artikel

Bespiegelingen: Haar op de tanden

Algemeen

Een van uw operators wil na een ‘dagje buikgriep’ weer aan de slag. Wat schrijft het ziekteprotocol voor? ‘Blijf nog minimaal twee-drie dagen thuis’ of ‘Je bent nodig, kom snel’. De kans dat hij/zij thuis mag blijven, acht ik gering. Dat is nog vaak ‘not done’.

Bespiegelingen

Haar op de tanden

Een van uw operators wil na een ‘dagje buikgriep’ weer aan de slag. Wat schrijft het ziekteprotocol voor? ‘Blijf nog minimaal twee-drie dagen thuis’ of ‘Je bent nodig, kom snel’.
De kans dat hij/zij thuis mag blijven, acht ik gering. Dat is nog vaak ‘not done’.
Fout! De kans is namelijk groot dat enkele dagen later collega’s zich ziek melden en dat elders in het land de GGD de eerste signalen krijgt van een ziekte-uitbraak met nog onbekende oorzaak . Althans zo blijkt een uitbraak van het norovirus zich in zorginstellingen te ontwikkelen: eerst een medewerker ziek, dan collega’s en vervolgens patiënten/cliënten, en dat afdeling na afdeling.
De situatie in een zorginstelling is door te trekken naar horeca, ambachtelijke, maar ook industriële voedselbereiders of meer in het algemeen: naar bedrijven waar letterlijk en figuurlijk veel handjes ready-to-eat voedingsmiddelen produceren en/of verpakken, denk aan vers, zacht fruit, salades, belegde broodjes, koelverse maaltijden, maar ook (on)gesneden groenten.
Virussen, en zeker norovirussen, rukken sterk op in de toptien van ziekteverwekkers. Zij kunnen zich inmiddels qua aantal ziektegevallen meten met toppers als Salmonella en Campylobacter. QA-managers dienen dit virus meer aandacht te geven, van een inventarisatie van de mate van voorkomen in eigen bedrijf tot het aanpassen van het ziektebeleid en gebouwontwerp. Denk aan al die mogelijk besmette contactoppervlakken in uw bedrijf, van deurknop tot machinehendel en van computermuis tot wc-kraan. Ook daarbij geldt: wat niet in het bedrijf komt, kan zich niet verspreiden en er al helemaal niet via voedingsmiddelen weer uitkomen. Omdat acceptatie van thuis uitzieken terwijl je je alweer beter voelt, nog wel een generatie zal duren voordat het ‘bon ton’ is, dient de QA-manager op korte termijn de interne maatregelen aan te scherpen.
Bij het aanscherpen van procedures is waakzaamheid geboden, want ook het verbetermanagement beheersen veel bedrijven nog onvoldoende. Ook dit aspect zou de QA-manager nadrukkelijker op de agenda moeten zetten, getuige de vele consumentenklachten en recalls. Praat u eens met mensen die veelvuldig met recalls te maken hebben, bijvoorbeeld retailers, consultants of uw toeleveranciers. Hier ligt zeker een gemeenschappelijk belang, al zal de QA-manager het vaak zelf (met beperkte middelen) moeten oplossen.
Innovatie, innovatie en innovatie. Vaak wordt innovatie gezien als de oplossing om uit het economisch moeras te komen; efficiency een middel om niet te ‘verzuipen’. Ook kwaliteitszorg heeft te kampen met efficiency. Steeds vaker krijgen operators kwaliteitszorgtaken erbij. Op zich geen slechte ontwikkeling, mits dit niet ten koste gaat van het blijven uitvoeren van die taken en het analyseren van de gegenereerde gegevens. Voor al deze zaken, maar in feite voor alle in dit themanummer genoemde zaken (en veel meer), zal de QA-manager pal moeten staan, richting eigen personeel, maar vooral ook zijn/haar directie. Gezocht: QA-managers met haar op hun tanden.

Hans Damman

hdamman@noordervlietmedia.nl

Reageer op dit artikel