artikel

Groente en fruit als kilometervreters

Algemeen

Foodmiles zijn in Nederland nog niet echt een item maar worden dit wel. De trendanalyse van ACNielsen, de ervaring van fruithandelaar Jaguar en de praktijk in Engeland geven aan dat het een kwestie van tijd is dat ook in Nederland voedselkilometers, CO2-labels of vliegtuigjes op de producten verschijnen. Producenten, groothandelaren en supermarkten kunnen daar nu al op inspelen door versproducten lokaal in te kopen.

Op de lijst van de punten waar consumenten zich wereldwijd zorgen om maken, is ‘global warming’, ofwel broeikaseffect, opgedoken. Met 18% staat het op de derde plaats, na gezondheid en economie. Vier jaar geleden was het nog volkomen onbekend. Rob Mienes van AC Nielsen bracht hiermee de impact van klimaat en milieu op de hedendaagse consument onder de aandacht tijdens het Verscongres dat op 10 september in Rotterdam werd gehouden.

Mienes maakte ook de vertaalslag naar de voedingsmiddelensector door naar de Britse reactie te kijken: “In Engeland is local sourcing [inkopen in de regio, red.] een hot item bij supermarkten. 48% van het versaanbod is daar al lokaal product. Engeland is het voorbeeldland voor de retail. Deze trend zal ongetwijfeld in Nederland volgen.” Een signaal hiervoor is dat het Productschap Tuinbouw en het LEI een methode gaan ontwikkelen om de CO2-uitstoot van Nederlandse tuinbouwproducten te berekenen.

Tegentrend
General manager van Jaguar The Fresh Company Arie van Doesburg koopt groente en fruit in over de hele wereld. Van Doesburg: “De behoefte van consumenten is dat zij het hele jaar rond, 365 dagen, het product kunnen kopen, waarbij ze hoge eisen stellen aan versheid en kwaliteit. Wij halen bijvoorbeeld appels uit Argentinië, Chili en Nieuw Zeeland om zo steeds nieuwe oogst-producten aan te bieden. Geen wonder dat er zoals altijd een tegentrend komt.” Consumenten die hun gedrag willen veranderen, krijgen bijvoorbeeld gehoor bij het Britse Tesco. Deze retailer heeft kenbaar gemaakt de groene revolutie te gaan leiden. Alle producten worden van CO2-labels voorzien. Tesco-directeur Lucy Neville-Rolfe stelt dat CO2-labels in de toekomst eenzelfde rol kunnen gaan spelen als voedingswaardedeclaratie. Al eenderde van de Britse consumenten kent foodmiles als begrip.

De Britse doorbraak
Hoe de aandacht voor foodmiles in het Verenigd Koninkrijk zo ver heeft kunnen komen, deed campagneleider Julian Gairdner uit de doeken. De dreiging van terrorisme en de oorlog om olie hebben ervoor gezorgd dat consumenten voor veiligheid gaan. Al Gore zette het broeikaseffect op de agenda. Consumenten hebben het gevoel hier iets aan te moeten doen. Gairdner: “Dat betekent een enorme kans voor lokale boeren. 93% van de consumenten wil dat de Britse boeren hun eigen producten meer promoten!”

Aan de andere kant zijn consumenten vervreemd van boeren en weten ze niet waar hun voedingsmiddelen vandaan komen. Ontkoppeld en ongeïnteresseerd, noemt Gairdner dit. Hij startte met zijn tijdschrift Farmers Weekly de campagne ‘Local Food…. is miles better’. De campagne kreeg enorm veel aandacht bij media en politici. De vijf grote supermarkten gingen in gesprek met het campagneteam en zegden allemaal toe iets aan lokale inkoop te gaan doen. De distributiesector is druk met het vergroten van CO2-efficiëntie. De ene retailer werkt met etiketten, de andere met foto’s van boeren en de derde met vermeldingen als de streek van herkomst of ‘Made in Britain’.

Noodzaak
Supermarkten moesten ook wel actie ondernemen om bij de consument in de gratie te blijven. Eenderde van de Britse consumenten koopt wekelijks een lokaal product en tweederde koopt liever bij de boer zelf, op boerenmarkten of via een abonnementsysteem. Meer dan de helft van de consumenten is van plan minder geïmporteerde producten te kopen als op het etiket duidelijk is van hoe ver het komt. Tot voor kort kwam in Engeland 95% van het fruit en 50% van de groente van overzee. De consument ziet lokale producten als beter van kwaliteit, betrouwbaar en smaakvoller.

Breng markt in kaart
Vooralsnog denkt een meerderheid dat foodmiles in Nederland geen belangrijke rol gaan spelen, zo blijkt uit een onderzoek van EVMI. 43% denkt van wel. Mienes gaf als mogelijke verklaring dat in tegenstelling tot de gemiddelde Brit de Nederlandse consument zeer prijsbewust is en veel minder chauvinistisch. In Nederland worden foodmiles een politiek issue, zo blijkt volgens Van Doesburg uit rapporten die als advies dienen aan politieke instanties. Hij gaf inkopers dan ook het advies alvast de markt in kaart te brengen, het bewustzijn intern te verhogen en een local category manager aan te stellen. De kansen voor de detailhandel zijn groot omdat een verhaal met emotie kan worden verkocht.

Kritiek
Dat er ook kritiek is op het concept van foodmiles, gaf Gairdner ruiterlijk toe. “Maar we zijn echt niet tegen eerlijke handel, tegen de boeren in Kenya en protectionistisch tegen Nieuw-Zeeland. En natuurlijk zijn er meer accurate en betrouwbare meetmethoden dan foodmiles [zie kader, red.] en gaat duurzaamheid niet alleen over CO2 en het broeikaseffect. We willen alleen keuze bieden, bewustzijn creëren en de discussie stimuleren.” Uiteindelijk maakt het niet uit of het nu een Brit of een Nederlander is: klanten vinden het fantastisch als de leverancier of de slager kan vermelden bij welke boer de appel of de biefstuk vandaan komt.

Foodmiles
Begrip geïntroduceerd door de SAFE Alliance in 1994 in het rapport ‘The Food Miles Report: the dangers of long-distance food transport.’ (www.sustainweb.org). Foodmiles staat voor het totaal van de afgelegde transportafstand van producten en ingrediënten. Recent in de aandacht gekomen door Farmers Weekly in Engeland. (http://www.fwi.co.uk/gr/foodmiles/index.html)

Voedselkilometers
Het begrip voedselkilometers als vertaling van foodmiles werd in 1997 voor het eerst in Nederland geïntroduceerd door de Alternatieve Konsumenten Bond in het boek ‘Hoeveel kilometer eet jij vandaag?’

Regionaal/lokaal
Regionale consumptie wordt vaak als antwoord gezien op lange transportafstanden. De vraag is: Wat is ‘uit de regio’? Het 100 Mile Diet uit San Fransico gebruikt de afstand van 100 mijl. Farmers Weekly hanteert 30 mijl (circa 50 km) als norm. In de praktijk van Nederland gaat het om provincies of delen daarvan. (www.100milediet.org)

Indirecte energie
Energie die nodig is voor het produceren, vervoeren, verpakken en bewaren van producten voor ze bij de consument in huis komen. Dit kan worden bepaald met een levenscyclusanalyse (LCA). Milieu Centraal geeft voorlichting over dit onderwerp. (www.milieucentraal.nl)

CO2-label
Een CO2-label geeft aan hoeveel energie er nodig is om het product te maken, transporteren en af te danken. Foodmiles is alleen een maat voor de afstand, CO2-verbruik houdt rekening met het verschillende energieverbruik per vervoermiddel (vliegtuig, boot, trein, vrachtwagen) en de belading van het vervoermiddel. Tevens kan het energiegebruik in de keten worden meegerekend, zoals voor het verwarmen van kassen. (www.carbon-label.co.uk)

Carbon footprint
De term is een maat voor de bijdrage van een product aan het broeikaseffect. Dit geeft aan wat de impact is van het energieverbruik en de emissies op het broeikaseffect. Vaak worden ook nog de CO2-equivalenten meegenomen. (www.carbonfootprint.com)

Voedselvoetafdruk
Begrip geïntroduceerd door Canadese onderzoekers en bekend geworden in 1996 door het boek ‘Our ecological footprint; Reducing human impact on the earth.’ Dit concept is overgenomen in Nederland door De Kleine Aarde (www.voetenbank.nl). De voedselvoetafdruk is de hoeveelheid land/ruimte om een levensmiddel te produceren. Dit is inclusief het land dat nodig is om de CO2-productie (carbon footprint) van een product te compenseren. (www.voedselvoetafdruk.nl)

Reageer op dit artikel