artikel

Strengere eisen voor tracering en allergenen

Algemeen

In januari publiceerde het British Retail Consortium versie 4 van de BRC Global Standard – Food. Deze nieuwe versie, die per 1 juli 2005 van kracht wordt, stelt strengere eisen aan HACCP, traceerbaarheid en allergenen. De regels voor persoonlijke hygiëne zijn versoepeld.

In de vierde versie van de BRC-standaard gelden voor HACCP (hoofdstuk 1) twee nieuwe eisen. De eerste betreft de opzet en implementatie van zogenaamde ‘prerequisite programmes’, basisvoorwaardenprogramma’s die het HACCP-systeem ondersteunen. De verscherping heeft in de praktijk weinig gevolgen omdat de meeste producenten er al (grotendeels) aan hebben voldaan. Veel punten uit de basisvoorwaardenprogramma’s komen namelijk elders – en ook al in versie 3 – in de BRC Global Standard-Food voor. Het gaat bijvoorbeeld om eisen op het gebied van persoonlijke hygiëne, schoonmaken, ongediertebestrijding, selectie en beoordeling van leveranciers en eisen aan gebouw, inrichting en machines. Een tweede nieuwe eis betreft kennis van HACCP. Heeft een producent deze niet of onvoldoende, dan moet die expertise worden ingehuurd om het HACCP-systeem te ontwikkelen en actueel te houden.

Nieuwe wetgeving
Ook ten aanzien van het kwaliteitsmanagementsysteem (hoofdstuk 2) en productbeheersing (hoofdstuk 4) worden nieuwe eisen gesteld. Deze eisen zijn duidelijk beïnvloed door nieuwe wetgeving, zoals de Algemene Levensmiddelen Verordening (General Food Law), kaderverordening 1935/2004 inzake traceerbaarheid van verpakkingen en Richtlijn 2003/89/EG omtrent etikettering van allergenen. De BRC Global Standard – Food stelt dat bij tracering van eindproducten ook de gebruikte primaire verpakkingsmaterialen moeten worden getraceerd.

Voor allergenen geldt het volgende: specifieke allergenen worden opgenomen in de risicoanalyse en daarmee ook in de grondstofspecificaties. In ‘Normen voor omgeving en fabriek’ (hoofdstuk 3) wordt verder ingegaan op allergenen. Zo wordt tijdens opslag en productie een effectieve scheiding geëist om kruisbesmetting te voorkomen. Daarnaast zijn er nieuwe en aangescherpte eisen voor transport van levensmiddelen, ongeacht of het transport met eigen vervoer plaatsvindt of wordt uitbesteed. Voor het aantoonbaar borgen van de temperatuur bij geconditioneerd vervoer gelden strengere eisen. Ook voor het beperken van kruisbesmetting of geuroverdracht via voorgaande transporten zijn de eisen strikter.

Persoonlijke hygiëne
Opvallend is dat versie 4, in tegenstelling tot de International Food Standard (IFS) en de BRC Verpakkingen, de eisen rond persoonlijke hygiëne niet aanscherpt, maar juist lijkt te versoepelen. Horloges, zichtbare piercings en andere sieraden mogen niet worden gedragen, maar trouwringen en oorringen zijn nog steeds toegestaan. Sterker nog, versie 4 geeft aan dat het dragen van andere sieraden is toegestaan, indien deze om etnische, medische en religieuze redenen worden gedragen, de sieraden uit één stuk bestaan en afdoende worden afgeschermd om productbesmetting te voorkomen.
Voor wat betreft haarnetjes en baardnetjes zijn echter alleen eenmalig te gebruiken wegwerpvarianten acceptabel.

Risico-inschatting
Ten slotte is het principe van risico-inschatting ook doorgedrongen tot de eisen die betrekking hebben op de gezondheid van bezoekers en externen. Indien zij bij het betreden van productie- of opslagruimten een risico kunnen vormen voor de voedselveiligheid, zijn (zelf opgestelde) vragenlijsten omtrent gezondheid verplicht. Hetzelfde geldt voor eten, drinken en roken terwijl bedrijfskleding wordt gedragen: als dit zou kunnen leiden tot productbesmetting, mag dit niet worden toegestaan.
Door beide punten op te nemen in de risicoanalyse wordt de interpretatie minder strikt. De producent kan hiermee het aanwezige risico en de vastgestelde beheersmaatregelen duidelijk onderbouwen.

Reageer op dit artikel