nieuws

Rli ziet kansen voor innovatieve plantaardige eiwitproducten

Algemeen

Rli ziet kansen voor innovatieve plantaardige eiwitproducten

De Raad voor de leefomgeving en infrastructuur adviseert om de verhouding tussen de consumptie van dierlijke en plantaardige eiwitten te verschuiven van 70/30 naar 40/60. Daarvoor is er meer variatie nodig in gezonde, verse alternatieven voor vlees, zuivel en eieren.

Dit staat in het advies dat de Rli vandaag publiceerde. Het rapport komt met aanbevelingen voor een duurzamer en gezonder voedselsysteem.  Dit biedt kansen voor de voedingsmiddelenindustrie. Zo is er een toename van de consumptie van plantaardige eiwitbronnen van tien procent per jaar (Bron: GPA). Door gericht voedselbeleid kan een thuismarkt worden gecreëerd voor nieuwe innovatieve producten in deze categorie. Ketenpartijen zoals de voedingsmiddelenindustrie hebben volgens de Rli een bepalende rol in de keuze van de consument voor duurzamer voedsel.

Invloed ketenpartijen

Zo bepalen de ketenpartijen de prijs die een boer kan vragen voor een product, waarmee zij ook financiële speelruimte voor verduurzaming van de productie kunnen bepalen. Daarnaast bepalen zij het aanbod waaruit de consument kan kiezen en kunnen zij die keuze beïnvloeden met onder andere winkelinrichting en prijsprikkels.

De verschillende partijen in de voedselketen kunnen een rol spelen in de vermindering van productie en consumptie van dierlijke eiwitten door het vergroten, promoten en aantrekkelijker maken van het aanbod aan plantaardige alternatieven voor dierlijke producten. De partijen hebben al verschillende productconcepten uitgewerkt voor een duurzamer productie, zoals het Beter Leven Keurmerk, Kipster en het Varken van Morgen. Met deze concepten sluiten de partijen aan bij het belang dat de consument hecht aan dierenwelzijn.   

Rol voor de overheid

Volgens het rapport van de Rli speelt de overheid ook een belangrijke rol in de verwezenlijking van de plannen, omdat er een publiek belang gemoeid gaat met duurzaam en gezond voedsel. De overheid kan voorwaarden opstellen met de ketenpartijen over hun dierlijke productie die passen bij de klimaat-, milieu- en volksgezondheidsopgaven in Nederland. Voorop staat dat de primaire producent een reële prijs krijgt voor zijn duurzame product. Dit kan aan de hand van de duurzaamheidsschema’s die internationale ketenpartijen nu al hanteren.  

Verder kan de overheid bijdragen aan de ontwikkeling van een exportmarkt voor nieuwe, duurzame plantaardige producten. Naast de bestaande onderzoek- en innovatiesubsidies kan zij bijvoorbeeld handelsmissies opzetten of vertegenwoordigers naar het buitenland sturen.

Ten slotte kan de overheid nog een rol spelen in de prijsbepaling van dierlijke producten. Momenteel vallen deze nog in het lage btw-tarief, de overheid kan overwegen een prijsprikkel in te voeren in de vorm van een aanpassing van het btw-tarief of de invoering van accijnzen.

Lees het gehele advies

Meer over plantaardige eiwitten op het Food Future Event

Het onderwerp plantaardige eiwitten komt ook aan bod tijdens het Food Future Event aanstaande donderdag 5 april in Den Bosch. Green Protein Alliance, Wageningen Universiteit en de Rabobank zijn enkele van de sprekers. Bekijk het programma en meld u nog snel aan.

Reageer op dit artikel