artikel

Jodium ruimer toegestaan

Algemeen

Recent is regelgeving van zoetstoffen, aroma’s en jodium gewijzigd. Op zich zijn de aanpassingen klein, maar die van jodium kan toch een groot pakket levensmiddelen betreffen.

De eisen die aan de zuiverheid van zoetstoffen worden gesteld, zijn vastgelegd in Richtlijn 95/31/EG. Deze regeling is in Nederland geïmplementeerd in de Warenwetregeling zuiverheidseisen voor zoetstoffen. Omdat de richtlijn vaak en ingrijpend is gewijzigd, is ter bevordering van de duidelijkheid en een betere ordening van de tekst, deze gecodificeerd (alle wijzigingen op een rij gezet) in Richtlijn 2008/60/EG.

Dynamisch
De implementatie van de nieuwe richtlijn is vastgelegd in een nieuwe warenwetregeling, de ‘Warenwetregeling zuiverheidseisen voor zoetstoffen 2008’. Hierin staat dat de zuiverheidseisen voor zoetstoffen op dynamische wijze worden geïmplementeerd. Met andere woorden: wijzigingen van zuiverheidseisen vastgelegd in richtlijn 2008/60/EG, zijn automatisch in ons land van toepassing.

Er is geen implementatie in de Nederlandse wetgeving voor nodig. Dat betekent dat de gewijzigde zuiverheidseisen sneller van kracht zullen worden. De nieuwe warenwetregeling is sinds 20 juli 2008 van kracht.

Repertorium
Aromastoffen behoren tot aroma’s en zijn in een repertorium, Beschikking 1999/217/EG, vastgelegd. De lidstaten moeten het gebruik van de in dit repertorium opgenomen aromastoffen bij de bereiding van levensmiddelen toestaan. Op basis van Verordening (EG) 1565/2000 worden de in dit repertorium opgenomen stoffen op veiligheid beoordeeld en mits als veilig beoordeeld op een lijst van toegestane aromastoffen geplaatst. Deze lijst zal naar verwachting in 2012 verschijnen.

Stoffen kunnen tussentijds ook worden verwijderd en mogen dan niet meer worden gebruikt. Een recent voorbeeld is aromastof 2-methylbuta-1,3-dieen. Deze stof heet ook wel isopreen en heeft als CAS nummer 78-79-5. In november 2007 heeft de EFSA, de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid, geconcludeerd dat deze stof genotoxisch en carcinogeen kan zijn bij proefdieren. Daarom is deze stof bij beschikking 2008/478/EG van 17 juni 2008 uit het repertorium geschrapt en mag dus niet meer worden gebruikt.

Jodium in brood
Bij de bereiding van levensmiddelen mocht jodium met een zeker maximum worden toegevoegd aan brood en broodvervangers (70–85 mg jodium per kg zout), vleesproducten (20–30 mg per kg nitrietpekelzout), en aan keukenzout en keukenzoutvervangers (30–40 mg per kg zout), brood en vleesproducten.

Op verzoek van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) heeft TNO Kwaliteit van Leven het jodiumbeleid geëvalueerd. TNO adviseert in deze evaluatie het gebruik van met jodium verrijkt zout uit te breiden met toepassing in koek en gebak en in industrieel bereide producten (sauzen, soepen, salades, kant- en-klaarmaaltijden, kaas, enzovoort), en daarbij alle concentraties van jodium in de huidige levensmiddelen iets te verlagen.

Het Warenwetbesluit Toevoeging micro-voedingsstoffen is daarop aangepast. Jodium mag voortaan worden toegevoegd aan:

– brood, broodvervangers en andere bakkerijproducten (tot 65 mg jodium per kg zout); en
– alle andere levensmiddelen (tot ten hoogste 25 mg jodium per kg zout).

Uitgezonderd van deze verruiming zijn onbewerkte producten zoals groenten, fruit, vlees, pluimvee en vis, en dranken met meer dan 1,2% alcohol.

Het gewijzigde warenwetbesluit is in werking getreden op 20 juni 2008. Er geldt een uitverkooptermijn tot 20 juni 2009. In het wijzigingsbesluit is ook vastgelegd dat het voor een adequate jodiumvoorziening van de Nederlandse bevolking van belang is dat vooral brood, broodvervangers en andere bakkerijproducten daadwerkelijk gejodeerd worden.

Daarom is de minister van VWS van plan om hierover een convenant te sluiten met de producenten van die bakkerijproducten.

Reageer op dit artikel