artikel

Consument kiest voor minder vet

Algemeen

Meer dan de helft van de bevolking vindt het belangrijk te letten op vet in voeding. Als het gaat over gezond eten, is het eten van producten met minder vet zelfs het eerste dat bij mensen opkomt. Redenen zijn vooral het gewicht en het risico op hart- en vaatziekten. Het loont dus om verder te werken aan producten met minder verzadigd vet.

Het Voedingscentrum onderzocht samen met de Nederlandse Hartstichting de kennis, houding en informatiebehoefte met betrekking tot (verzadigd) vet. Onderzoeksbureau Motivaction ondervroeg daartoe ruim 1500 Nederlanders in de leeftijd van 18 tot 65 jaar. De uitkomsten zijn zodanig gewogen dat ze representatief zijn voor de hele bevolking. Het onderzoek is een vervolg op eerder onderzoek naar kennis en consumptie van vetten in Nederland (januari 2004 en juni 2007).

Gezond = minder vet
De resultaten tonen dat meer dan de helft van de mensen het (zeer) belangrijk vindt te letten op vet in hun voeding. Bij het kiezen van eten houden zij meestal rekening met de vetten die erin zitten. Gezond eten wordt zelfs in eerste instantie geassocieerd met ‘minder vet’. Op de open vraag ‘Waar let u op als u gezond wilt eten?’ geeft ruim 40% aan producten te eten met minder vet. Bijna 30% noemt groente en/of fruit, terwijl maar 13% let op de calorieën. Verder wordt gelet op de hoeveelheid vitamines (10%), suiker (9%) en vezels (5%). Slechts 4% noemt spontaan het soort vet (verzadigd, onverzadigd, vloeibaar, olijfolie).

De meest genoemde redenen om op vet te letten zijn gezond eten, het risico op hart- en vaatziekten verkleinen en het gewicht op peil houden. Om dat laatste te bereiken kiezen mensen het vaakst voor minder tussendoortjes (56%) of producten met minder vet (50%). Maar ook het eten van producten met veel vezels (42%) of met minder suiker (36%) wordt vaak genoemd, net als meer bewegen (38%) of het nemen van kleinere porties (25%). Ouderen (55-65 jaar) houden bij de keuze van hun eten vaak rekening met vet vanwege een dieet. Ook de iets jongere groep (45-54 jaar) houdt meer dan gemiddeld rekening met vet in eten, met het oog op (het voorkomen van) aandoeningen zoals een hoog cholesterolgehalte of hart- en vaatziekten.

Kennis verbeterd
De kennis over vet is goed. Negen van de tien Nederlanders weten dat er verschillende soorten vet zijn. Ruim de helft noemt spontaan verzadigd en onverzadigd vet. Geholpen kent bijna iedereen dit onderscheid. Zo’n 70% weet dat onverzadigd vet het gezonde vet is. In 2004 was dit zo’n 60%. Omega 3 komt niet als eerste op: slechts 3% noemt deze vetsoort spontaan. De geholpen bekendheid is wel groot: bijna 80%. Verder is de (geholpen) bekendheid van transvet toegenomen: 19% heeft van deze soort vet gehoord, daarvan weet driekwart dat het een ongezonde soort is. In 2004 herkende nog maar 7% deze vetsoort. Overigens weten hogere welstandsklassen meer over vet dan lagere klassen. Ze weten beter dat er gezonde en minder gezonde vetten bestaan, vinden het belangrijker op vetten te letten en houden sterker rekening met vetten in voeding.

Vloeibaar vet
Het aandeel vloeibaar frituurvet in de consumentenmarkt is al een paar jaar behoorlijk aan het stijgen (68% in 2004 tegenover 49% in 2002). Het aandeel van vloeibare margarine en vloeibare bak- en braadvetten ligt lager (24% in 2004) [1]. Daarom is in het onderzoek ook gevraagd naar het gebruikte soort vet bij het bereiden van vlees. Hieruit blijkt dat de meeste mensen vlees vaak bakken of braden in olie (43%) of vloeibare margarine (41%). Ook hier is dus een sterke toename in het gebruik van gezonder vet. Nog maar een op de vijf Nederlanders gebruikt harde margarine uit een pakje en slechts twee procent gebruikt roomboter. Redenen voor gebruikers van harde margarine of roomboter om niet over te stappen naar vloeibare margarine zijn de hogere prijs, gewoonte of omdat men niet weet dat het gezonder is. Olie wordt niet gebruikt uit gewoonte, omdat men margarine uit een pakje lekkerder vindt, of omdat het geen bruine jus oplevert.

Duidelijke informatie
Bijna negen op de tien consumenten weten waar ze informatie over vet kunnen vinden. Toch wil meer dan de helft in de toekomst meer informatie over vetten. Er is vooral behoefte aan een lijst met producten die gezond en ongezond vet bevatten, recepten voor lekker en gezond eten met minder vet of logo’s zoals ‘Ik Kies Bewust’ of het ‘Gezonde Keuze Klavertje’. Jongeren (18-24 jaar) waarderen deze logo’s nog iets hoger dan andere leeftijdsgroepen. Ouderen (55-65 jaar) willen vooral duidelijke informatie op het etiket.

Vetcheck
Resumerend komt uit het onderzoek overduidelijk naar voren dat ‘vet’ een belangrijk issue is voor Nederlandse consumenten. Zij brengen dit vooral in praktijk door te letten op de hoeveelheid vet in producten. Consumenten die daar meer informatie over willen, kunnen informatie vinden op www.voedingscentrum.nl. Daar staat vanaf half december 2007 namelijk de vernieuwde Caloriechecker. Met deze internetapplicatie kunnen consumenten nu behalve de calorieën ook het gehalte totaal vet en verzadigd vet van producten nagaan. Voor de industrie is het zaak in te spelen op de behoefte van de gezondheidsbewuste consumenten die vet vaak ‘top of mind’ hebben. Producten met minder (verzadigd) vet sluiten aan bij de behoefte van de consument om lekker en gezond te eten. Alle reden voor fabrikanten om ook zelf de eigen producten te ‘checken’ op vet.

Reageer op dit artikel