artikel

Mijlpaal Europese gezondheidsclaims

Algemeen

Op 16 mei heeft het Europese Parlement bijna unaniem ingestemd met de hoofdlijnen van de nieuwe verordening voor gezondheids- en voedingswaardeclaims. Daarmee is een mijlpaal bereikt. Claims worden in de toekomst wetenschappelijk en volgens een vaste procedure getoetst. Vage claims zijn straks verleden tijd.

Voorlopig staan alleen de hoofdlijnen van de nieuwe regeling voor gezondheids- en voedingswaardeclaims vast. Het bedrijfsleven kan nog alleen speculeren over de consequenties. Jaap Kluifhooft, senior regulatory affairs manager bij DSM: “De implicaties van de verordening zijn zelfs door en aan deskundigen nauwelijks uit te leggen. Zie de regeling als de casco-oplevering van een nieuwbouwwoning. De uiteindelijke afbouw en inrichting begint pas als de verordening na goedkeuring van de Raad wordt gepubliceerd. De eerste lijst met in de Europese Unie ‘toegelaten’ gezondheidsclaims is pas tussen 2008 en 2010 beschikbaar.”
Naar verwachting stemt de Europese Raad in december over het voorstel. Zes maanden na het definitieve akkoord, dus ergens in de eerste helft van 2007, treedt de verordening in werking.

Light
Het vastleggen van voedingswaardeclaims (zie kader Definities) is een belangrijk onderdeel van de nieuwe Europese verordening. De regels voor de vermelding van verminderd vet-, suiker- of caloriegehalte zijn uitgebreid. De terminologie wordt ‘Verlaagd gehalte aan… ‘. Deze is voor alle voedingsstoffen toegestaan, indien de hoeveelheid ervan met minimaal 30% (voorheen 33%) verlaagd is ten opzichte van het vergelijkbare, reguliere product.

Marjan Gros, medewerker Voeding en Gezondheid bij het Productschap MVO en nauw betrokken bij de regelgeving: “Fabrikanten moeten straks bij het gebruik van de term ‘light’ toelichten waar deze betrekking op heeft, bijvoorbeeld op energie, vet of suiker. Vervolgens gelden dezelfde voorwaarden als voor de claim ‘verlaagd’. Uitzondering is ‘light’ gebruikt voor producten als margarine en halvarine. Deze producten mogen niet meer dan eenenveertig procent vet bevatten.” De ondernemingen in de olie- en vetindustrie hadden ook graag een claim opgenomen gezien voor omega-3-vetzuren, maar dat is niet gelukt.

Bijlage 1 van de verordening omschrijft de voorwaarden voor het gebruik van 24 voedingswaardeclaims (tabel 1). De oude terminologie mag nog twee jaar gebruikt worden. In de tussentijd moeten levensmiddelenfabrikanten hun etiketten of receptuur herzien.

Positieve lijst
Behalve in voedingswaardeclaims voorziet de verordening in de totstandkoming van een lijst met generieke gezondheidsclaims. Op deze zogenoemde positieve lijst komen claims als ‘calcium is goed voor de botten’. Iedere producent mag zo’n claim gebruiken, mits zijn product voldoet aan een voedingsprofiel. De voedingsprofielen moeten nog ontwikkeld worden en zullen worden opgesteld door de European Food Safety Authority (EFSA). Uitgangspunt is dat producten met veel vet, verzadigde of transvetzuren, suiker en/of zout geen of minder snel een claim mogen dragen.

De Europese Commissie heeft toegezegd de positieve lijst binnen drie jaar vast te leggen. Nationale overheden mogen voorstellen doen. Bestaande claims zijn nog drie jaar toegestaan. Dick Toet, vice president External Affairs bij Unilever en actief in de Federatie van de Nederlandse Levensmiddelenindustrie (FNLI): “Alle claims die niet op de lijst voorkomen of niet elders in de verordening worden genoemd, mogen straks niet meer. Als over twee jaar de voedingsprofielen bekend zijn kan worden vastgesteld welke producten wel en welke geen claim mogen voeren.”

Meldingsplicht
Iedere fabrikant, groot of klein, mag straks claims van de positieve lijst gebruiken. “Fabrikanten moeten erop toezien dat bestaande, onderbouwde claims op de generieke lijst komen te staan. Want wil je jouw claim op de lijst hebben, dan is het zaak er nu bij te zijn. Neem contact op met de technische werkgroep bij VWS. Is de lijst eenmaal vastgesteld dan moet om een gezondheidsclaim aan de positieve lijst toe te voegen, deze claim wetenschappelijk worden onderbouwd”, aldus het advies en de motivatie van Gros.

Nieuwe producten met voedingswaarde- en/of generieke gezondheidsclaims die op de positieve lijst voorkomen, hoeven alleen gemeld te worden bij de EFSA. Gaat het om nieuwe toepassingen van bestaande en bekende ingrediënten, dan is een wetenschappelijk dossier niet meer nodig. De fabrikant moet wel een model van het etiket tonen aan de Voedsel en Waren Autoriteit (VWA). De meldingsplicht zorgt voor een aanmerkelijke verlichting van de administratieve lasten voor bedrijven.

Ziekterisicoreductie
In tegenstelling tot de generieke gezondheidsclaims van de positieve lijst, moeten specifieke gezondheidsclaims wel wetenschappelijk worden getoetst. Dat geldt ook voor ziekterisicoreductieclaims (zie kader Definities) en claims voor kinderproducten. Het is een doorbraak dat claims voor ziekterisicoreductie worden toegestaan en niet langer als een medische claim worden beschouwd. Dat biedt mogelijkheden voor claims als ‘groente en fruit beschermen tegen hart- en vaatziekten’ en ‘ foliumzuur verlaagt de kans op neuraalbuisdefecten’.

Bedrijven die een specifieke claim willen gebruiken moeten een dossier overleggen aan de EFSA. Henk van den Berg, specialist Voeding en Gezondheid bij het Voedingscentrum: ”Tot nu toe kunnen producenten gezondheidseffecten van een product laten beoordelen via de vrijwillige Gedragscode van het Voedingscentrum. Straks is de toetsing door EFSA verplicht. De criteria zullen waarschijnlijk vergelijkbaar zijn. In dat opzicht is er dus nauwelijks sprake zijn van een administratieve verzwaring.”

Producten met gezondheidsclaims die zijn goedgekeurd volgens de Gedragscode komen niet automatisch op de Europese lijst. “Ze mogen in elk geval nog drie jaar worden gebruikt. Wat daarna gebeurt, is nog niet duidelijk. Mogelijk volstaat de EFSA in die gevallen met een verkorte procedure”, zegt Van den Berg.

Polsstok
Naar schatting kost het samenstellen een goed wetenschappelijk dossier minimaal € 150.000. Kluifhooft: “Alleen kapitaalkrachtige bedrijven zijn straks in staat om (op voorhand) met een wetenschappelijke onderbouwing te komen voor een ziekterisicoreductieclaim. DSM zal zich schikken in de regeling omdat wij uitgaan van een voldoende wetenschappelijke onderbouwing voor de claims op onze ingrediënten. Voor veel bedrijven zal de lat echter te hoog liggen. Zij kunnen de benodigde polsstok niet bekostigen. We moeten afwachten of ze straks niet onder de lat doorlopen zonder het hoofd te stoten.”

Behalve over de bekostiging van het dossier moeten producenten nadenken over aanpassing van hun communicatie. De verordening geldt namelijk niet alleen voor etiketteksten, maar ook voor afbeeldingen en zelfs merknamen. Producten als SlimFast, Vitaal en Peutergroeimelk krijgen het moeilijk, want ze moeten deze pretentie onderbouwen. Wel krijgen ze voor de aanpassing van hun merknaam vijftien jaar de tijd.

Compromis
“Een stap vooruit”, zo omschrijft Bernd van der Meulen, hoogleraar Recht & Bestuur aan Wageningen Universiteit, de nieuwe verordening. “Na jarenlang overleg ligt er nu een compromis en is er duidelijkheid voor de industrie.” Hij vindt het echter opmerkelijk dat de discussie pas op gang komt, nu de regeling bijna rond is: “Minister Hoogervorst van VWS gaat tegen stemmen. Dat is buiten proporties. De Nederlandse delegatie had beter op de winkel moeten passen.”

Het grootste discussiepunt tussen EU-landen is nog dat ook producten die niet aan een voedingsprofiel voldoen een claim mogen dragen, mits zij dat in dezelfde lettergrootte en op dezelfde plek als de claim op de verpakking aangeven. Bijvoorbeeld een product met ‘Rijk aan vitamine C’ krijgt dan in even grote letters op dezelfde plaats de vermelding ‘Bevat veel vet’. VWS had liever gezien dat producten met veel vet, suiker of zout helemaal geen claims krijgen. De verwachting is echter dat de meerderheid van de Europese ministers zal instemmen met de verordening.

Reageer op dit artikel