artikel

Cosun geeft boost aan innovatie

Algemeen

Cosun geeft boost aan innovatie

Cosun nam vorige zomer zijn nieuwe innovatiecentrum in Dinteloord in gebruik. Dat was hard nodig want de oude faciliteiten in onder meer Roosendaal barstten uit hun voegen. Nu alle R&D-activiteiten ondergebracht zijn onder één dak verbetert de samenwerking en de uitwisseling van ideeën, vertelt general manager R&D Arno Pouls. Dit artikel is verschenen in VMT 2 van 16 februari 2018.

De kantoren zijn nagenoeg verdwenen: er zijn vrijwel alleen open werkplekken. Deuren zijn een zeldzaamheid. Hier en daar zijn er nog scheidingswanden en dat is het dan ook wel. Het R&D-centrum van Cosun – kosten 15 miljoen euro – oogt open, transparant en fris. Het is voor de medewerkers haast onmogelijk om elkaar niet tegen het lijf te lopen in de in december officieel geopende faciliteit. Op elk van de drie niveaus van het R&D-centrum is er een koffiecorner waar de 120 medewerkers elkaar kunnen treffen. Dat kan ook in de open vergaderruimtes en in de hospitalityruimte, het restaurant. Cosun schafte pasjes aan om de verschillende R&D-ruimtes te betreden. “Dat moet het ontmoeten bevorderen”, legt R&D-manager Arno Pouls uit. Alle laboratoria hebben glazen wanden. Even bij elkaar buurten kan gemakkelijk. Soms is wat privacy noodzakelijk. Daarom zijn er een paar gesloten vergaderruimtes. Pouls: “Het zijn wel ‘staande’ vergaderzalen. Dat vergadert sneller, efficiënter en is gezonder. Bovendien kun je aan 30 procent van onze bureaus staand werken. Of deze manier van vergaderen en werken de innovatie bevordert? Als mensen zich goed voelen, heeft dit natuurlijk een positief effect op innovatie.”

Eén locatie

Cosun concentreerde zijn R&D-activiteiten om een belangrijke reden op een locatie: de samenwerking bevorderen en daarmee dus de innovatie. Pouls wijst uit het raam op een laag gebouw. Werklui zijn medio januari nog bezig er de laatste hand aan te leggen. “Hier komt het Beetlab, waar onderzoek wordt gedaan naar de suikerbieten en de cichoreiteelt. Maar omdat we ook onderzoek doen naar ziektes die dit gewas kunnen treffen, zit het Beetlab in een apart gebouw om contaminatie te voorkomen.” Deze maand zal het helemaal klaar zijn. Alle onderzoeksfaciliteiten, die eerst verspreid waren over Roosendaal en Bergen op Zoom, staan dan op een plek. “Ik verwacht snellere innovaties die dus in een kortere tijd op de markt komen. Want mensen die anders nooit zo gemakkelijk met elkaar praten, inspireren elkaar nu en brengen elkaar op ideeën.” Hij doelt dan op de R&D’ers en medewerkers van de afdeling New Business Development die in hetzelfde gebouw rondlopen. “Door kortere lijntjes is het nu ook mogelijk sneller te reageren op opmerkingen van klanten.” Door de keten heen valt er beter te optimaliseren, omdat alle R&D-kennis van zand tot klant onder een dak zit. “Vaak zie je dat iedereen alleen zijn eigen deel optimaliseert. Nu weet je bijvoorbeeld eerder welke kwaliteit grondstof van de akker welk effect in de verwerking heeft. Door dit inzicht kun je hier in een eerder stadium op reageren.” De R&D-faciliteiten zitten niet alleen dicht bij elkaar, maar ook vlak bij de kassen van een agrofoodcomplex, Suiker Unie in Dinteloord en het 50 hectare grote bedrijventerrein Nieuw Prinsenland aan de A4 dat Suiker Unie ontwikkelt. Dit biedt synergievoordelen voor het uitwisselen van energie en grondstoffen, geeft Pouls aan. “We leveren aan de kassen bijvoorbeeld water dat een restproduct is van de suikerproductie.”

Reststromen hergebruiken

Het innovatiecentrum is weliswaar splinternieuw; de apparatuur is dat niet. “Er is maar weinig nieuwe apparatuur aangeschaft. De apparaten staan nu wel logischer bij elkaar. Zo hebben we nu een grote proeffabriek in plaats van twee. Je kunt hier installaties beter combineren wanneer je apparaten moet koppelen.” Veel onderzoeken in de onderzoeksfaciliteit staan in het teken van hoogwaardig hergebruik van reststromen. Hiermee wil Cosun de komende jaren verdere groei bereiken. Neem bijvoorbeeld arabinose, een suiker afkomstig uit bietenpulp. “We hebben een proces om deze stof te isoleren en op te zuiveren. De pure arabinose heeft effect op enzymen die sacharose afbreken. Het vermoeden bestaat dat de suikerpiek afgevlakt wordt. Dat kan dus een gezondheidseffect opleveren”, vertelt de general manager. Cosun onderzoekt dit effect verder via klinische studies. De onderneming streeft er samen met andere voedingsbedrijven naar toepassingen te ontwikkelen die een gezondheidsvoordeel kunnen claimen, aldus Pouls.

Open innovatie

Cosun richt zich niet alleen op food- maar ook op non-foodtoepassingen. Zo ontwikkelde de Noord-Brabantse onderneming Betafib een cellulose uit bietenpulp die ervoor zorgt dat vloeistof heel snel stabiliseert. Het bestanddeel is toe te passen in verf en wasmiddelen. Cosun werkt hiertoe samen met Akzo. Een vorm van open innovatie? Ja, bevestigt Pouls. De Dinteloordse faciliteit biedt mogelijkheden om dit verder te ontwikkelen. “In Roosendaal (waar het oude R&D-centrum stond, red.) waren daarvoor niet altijd de juiste middelen en ruimtes aanwezig. De huidige faciliteiten bieden wat dat betreft meer ondersteuning.” Volgens Pouls is open innovatie een must. Bepaalde informatie moet je op een bepaald moment van buiten halen, geeft de R&D-manager aan. “Open innovatie is geven en nemen. Daarbij is het essentieel om van tevoren te bepalen welke informatie je wel en niet wilt delen. Of we hier intern discussies over hebben? Die is er altijd en die blijft bestaan. Het is wel belangrijk dat alle partijen er voordeel bij hebben.” In de toekomst ziet de R&D-manager samenwerkingen ontstaan met bedrijven die zich op bedrijventerrein Nieuw Prinsenland gaan vestigen. “Daar staan we open voor. Ook kunnen we hier onze R&D-faciliteiten verhuren.”

Toekomst

Voor Cosun is het R&D-centrum een van de instrumenten om de groeistrategie te verwezenlijken. Het bedrijft mikt op een omzetstijging van tien tot twintig procent buiten de corebusiness: niet-suiker- en niet-inulineproducten. De ontwikkeling van non-foodtoepassingen en biobased spelen in het groeimodel een belangrijke rol. Zo is het galactronzuurmolecuul uit bietenpulp om te bouwen naar een andere molecuul waarmee kunststof kan worden gemaakt, geeft Pouls een kijkje in de toekomst. “Maar dit is nog in de labschaalfase. Cosun gebruikt het R&D-centrum ook als etalage om jong talent te laten zien hoe leuk het is om voor het bedrijf te werken. “Dit jaar is hier bijvoorbeeld de Nederlandse Scheikunde Olympiade. Twintig van de beste scheikundescholieren van het vwo komen hiernaartoe om van onze mensen practica en theorie te krijgen over het vak. De beste vier gaan naar de Internationale Scheikunde Olympiade. We laten hier zien dat je niet per se bij chemiebedrijven hoeft te werken als je talent hebt voor scheikunde”, zegt Pouls, die natuurlijk hoopt dat toekomstig scheikundetalent zijn weg vindt naar Dinteloord.

Sensorisch laboratorium

Omdat een innovatie uiteindelijk staat of valt met de smaak, wil Pouls graag het sensorisch laboratorium laten zien. Hier wordt met veel licht gewerkt. “Omdat we de kleur wegfilteren, kunnen de 25 leden van het smaakpanel bijvoorbeeld bij koekjes niet zeggen dat het een bruiner is dan het ander. Het smaakpanel beoordeelt de producten louter op smaak.” Bijna dagelijks zijn er in dit lab niet alleen smaaktesten maar ook kwaliteitscontroles, geeft Pouls aan. “Dit nieuwe lab is van een hoger niveau. Dat we kleur kunnen filteren, maar ook kunnen spelen met temperatuur en relatieve vochtigheid, maakt de smaakbeoordelingen alleen maar beter.”

Reageer op dit artikel