarden. VMT legde bestuurslid Hugo Byrnes tien vragen voor over wat er sindsdien is bereikt, wat er de komende jaren nog zal worden bereikt en wat onbereikbaar blijft.

1. Welke omvang/reikwijdte heeft het GFSI inmiddels?
“Steeds meer bedrijven onderschrijven de uitgangspunten van GFSI, waaronder de Nederlandse retailers en de grotere retailers in landen als Engeland, Frankrijk en Duitsland; in Oost-Europa is dat nog veel minder. In de VS neemt GFSI nu een grote vlucht en worden onze uitgangspunten door steeds meer retailers gehanteerd, denk aan WalMart en Kroger.

Daarnaast is nu ook de foodservice aangesloten, waaronder bedrijven als US Foodservice en McDonalds en misschien nog wel belangrijker: veel grote fabrikanten van food hebben zich aangesloten. Recent is zelfs iemand van Kraft tot het bestuur toegetreden. Samenvattend kun je alleen maar stellen, dat de dekkingsgraad in de hele industrie nog steeds groter wordt.”

2. Is GFSI erin geslaagd om meer uniformiteit en eenduidigheid te krijgen in het grote aantal voedselveiligheidsstandaarden dat retailers destijds gebruikten?
“Ja en nee. Toen we begonnen waren er honderden standaarden. Veel daarvan waren interne bedrijfsstandaarden. Op dit moment erkent GFSI zeven standaarden waarvan de Deense Red meat standard en ISO 22000 (voorlopige erkenning) de laatst gearriveerden zijn. Dus dat zijn er beduidend minder. Bij aanvang dachten we dat het mogelijk zou zijn om naar één standaard toe te werken. Dat is dus niet gelukt vanwege de vele gevestigde belangen.

Terugkijkend vind ik dat ook niet zo erg, omdat een beetje concurrentie tussen de standaarden de boel scherp houdt. Wèl is het van belang, dat alle door GSFI erkende standaards ook daadwerkelijk erkend worden in de markt. Veel retailers doen dat, maar helaas nog lang niet iedereen.”

3. Opnieuw zijn er een aantal standaarden aangemeld. Streeft GFSI er naar om een zo groot mogelijk aantal standaarden aan het benchmark-model te laten voldoen?
“Nee. Eerlijk gezegd vind ik dat er genoeg zijn. Het moeten er eerder minder dan meer worden, maar we kunnen een aangemelde standaard, die voldoet aan het GFSI Guidance Document, natuurlijk niet weigeren. Dat Guidance Document zullen we het komende jaar aanpassen en aanscherpen, dat doen we iedere drie jaar, waarna alle standaards opnieuw moeten worden getoetst. We hebben onze stakeholders om imput gevraagd.

Ik verwacht niet dat er veel zal veranderen op het vlak van voedselveiligheid, het gaat eerder om zaken als biosafety, een ISO 22000 die zich nog in de praktijk moet bewijzen. Wij geven dan ook eigenaren van standaarden die zich nu aanmelden in overweging, de standaard eerst tegen de nieuwe versie van het Guidance Document te laten benchmarken.”

4. Zeven retailers hebben zich volledig achter het benchmark-model geschaard. Deze accepteren alle door GFSI acceptabele bevonden standaarden. Zullen andere retailers hen volgen?
“Voor zover ik weet is dat reeds het geval, al hebben ze dat wellicht niet zo openlijk laten weten. Waar het ons toen om ging, was om een heel duidelijk statement aan de markt af te geven.”

5. Wat zijn de belangrijkste bezwaren van retailers op zich niet bij deze zeven aan te sluiten?
“Wellicht is men gewend aan één bepaalde standaard en kan men moeilijk wennen aan andere. Daar is in ieder geval geen enkele reden voor. Door het hele benchmarking proces zijn alle standaarden inhoudelijk heel dicht bij elkaar komen te liggen. Acceptatie van een certificaat gebaseerd op de ene of de andere standaard maakt niets uit.”

6. Tesco vaart in dit opzicht met extra BRC-eisen, eigen audit teams en Tesco’s Nature’s Choice, een eigen versie van GlobalGAP, de meest eigenzinnige koers. En dat als een van de zeven grote retailers het GFSI-benchmarkmodel in 2007 onderschreven. Spreekt u hen daarop aan?
“Tesco is ook in het GFSI-bestuur vertegenwoordigd. Daar hoor ik niets anders dan dat zij GFSI nog steeds onderschrijven. Geluiden uit de markt bereiken ons nauwelijks. Als mocht blijken dat zij zich in de praktijk afwijkend opstellen, zal ik hen daar in het bestuur zeker op aanspreken.”

7. Retailers willen grip houden op de inhoud van de standaarden en bijbehorende certificatieschema’s. Zullen de GFSI-leden de in ontwikkeling zijnde ISO 22000 met daaronder sectorspecifieke eisen wel accepteren?
“Qua ‘governance’ wijkt de ISO/FSSC 22000 combinatie wel af van wat tot nu toe gebruikelijk is en dat is dus wel een revolutie in retail land. Toch is er ook hier niet echt reden tot zorg. De standaard combinatie is immers gebenchmarkt. Na elke substantiële wijziging van of de standaard, of het Guidance Document moet er opnieuw gebenchmarkt worden. Het grootste risico dat we lopen is, dat op een gegeven moment de ISO standaard uit de pas gaat lopen. Dat zal dan betekenen, dat de erkenning door GFSI vervalt. Tot die tijd is de combinatie volledig gelijk aan alle andere erkende standaards.”

8. IFS heeft hun standaard en certificatieprotocol aangepast en een boeteregiem voor de CI’s ingevoerd. Hoe kijkt het GFSI daar tegenaan?
“Een standaard is zo sterk als de auditor die hem gebruikt. Het handhaven van de integriteit van een schema is dus zeer belangrijk. We moeten immers op een certificaat kunnen vertrouwen. Elke standaard eigenaar heeft inmiddels maatregelen genomen, om de integriteit te verbeteren en in dat kader moeten we ook de maatregelen van IFS zien.”

9. Wat zijn de belangrijkste discussies op dit moment binnen het GFSI?
“De belangrijkste discussie is, hoe we GFSI geïmplementeerd krijgen in de Verenigde Staten. In de VS is het veel minder gebruikelijk dat retailers strenge eisen aan hun leveranciers stellen. Fabrikanten zijn gewend om met één bepaalde CI te werken, die veelal zijn eigen (niet erkende) standaard hanteert. Daarvan zijn zij moeilijk vanaf te brengen.

Langzaam begint het nu tot hen door te dringen, dat het mogelijk is te kiezen uit verschillende CI’s die wèl met een erkende standaard werken, waardoor ze zelfs nog goedkoper uit zouden kunnen zijn. Door een zeker gebrek aan GFSI erkende standaarden, is er nog steeds ondercapaciteit aan auditoren in de VS, maar gelukkig verandert dat snel. Ook de komst van grote foodservice bedrijven en diverse grote recalls helpen mee GFSI snel van de grond te krijgen.”

10. Wat zal de GFSI aan het eind van het volgende decennium staan en hebben bereikt?
“Een beperkt aantal erkende standaards en algemene erkenning daarvan door retailers. Erkenning die gedeeld wordt met autoriteiten; deze laatste zullen gecertificeerde bedrijven minder inspecteren en zich dus kunnen richten op de zwakke broeders in het veld.
Om dat allemaal te bereiken, onderneemt het GFSI zelf geen dwingende acties; de markt zal ook hier zijn werk doen.”

Reageer op dit artikel