artikel

Allergenenregelgeving en aansprakelijkheid

Algemeen

De eisen aan de voedingsmiddelenindustrie wat betreft inzicht in het eigen productieproces en de productstromen gaan steeds verder. Bovendien worden de verplichtingen om consumenten adequaat te informeren over samenstelling, werking en risico’s van voedingsmiddelen steeds verder aangescherpt. Etikettering van allergenen vormt daarvan een duidelijk voorbeeld.

Vanaf 25 november 2005 is het verplicht allergenen te etiketteren. Deze verplichting, maar ook andere ontwikkelingen, die hoofdzakelijk voortvloeien uit nieuwe Europese regelgeving, leiden ertoe dat de voedingsmiddelenindustrie aan steeds verdergaande eisen moet voldoen als het gaat om inzicht in het eigen productieproces en de productstromen.

De vraag is of bedrijven in de voedingsmiddelenbranche in een tijd van toenemende consumentenbescherming ook een groter risico lopen op claims indien consumenten gezondheidsschade oplopen als gevolg van het consumeren van een product. De beantwoording van deze vraag zal hoofdzakelijk worden toegespitst op de gevolgen van de etiketteringverplichting van allergenen zoals die is neergelegd in Richtlijn 2003/89/EG.

De verplichting tot het declareren van allergenen is in deze Richtlijn beperkt tot die situaties waarin een of meer van de 12 stoffen die zijn genoemd in de bijlage van de Richtlijn bewust als ingrediënt in een levensmiddel wordt opgenomen. Dit betekent onder meer dat een risico van kruiscontaminatie op grond van de Richtlijn niet verplicht op het etiket behoeft te worden vermeld, zelfs niet indien de aanwezigheid van allergenen weliswaar onbedoeld, maar zeer reëel is. De beperking van de etiketteringverplichting tot de 12 genoemde stoffen heeft tevens tot gevolg dat andere stoffen, waarvan bekend is dat deze allergische reacties kunnen veroorzaken, niet expliciet behoeven te worden vermeld, tenzij de algemene etiketteringvoorschriften daartoe zouden verplichten.

Etiketteringplicht en aansprakelijkheid
Het uitgangspunt van het productaansprakelijkheidregime is dat een producent risicoaansprakelijkheid draagt voor het in het verkeer brengen van een gebrekkig product. Risicoaansprakelijkheid wil zeggen dat een benadeelde consument weliswaar moet aantonen dat hij schade heeft geleden als gevolg van het betreffende product, maar niet hoeft te bewijzen dat de producent daarvan een verwijt treft.

Wanneer is er sprake van een gebrekkig product dat tot risicoaansprakelijkheid van de producent kan leiden? Kort samengevat gaat het om een product dat niet de veiligheid biedt die de consument mag verwachten. Daarbij moeten alle relevante omstandigheden worden meegewogen, zoals de presentatie van het product en het redelijkerwijs te verwachten gebruik. Hieruit blijkt dat het verwachtingspatroon van de consument een belangrijke rol speelt.

Het is evident dat een wettelijke verplichting om consumenten over bepaalde zaken, zoals in het product aanwezige allergenen, te informeren, van invloed is op wat de consument mag verwachten. De consument mag er immers vanuit gaan dat een levensmiddel deze wettelijk verplichte informatie bevat.

Mag hij deze verwachting wat betreft de vermelding van de 12 allergenen per 25 november 2005 hebben? Het antwoord: nee – althans niet zonder meer. In de Richtlijn is namelijk voorzien in de mogelijkheid voorraden die niet aan de eisen van de Richtlijn voldoen nog te verkopen. Afhankelijk van de houdbaarheid van producten kan deze periode korter of langer duren.

Voor de consument is dat niet zonder meer helder. Producenten, maar ook consumenten, doen er goed aan op dit punt geen onnodige risico’s te nemen. Veel verpakkingen zijn al aangepast en producenten anticiperen op de nieuwe etiketteringverplichtingen. Dat is verstandig. Van belang is door middel van goede informatie aan de consument reële verwachtingen te wekken over de aanpassing van de etiketten. Goede informatievoorziening is zowel voor de allergische consument als voor de producent (in het licht van aansprakelijkheidsrisico’s) van belang. Het is overigens niet zo dat producenten onder alle omstandigheden aansprakelijk zijn indien een product gebrekkig is. Er zijn gronden voor verweer door de producent, maar deze zijn strikt omschreven en er zal bij voedingsmiddelen die niet aan de etiketteringverplichting voldoen niet snel een beroep op kunnen worden gedaan.

Geen etiketteringplicht, toch aansprakelijk?
Zoals opgemerkt, is de verplichting tot etikettering van allergenen in de Richtlijn beperkt tot die gevallen waarin het gaat om de 12 stoffen die zijn genoemd in de bijlage van de Richtlijn indien deze bewust als ingrediënt in een levensmiddel zijn opgenomen. Maar wat nu als een allergische consument gezondheidsschade ondervindt als gevolg van de aanwezigheid van een ander allergeen of doordat als gevolg van kruiscontaminatie, en dus onbewust, een allergeen (al dan niet behorend tot de 12 die in de Richtlijn worden genoemd) in het product aanwezig is? In die gevallen kan niet als uitgangspunt worden genomen dat de consument zonder meer mocht verwachten dat het risico van aanwezigheid van deze stof(fen) op het etiket zou worden vermeld. Er is immers geen etiketteringverplichting. Dat betekent echter niet dat producenten zonder meer vrijuit gaan.

De afwezigheid van een wettelijke etiketteringverplichting zet het regime van productaansprakelijkheid niet automatisch opzij. Onder omstandigheden kan namelijk toch een verplichting van de producent worden aangenomen om de consument te waarschuwen, ook al staat dat niet specifiek in de wet. Daarnaast kan er sprake zijn van aansprakelijkheid op basis van onrechtmatige daad. Dan wordt gekeken naar de toerekenbaarheid aan de producent, de vraag in hoeverre de producent een verwijt treft van de gezondheidsschade die een consument lijdt en in hoeverre de verkeersopvattingen maken dat sprake is van toerekenbaarheid.

Daarbij is van belang hoe reëel het optreden van een risico is en wat de ernst en omvang van de mogelijke gevolgen voor de consument zijn. Indien een producent bekend is met een zeer reëel risico van kruiscontaminatie en het gaat om stoffen die ernstige gezondheidsschade kunnen veroorzaken, kan het de producent worden aangerekend wanneer hij de consument niet waarschuwt via het etiket of anderszins.

Toekomstperspectief
Niet alleen de verplichting tot etikettering van bepaalde allergenen, maar ook andere ontwikkelingen als traceerbaarheidverplichtingen, hygiënevoorschriften, toenemende technische mogelijkheden om onbedoeld in het productieproces aanwezige stoffen te detecteren, leiden ertoe dat het verwachtingspatroon van de consument verandert. Toenemende kennis bij producenten leidt tot grotere verwachtingen bij de consument. De druk op de industrie om de risico’s voor de consument die samenhangen met het productieproces te onderkennen en te beheersen neemt toe. En hoe meer de consument mag verwachten des te groter zijn de aansprakelijkheidsrisico’s voor producenten. Producenten doen er goed aan zich van deze risico’s bewust te zijn en zich te blijven afvragen of het beeld dat zij naar buiten brengen over een product aansluit bij de verwachtingen die de consument daarvan heeft of mag hebben.

Reageer op dit artikel