artikel

Vettax terug van weggeweest

Algemeen

De vettax of snacktax leek dood en begraven, maar niets is minder waar. Minister Ab Klink (CDA) van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) gaat onderzoeken of een belasting op ongezonde voeding tot de mogelijkheden behoort. Dit wekt verbazing alom. Twee jaar geleden werd de conclusie getrokken dat de invoering van een vettax niet zou werken.

Overgewicht of obesitas vormt een steeds groter probleem voor de Nederlandse samenleving en eigenlijk voor de hele westerse wereld en in toenemende mate Azië. Het aantal dikke mensen neemt de laatste jaren ook in Nederland in rap tempo toe (zie kader), ondanks initiatieven op het gebied van gezonde voeding.

Maatregelen
Om het groeiende probleem van overgewicht aan te pakken, kwam het bezorgde kabinet tijdens Prinsjesdag met een pakket aan maatregelen. Zo brengt het ministerie van LNV in 2008 de eerste versie van de ‘Staat van voedsel in Nederland’ uit, met daarin gegevens over wensen en koopgedrag van consumenten. Dit document moet de basis worden voor een debat over gezond leven. Het ministerie van VWS richt zich vooral op preventie. Dit betekent gezonder en minder eten en meer bewegen. VWS wil volgend jaar dat bewegen op recept wordt opgenomen in de ziektekostenverzekering. Ook gaat minister Ab Klink samen met het bedrijfsleven ‘verkennen of het effectief en zinvol is om via prijsmaatregelen een gezonde levenstijl te bevorderen’. Kortom, de vettax is terug op de politieke agenda.

De minister baseert zich op een advies van het interdepartementale beleidsonderzoek (IBO) van juli 2007. In het IBO staat dat er niet veel bekend is over het effect van prijsmaatregelen op koopgedrag van consumenten. Dit zou moeten worden onderzocht. Zo zou het overzetten van afgebakende productgroepen in een hoger btw-tarief tot de mogelijkheden behoren. Het IBO- rapport geeft wel aan dat het invoeren van prijsmaatregelen complex is. Het is lastig om af te bakenen wat nu precies gezonde en ongezonde voeding is. Vet en suiker zijn bijvoorbeeld niet in alle hoeveelheden en in alle producten ongezond. Bovendien zijn dergelijke belastingen moeilijk te integreren in EU-wetgeving.

Het bedrijfsleven ziet bij voorbaat niets in een prijsmaatregel. Hetzelfde geldt voor hoogleraar Gezondheidswetenschappen Jaap Seidell van de Vrije Universiteit Amsterdam. Hij reageerde verbouwereerd op het aangekondigde onderzoek van Klink. “Ik weet niet waar dit plotseling vandaan komt. Het is onverstandig. Maar ja, zo gaat dat in de politiek.” De reactie van Seidell is te begrijpen. Na jarenlange discussies over het al dan niet invoeren van een belasting op ongezonde voeding, ook wel snacktax of vettax genoemd, werd dit plan in 2005 door de toenmalige regering afgeschoten. “Volstrekt onuitvoerbaar”, concludeerde oud-staatssecretaris Joop Wijn van Financiën een paar jaar geleden. Ook Cleménce Ross, destijds staatssecretaris van VWS, zei tijdens een toespraak in 2003 niets te zien in een snacktax.

Vettax-debat
In 2002 zwengelden de economen Henriëtte Maassen van den Brink van de Universiteit van Amsterdam (UvA) en Wim Groot van de Universiteit van Maastricht het debat over de vettax in de media aan. Beiden zijn voorstander van een vettax. Zij schreven een achtergrondartikel in opdracht van de Raad voor de Volksgezondheid (RVZ), een adviesorgaan van de overheid. De RVZ zou dit artikel meenemen in haar advies ‘Gezondheid en Gedrag’. Bij de presentatie van het advies in december 2002 concludeerde de RVZ dat een dergelijke belasting op ongezonde voeding niet moet worden ingevoerd. ‘Het is praktisch niet uitvoerbaar. Een product kan bijvoorbeeld tegelijk gezond en ongezond zijn’, oordeelde de raad.

Hoewel de RVZ als organisatie dus tegen vettax is, zag voorzitter Floris Sanders de prijsmaatregel als een mogelijke oplossing. De RVZ geeft toe dat dit een lastige periode was. In 2006 is Sanders opgestapt en vervangen door Rien Meijerink, die wel op één lijn zit met de RVZ. “We zijn op dit moment niet bezig ons standpunt te veranderen. Het is dezelfde belasting als in 2003”, zegt woordvoerder Tiny Dijkhuizen van de RVZ. Ze vindt dat je met zo’n belasting ook diegenen treft die af en toe eens een snack nemen.

Voorstander
Econonoom Wim Groot was nauw betrokken bij het IBO-advies om belasting op ongezonde voeding te onderzoeken. Deze voorstander van het eerste uur was zelfs voorzitter van de IBO-werkgroep voor preventiebeleid. “Overgewicht wordt een steeds groter probleem en prijsmaatregelen kunnen het koopgedrag veranderen”, meent Groot. Hij voelt zich gesterkt door initiatieven in het buitenland, zoals in de Verenigde Staten en Groot-Brittannië. In dit laatste land bleek onlangs uit een studie van Oxford University dat een belastingheffing op zoete, zoute en vette producten ruim drieduizend hartaanvallen en hersenbloedingen kan voorkomen.

In de Verenigde Staten riepen doktoren in 2006 op tot het heffen van een vettax op Coca-Cola en Pepsi cola om de obesitasepidemie in te dammen. Groot pleit er zelf voor om bepaalde productgroepen als frisdrank en snoep van het lage (6%) naar het hoge btw-tarief (nu 19%, volgend jaar 20%) te plaatsen. Zo’n maatregel is makkelijk te handhaven en makkelijk uit te voeren. “Ongezonde voeding wordt duurder ten opzichte van gezonde voeding. Dus consumenten zullen dus vaker gezonde voedingsmiddelen kopen”, redeneert de econoom. Seidell vindt deze benadering “simplistisch” en verwerpt het hele idee van hogere btw. “Wat doe je dan met vruchtensappen? Die zijn slecht. Er zit net zo veel suiker in als in frisdranken.” Volgens hem helpen prijsmaatregelen maar een beetje en zullen ze niet tot hele grote verschuivingen leiden.

“Tax is een makkelijk middel om te scoren voor de politiek. Maar het idee is niet haalbaar”, zegt Petra Berkhout, verbonden aan het Landbouw-Economisch Instituut (LEI) in Wageningen en een van de auteurs van het boek de Obesogene Samenleving dat in maart 2007 verscheen. Een hoger btw-tarief van 19% werkt niet, vindt ze. “Dan wordt een Twix geen € 1 maar € 1,20. Dat zet geen zoden aan de dijk. Wil de overheid een effectieve belasting, dan moeten producten al gauw twee keer zo duur worden.”

Sigaretten
Toch gelooft Groot heilig in een prijsmaatregel. Want, zo redeneert hij, accijns op een pakje sigaretten en fles drank werkt ook. Hij noemt Scandinavië waar de alcoholconsumptie daalt vanwege de hoge belastingen. Spanje, een land met lage accijns, geldt als één van de naties met de meeste drinkers. Seidell is het oneens met Groot. “Sigaretten zijn altijd slecht!” Met voeding ligt dit volgens hem anders. Wanneer ongezonde producten duurder worden, dan wordt de totale voeding duurder. “Lagere inkomens schieten hier niets mee op.” Hij krijgt bijval van Berkhout, die de vergelijking van voeding met sigaretten niet vindt opgaan. “Sigaretten zijn duurder geworden, lastiger te krijgen en op veel plekken gelden rookverboden”, somt ze op. “Dit zijn combimaatregelen en bovendien zijn er nog steeds rokers.”

Verwencalorieën
Het Voedingscentrum wijst een belasting op ongezonde voeding niet bij voorbaat af. Twee jaar geleden, toen de discussie over de vettax in alle hevigheid woedde, vond het instituut dat dit wel degelijk invloed kan hebben op de keuze van de consumenten en vindt dat nog steeds. “We weten uit schoolkantines dat het prijsinstrument kan werken in het sturen van de consumptie in de gewenste gezondere richting”, zegt Boudewijn Breedveld, hoofd van de afdeling Kennis van het Voedingscentrum. Hij zegt blij te zijn met het aangekondigde onderzoek van minister Klink naar het effect van het duurder maken van ongezonde producten. Breedveld stelt wel dat een vettax er niet toe moet leiden dat het voor bepaalde groepen in de samenleving moeilijk wordt om een evenwichtig voedingspatroon samen te stellen. “Er moet ook ruimte zijn voor ‘verwen’-calorieën.”

Wat is nu gezonde voeding en wat niet? Zeker is wel dat voor een heffing op ongezond voedsel “duidelijke, transparante en objectieve criteria moeten gelden”, vindt Breedveld. Deze kunnen worden afgeleid van de richtlijnen goede voeding van de Gezondheidsraad. “Maar het afleiden en toepassen van dergelijke criteria is niet eenvoudig”, benadrukt hij. Seidell is het hier mee eens. “Dit is het lastigste probleem. Ik zou geen lijst met producten kunnen geven. Het is sowieso een onzinnige discussie om te starten.” Volgens de hoogleraar hangt het van zo veel zaken af of een product dan wel gezond of ongezond is, zoals portiegrootte of hoeveel er gegeten wordt. Seidell vindt dat juist gezonde gewoonten moeten worden gestimuleerd.

Ook Berkhout breekt zich het hoofd over wat ongezonde voeding nu precies is. “Wordt belasting geheven over het aantal calorieën, de ingrediënten of juist het eindproduct”, vraagt ze zich af. “Wordt over één van deze zaken belasting geheven dan krijg je ontwijkgedrag van de industrie”, voorspelt Berkhout. Ze ziet meer in bewustwording van de consument. “Consumenten moeten beter snappen wat ze eten.”

Unilever meent ook dat er geen goede definitie is van wat ongezonde voeding inhoudt. “Je kunt hooguit spreken van een ongezond voedingspatroon”, zegt woordvoerder Gerbert van Genderen Stort. Het bedrijf zegt de afgelopen drie jaar een enorme slag te hebben gemaakt om zijn producten gezonder te maken. Zo werd er 37.000 ton minder vet, 3.000 ton minder zout en 17.000 ton minder suiker in de Unilever-producten verwerkt. In plaats van een belasting ziet de multinational meer in productinnovatie. Hiervoor heeft de onderneming het Nutrition Enhancement Programme (NEP) ontwikkeld.

Invoering
De grote vraag blijft natuurlijk of er daadwerkelijk een belasting op ongezonde voeding komt. Uit een enquête in opdracht van de Nederlandse Vereniging van Cateringorganisaties (Veneca) in 2006 blijkt dat maar een kwart van de leden van de Eerste en Tweede Kamer, Gemeenteraden en Provinciale Staten voorstander is van een vettax. Het merendeel ziet meer in het goedkoper maken van gezonde voeding. Net als oud-minister van VWS Hans Hoogervorst, ziet huidig bewindsman Klink ook niet veel heil in een vettax.

Donkere wolken dreigen zich samen te pakken boven de voorstanders van de tax. Maar Groot blijft positief. Het IBO-advies aan het kabinet was unaniem en de regering probeert via prijsmaatregelen als de vliegtax en andere milieuheffingen het gedrag van de mensen al te beïnvloeden, maakt de econoom duidelijk. “Daar past de vettax ook in.” Met de vettax alleen kom je er niet, is de mening van het Voedingscentrum. Breedveld: “Het probleem van zwaarlijvigheid is groot en complex. Een breed pakket aan acties en maatregelen is nodig.” Berkhout sluit zich hier bij aan. “Zet de roltrappen een keer uit op de stations. De keuzes van mensen moeten lastiger worden gemaakt.”

Reageer op dit artikel