artikel

Vergrijzing vraagt om andere voeding

Algemeen

De vergrijzing neemt in rap tempo toe. Dit betekent dat de behoefte aan producten die geschikt zijn om ouderen fit en gezond te houden groeit. Er wordt steeds meer bekend over de invloed van voeding op de gezondheid. NIZO food research ontwikkelt en past diverse technologieën toe die bijdragen aan de ontwikkeling van een nieuwe generatie levensmiddelen voor ouderen.

Industrie kan inspelen op nieuwe behoeften
Vergrijzing vraagt om andere voeding

Sandra ten Bruggencate, Hans Snel en Maurits Burgering.

Dr. Ir. S.J.M. ten Bruggencate, Dr. Ir H. Snel, Dr. M. Burgering
NIZO food research, Ede, Food Valley.
0318-659511
Sandra.ten.bruggencate@nizo.nl

De vergrijzing neemt in rap tempo toe. Dit betekent dat de behoefte aan producten die geschikt zijn om ouderen fit en gezond te houden groeit. Er wordt steeds meer bekend over de invloed van voeding op de gezondheid. NIZO food research ontwikkelt en past diverse technologieën toe die bijdragen aan de ontwikkeling van een nieuwe generatie levensmiddelen voor ouderen.

Het aandeel van ouderen binnen de wereldbevolking is snel groeiende. Het aantal mensen ouder dan 60 jaar zal in 2050 bijna verdubbeld zijn. Nederland telde op 1 januari 2007 bijna 2,4 miljoen ouderen (personen van 65 jaar en ouder). Dit komt neer op 14% van de totale bevolking. Dat vergrijzing consequenties heeft voor de gezondheidszorg is bekend. Zo zal het aantal personen met (chronische) aandoeningen en beperkingen sterk toenemen. Problemen waar de oudere bevolking onder andere mee te maken kan krijgen zijn een slechtere gezondheid van mond en gebit, kauw- en slikproblemen, een verminderde smaakperceptie, een tekort aan essentiële voedingsstoffen en een verminderde weerstand.
Het wordt dus steeds belangrijker om strategieën te ontwikkelen die de gezondheid en levenskwaliteit van ouderen in stand houden. Voor de levensmiddelenindustrie zijn er volop mogelijkheden om op deze behoefte in te spelen.

Mond en gebit
Het proces van tandbederf is onomkeerbaar. Het is dus niet verwonderlijk dat relatief veel ouderen gebitsproblemen hebben. Maar ook speekselproductie en -samenstelling veranderen met het ouder worden.
Veranderingen in gebit en speeksel hebben een direct effect op de bacteriën in de mond die verantwoordelijk zijn voor onder andere tandbederf en een slechte adem. In een recent onderzoek kwam naar voren dat 28% van de ouderen zichzelf een slechte adem vindt hebben [ ]. Bij personen met een gehele of gedeeltelijke gebitsprothese is dit aandeel nog groter.
NIZO heeft verschillende concepten ontwikkeld om ademkwaliteit te verbeteren. Vooral Gram-negatieve bacteriën in de mond dragen negatief bij aan ademkwaliteit, doordat ze zwavelhoudende verbindingen produceren, zoals waterstofsulfide, methylmercaptaan en dimethylsulfide. Concepten om juist deze bacteriën terug te dringen zijn daarom van belang voor een verbetering van ademkwaliteit. In een door NIZO food research uitgevoerde studie in 2007 bleek dat deze componenten met name in de ochtend in een groot aantal proefpersonen detecteerbaar waren (Figuur 1). Met het ouder worden neemt de kans op gebitsproblemen en slechte adem toe. De analyse van ademkwaliteit en mondflora kan worden ingezet om te bestuderen of voedingscomponenten de mondgezondheid verbeteren.

Kauwen en slikken
Slikproblemen kunnen ernstig zijn en de kwaliteit van leven van de patiënt sterk verminderen. Zo kan een slikprobleem leiden tot onvoldoende inname van voeding en vocht, met als gevolg een achteruitgang van de conditie en kans op diverse complicaties. Bovendien is verslikken voor zowel de patiënt als zijn omgeving een zeer ingrijpende gebeurtenis.
Slikproblemen, die voornamelijk optreden bij consumptie van vloeibare levensmiddelen, kunnen voorkomen worden door levensmiddelen te verdikken tot dik-vloeibare producten zoals desserts. In de praktijk blijkt het uiterst complex om een dessert te produceren met een constante dikte in combinatie met de gewenste nutritionele waarde en/of samenstelling. Specifieke ingrediënten of processen kunnen een te dik of juist een te dun product opleveren. Op basis van een combinatie van kennis (ingrediënt en processing), analysetechnieken (zoals Confocale laser scanning microscopie en reologie) en testproducties (Food Grade Application Centre) kan een belangrijke bijdrage in de ontwikkeling van deze producten geleverd worden. Met deze technieken kunnen levensmiddelen worden ontwikkeld die slik- en kauwproblemen bij ouderen kunnen verminderen.

Smaak
De kwaliteit van smaak wordt naast door de basissmaken (zoet, zuur, bitter, zout en umami) op de tong voor het grootste gedeelte bepaald door geur. Het reukvermogen blijft bij de meeste mensen redelijk stabiel tot het vijftigste à zestigste jaar. Ouderdom zorgt voor een gradueel reukverlies, maar dat verloopt zo langzaam dat men dit vaak niet in de gaten heeft. Echter, bij ouderen boven de tachtig jaar is driekwart van de mensen vrijwel anosmisch, dat wil zeggen zonder enig reukvermogen, door een reeks van fysiologische en fysieke veranderingen. In tegenstelling tot de reuk blijven de smaakpapillen tot op hoge leeftijd wel redelijk functioneren. Hierdoor gaan reuk en smaakbeleving uit de pas lopen, en veel ouderen klagen daarom over de smakeloosheid van hun voeding. Dit kan de kwaliteit van leven aantasten en zelfs leiden tot ondervoeding.
Specifieke (bijvoorbeeld MS Nose) technologieën kunnen het vrijkomen van aroma’s uit de voedingsmatrix (Figuur 2) meten. Deze kennis is nodig om levensmiddelen doelgericht te kunnen aanpassen zodat ouderen weer enthousiast kunnen zeggen dat het weer net zo smaakt als vroeger.

Essentiële voedingsstoffen
Ouderen hebben een verhoogde behoefte aan calcium en vitamine D. Dit wordt enerzijds veroorzaakt door een te lage inname en anderzijds door een verlaagde opname of aanmaak. Ook de opname van vitamine B12 uit de voeding is afgenomen. Daarnaast wordt de vitaminenstatus beïnvloed door het gebruik van medicijnen [ ]. Om aan deze verhoogde nutriëntbehoefte te voldoen kunnen vitaminen en mineralen worden toegevoegd aan levensmiddelen. Nieuw is dat vitaminen ook op natuurlijke wijze, door geselecteerde vitamineproducerende probiotische stammen, kunnen worden verhoogd [ ]. Op deze manier kunnen levensmiddelen voor ouderen worden ontwikkeld die kunnen voorzien in de verhoogde behoefte aan vitaminen.

Influenza
Het influenzavirus is de veroorzaker van griep. Meestal is griep onschuldig en geneest zonder medische behandeling. Maar sommige mensen hebben een grotere kans op ernstige klachten als ze griep krijgen, zoals ouderen en mensen met een chronische ziekte. Een interessante strategie voor het verhogen van de weerstand tegen influenza is door componenten in de voeding (Figuur 3). Levensmiddelen die helpen bij het opbouwen van onze weerstand behoren tot de meest herkenbare functional foods. Een bij NIZO food research ontwikkeld diermodel kan worden ingezet om te bestuderen of een voedingsstof de weerstand tegen influenza verbetert [ ]. Na consumptie van een voeding met een bepaalde functionele component krijgen ratten een eenmalige intranasale dosering van een rat-geadapteerde influenzastam. Vervolgens geven de parameters groei, voedselinname, virusdeeltjes en slijmproductie in de longen aan of deze voedingsstof geresulteerd heeft in bescherming tegen influenza. Deze studies moeten een ‘proof of principle’ opleveren waarin duidelijk is of dieren beter beschermd zijn, en bij voorkeur ook welk mechanisme hiervoor verantwoordelijk is.

Voedselinfecties
Ouderen hebben een verminderde weerstand tegen darminfecties [ ]. Dit wordt onder meer veroorzaakt door een verminderde immuunfunctie, verminderde maagzuurproductie, verminderde activiteit van de darm, ondervoeding, gebrek aan beweging en gebruik van sommige medicijnen.
Een interessante strategie om de weerstand tegen darminfecties te verhogen is door middel van voeding. Een studie naar de mogelijk beschermende werking van een voedingscomponent kan uit de volgende fasen bestaan: een in-vitro-fase, een proof-of-principle-fase en een studie waarin de effecten op mensen worden aangetoond. Met deze studies kan daadwerkelijk worden aangetoond of een voedingsstof of een functional food de weerstand van mensen tegen darminfecties verbetert [ , ].
Door gebruik te maken van een combinatie van dierexperimenteel onderzoek en gerichte humane studies is het goed mogelijk gezondheidsclaims rond weerstand van de juiste onderbouwing te voorzien.
Bovenstaande is eerder aangetoond voor calcium. Calcium in zuivel verbeterde de weerstand tegen darminfecties in zowel dier als mens [7].

Ontwikkeling nieuwe levensmiddelen
Als gezegd neemt het aandeel van ouderen binnen de wereldbevolking snel toe. Daarmee groeit ook de vraag naar levensmiddelen die de kwaliteit van leven kunnen verbeteren. De levensmiddelenindustrie kan op deze toenemende vraag inspelen, bijvoorbeeld door producten te ontwikkelen die rekening houden met de slikproblemen en met de verminderde reukperceptie van ouderen. Daarnaast kunnen producten worden ontwikkeld die de weerstand van ouderen kunnen ondersteunen. Kansen genoeg om hier alert op te zijn: nu en, met een vergrijzing waarvan het einde immers voorlopig nog niet in zicht is, zeker in de nabije toekomst.

Reageer op dit artikel