artikel

Hoge grondstofprijzen een blijvertje

Algemeen

In één klap werd, op maandag 25 februari, tarwe maar liefst een kwart duurder. Nog nooit steeg de prijs van het graan in een dag zo snel. Ook de prijzen van andere granen, zuivel, oliën en vetten en cacao rijzen de pan uit. De voedingsmiddelenindustrie moet zich instellen op blijvend hoge grondstofprijzen. “Aan kwaliteit doen we geen concessies.”

In de zomer van 2007 waarschuwde de Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie (FNLI) dat de structureel hoge grondstofprijzen zich zullen vertalen in hogere voedselprijzen. In februari 2008 kostte een pak melk al 18,5% meer dan in 2006 en een brood 6% meer.

De verwachting is dat de consument steeds dieper in de buidel moet tasten voor zijn dagelijkse boodschappen, want, zo stelt de voedselorganisatie van de Verenigde Naties FAO, de dure grondstoffen zijn blijvend. Een verwachte stijging van de wereldgraanproductie in 2008 zal hier niets aan veranderen, omdat die niet kan opboksen tegen de groeiende vraag uit landen als China en India.

Alle grote voedingsbedrijven maken in hun jaarverslagen melding van de hoge grondstofprijzen. De meeste anticiperen hierop door ze door te berekenen aan de consument. Een blikje Heineken bijvoorbeeld zal dit jaar zo’n 3 tot 4% meer kosten. Ook Nestlé verhaalt de kosten van voedingsbestanddelen op de klant, maar compenseert deze door fors in te zetten op innovaties. Dat het ook anders kan lopen, blijkt uit de €100 miljoen lagere winst van voedingsconcern Premier Foods in 2007.

Dit was vooral te wijten aan de hoge inkoopprijzen van graan. Een positief effect van de grondstoffenmisère zijn de hoge afzetprijzen van de voedingsmiddelenindustrie. Fabrikanten rekenden in januari 13% meer voor hun producten dan een jaar eerder. De grootste toename in ruim zeven jaar tijd, zo blijkt uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Daar staat wel tegenover dat producenten ruim 16% meer betalen voor hun grondstoffen dan een jaar eerder. Oliën en vetten zijn met een prijsstijging van 45% de absolute uitschieter.

Uitdaging
Unilever meent dat de hoge prijzen van de laatste tijd wellicht kunnen leiden tot hogere marges voor de fabrikant. “Dit zou voor investeringen in R&D helemaal niet slecht zijn”, zegt R&D-directeur Jan Weststrate in het blad De Ingenieur. “De uitdaging is dan juist om met een gering gebruik van dure grondstoffen dezelfde productkwaliteit te behalen.”

Grondstoffenproducent Zeelandia zoekt altijd naar mogelijkheden voor optimalisatie van de recepturen. “De ontwikkelingen op de grondstoffenmarkt hebben de noodzaak daartoe versterkt”, zegt directeur inkoop Hans van Ditmarsch. Het grondstoffenbedrijf past waar mogelijk alternatieve ingrediënten toe, zonder aan de kwaliteit te tornen. “Natuurlijk kunnen we de mogelijkheid bieden voor een alternatief product met een andere prijs-kwaliteitverhouding. We zullen de veranderingen dan altijd met de klant afstemmen.”

Ook voor Bolletje heeft kwaliteit prioriteit. “Aan kwaliteit doen we geen concessies”, benadrukt inkoper Jeroen Penninks. De hoge grondstofprijzen treffen de hele keten van toeleveranciers, waardoor een passend inkoopbeleid en risicospreiding nodig zijn. “Ook efficiency speelt een belangrijke rol. Tevens zijn de periode en duur van het afsluiten van contracten erg belangrijk”, legt Penninks uit. De producent van bakkersproducten zoekt ook zijn heil in innovaties met een hoge toegevoegde waarde, waarbij het aandeel van de grondstofkosten minder zwaar drukt op de marge. Het vervangen van duurdere grondstoffen door goedkopere is een complex proces. Denk bijvoorbeeld aan de effecten op de bakaard, textuur en uiteindelijk de declaraties op de verpakkingen.”

Creatief
Multinational Wessanen probeert creatief om te gaan met dure ingrediënten door in sommige gevallen een kleine aanpassing te doen in de receptuur van het product. “Voor een aantal basisgrondstoffen zal dit echter niet zo gemakkelijk zijn”, zegt een woordvoerster. Hans van Ditmarsch van Zeelandia beaamt dit. “Een alternatief voor bloem is niet realistisch, hetzelfde geldt voor bijvoorbeeld raapolie.” Omdat een alternatief lang niet altijd voorhanden is, zijn fabrikanten gedwongen de hoge grondstofprijzen door te berekenen aan de afnemers. Dat is niet altijd makkelijk te realiseren.

Dit ondervond zuivelproducent ERU aan den lijve toen bleek dat midden 2007 zuivel structureel duurder werd. “De marges waar wij mee werken zijn beperkt en dergelijke kostenstijgingen zijn al snel niet meer te absorberen”, legt woordvoerder Maurits Sandberg uit. Het heeft lang geduurd voordat ERU zijn afnemers wist te overtuigen van de noodzaak van een prijsverhoging. De verharding in de relatie tussen fabrikant en retailer die is ontstaan tijdens de supermarktoorlog speelde een rol in de moeizame onderhandelingen. “Feit blijft dat ERU een behoorlijk lange periode heeft moeten werken met dure grondstoffen zonder doorberekening daarvan.”

Food en fuel
Bij conservenfabrikant Hak gaat het niet zozeer om de hoogte van de grondstofprijzen, alswel om de beschikbaarheid hiervan. Bij Hak is de uitdaging om voldoende groenten binnen te krijgen om te kunnen produceren. “We moeten alle zeilen bijzetten”, vertelt Michiel van Ginkel, directeur van Neerlands Glorie Conserven waarvan Hak deel uitmaakt. De producent ziet dat veel telers overstappen op het verbouwen van lucratieve granen zoals wintertarwe voor de productie van biobrandstoffen. Het gevolg: boeren telen minder groenten, waardoor de prijzen het afgelopen jaar tussen de 20 en 40% zijn gestegen. “De beschikbaarheid van groenten is voor ons de grootste uitdaging.”

De strijd tussen de energiesector en voedingssector (food versus fuel) om de beschikbare grondstoffen is volgens Van Ditmarsch een belangrijke reden voor omhooggeschoten prijzen. Alternatieve energie kan worden gehaald uit gewassen als mais en tarwe. De voedingsmiddelenindustrie gebruikt deze stoffen ook op grote schaal. “In het verleden was food bepalend voor de prijsvorming; nu de energiesector grote hoeveelheden grondstoffen kan inzetten, is zij de bepalende factor geworden.” De hogere grondstofprijzen zijn niet alleen toe te schrijven aan de energiesector, stelt Van Ditmarsch. “De toegenomen wereldconsumptie en de geringere oogsten van bijvoorbeeld mais en tarwe zijn mede debet aan de ontwikkelingen.”

Hoge prijzen structureel
Aan de vraag naar producten verandert weinig, denkt grondstofexpert Kees de Bont van het Landbouw Economisch Instituut (LEI). “Mensen blijven ongeveer wel hetzelfde consumeren.” De hoge prijzen houden aan en ook de omzet van bedrijven neemt hierdoor toe, verwacht De Bont. Wessanen meent dat de stijgende prijzen misschien ook tot enige omzetdruk zullen leiden. “Maar dit is moeilijk te voorspellen”, zegt de woordvoerster.

Hoewel de grondstoffen duur blijven, daalden begin maart de prijzen van sojabonen en palmolie licht. Volgens het Amerikaanse ministerie van landbouw is dit een stilte voor de storm, want de komende tien jaar zullen de prijzen van oliën en vetten omhooggaan. Zeker in 2008 staat afnemers nog een forse prijsverhoging te wachten, zo voorspelt het ministerie in een recent rapport. Volgens Van Ditmarsch hangt veel af van mogelijke overheidsmaatregelen. “Wordt er minder ‘food’ aangewend voor ‘fuel’? Kunnen quota worden verruimd en kan er meer worden ingezaaid ?” vraagt hij zich af. “In de eerste plaats blijft echter de vraag wat de natuur voor ons in petto heeft voor de komende oogsten.”

Reageer op dit artikel