artikel

Europese sojateelt heeft wind mee

Algemeen

Europese sojateelt heeft wind mee

Europa is voor zijn voedselproductie sterk afhankelijk van de import van soja uit Zuid- en Noord-Amerika. Daar zou wel eens verandering in kunnen komen. Door de hang naar duurzaamheid en het gebruik van lokale en gmo-vrije grondstoffen heeft Europese soja de wind mee. Dit artikel komt uit de printuitgave van VMT 14.

Trots overhandigde Peter Strijk, oprichter van DutchSoy, het allereerste kratje Nederlandse edamame aan gedeputeerde Jan-Nico Appelman van Flevoland. De eerste oogst van deze groene sojaboon van eigen bodem is voor Strijk het resultaat van vijf jaar experimenteren met sojateelt in Nederland. De ondernemer greep de Internationale Open Velddag op 30 augustus in Lelystad aan om zijn kersverse product te presenteren.

Schaalvergroting edamameteelt

Strijk richtte DutchSoy op in 2013. Hij begon toen met de teelt van droge soja, die voor verwerking en consumptie moet worden gedroogd. Na problemen door natte oogstomstandigheden besloot hij in 2014 ook in te zetten op de edamame. Dit boontje kan wat eerder worden geoogst. Een ander voordeel is dat een groter aantal kilo’s per hectare te behalen is – tot wel 7 ton per hectare, vertelt Strijk. De opbrengst voor droge soja in Nederland is circa 3,5 ton per hectare. En door de vroegere oogst hebben boeren ook nog tijd om een groenbemester te zaaien. De edamamezaden haalde Strijk uit Japan, waar veel edamame wordt geteeld. “Deze rassen zijn op smaak veredeld.” De komende tijd zet hij in op schaalvergroting van de edamameteelt in Nederland door meer boeren ervoor te interesseren. Zo zou de volgende oogst groot genoeg moeten zijn voor afzet naar Nederlandse supermarkten en verwerkers. Geïnteresseerde partijen kunnen intekenen op de oogst van volgend jaar. Volgens Strijk is de belangstelling groot en hebben HAK, Boon en Japanse toko’s al bonen aangevraagd om te testen.

Droge soja

Hoewel Strijk problemen ondervond met de oogst van droge soja, blijkt ook dit gewas wel degelijk potentie te hebben voor teelt in Nederland. Sterker nog, het areaal droge soja in Nederland groeit – dit jaar met 400 hectare. Een belangrijke aanjager daarvoor is de coöperatie Agrifirm, die zo’n 17.500 leden telt. Agrifirm is hier nu vijf jaar mee bezig, vertelt manager Aart den Bakker. En in die periode is duidelijk geworden dat een boer met sojateelt per hectare evenveel kan verdienen als met de teelt van tarwe. Het zo geheten saldo is goed. “En als je het als teler goed doet, kun je zelfs meer saldo halen dan met tarwe”, aldus Den Bakker. De coöperatie heeft wereldwijd gezocht naar geschikte variëteiten voor de Nederlandse omstandigheden. Belangrijk is hier vooral dat een ras vroeg afrijpt, zodat telers bij de oogst minder last hebben van het vaak vochtige najaar. Vroegrijpe rassen kunnen vanaf half september worden geoogst. Agrifirm beschikt nu over een palet van vijf geschikte rassen, ingedeeld op grondsoort en regio.

Dichter bij huis

Op het vlak van logistiek en afzet werkt Agrifirm samen met sojaverwerker en belangrijkste afnemer Alpro. Voor de producent van sojadrinks en andere plantaardige alternatieven is met name een hoog eiwit gehalte belangrijk, en daar wordt dus bij rassenselectie, teeltproeven en veredeling ook veel aandacht aan geschonken. ‘Hier worden sojabonen geteeld voor Alpro’, staat op een doek dat wappert boven de proefvelden in Lelystad. Alpro werkt bij voorkeur met lokale soja, zegt inkoper Lies Heyns. Het bedrijf wil de sojateelt dichter bij huis brengen en meer lokale sojaproductie ontwikkelen. Het van origine Belgische bedrijf gebruikt alleen non-gmo en duurzame soja waarvoor geen bossen zijn gekapt. Dat is met lokale soja gemakkelijker te garanderen. Inmiddels komt al meer dan de helft van de soja die Alpro verwerkt uit Europa. Volgend jaar moet dit groeien naar 60 procent. Naast Nederland zijn Frankrijk, Italië en Oostenrijk belangrijke teeltlanden voor deze producent. Door van meerdere Europese landen soja te betrekken, doet Alpro aan risicospreiding. De overige gegarandeerd non-gmo soja en andere plantaardige alternatieven komen uit Canada. In België heeft het bedrijf de handen ineengeslagen met toeleverancier Aveve om de sojateelt te stimuleren en op te schalen. Dit jaar is de eerste commerciële oogst van de akkers (25 ha) gekomen, die dit najaar in de Alpro-fabriek in Wevelgem wordt verwerkt. Bedoeling is om volgend jaar op te schalen tot 50 hectare en tot wel 1.000 hectare in 2025 in België.

Minder import

Een belangrijk pluspunt voor de voedingsindustrie is de garantie dat de Europese soja niet van genetisch-gemodificeerde herkomst is. De wereldwijde megaproducenten Brazilië en de Verenigde Staten – koplopers met elk een areaal van dik 33 miljoen hectare – leveren veelal gmo-soja. En ook van soja van de grootste producent in Europa, Oekraïne (8,5 mln ha), is een gmo-vrije herkomst vaak niet te garanderen. In vergelijking met de rest van de wereld is de sojaproductie in Europa echter heel klein, waardoor het op dit moment sterk afhankelijk is van import. De roep daarin verandering te brengen, wordt steeds groter. Zo ondertekenden dertien EU-landen, waaronder Nederland, half juli in Brussel een verklaring die moet aansporen tot de duurzame teelt van niet-genetisch gemodificeerde sojabonen en andere eiwithoudende gewassen in Europa. En al eerder sloot de Nederlandse overheid de Green Deal Soja in Nederland. De overheid wil dat binnen enkele jaren in Nederland op minimaal 10.000 hectare soja wordt geteeld. Betrokken bij deze deal zijn de ministeries van Economische Zaken en Infrastructuur & Milieu, de Provincies Groningen, Friesland en Drenthe, en Agrifirm. Om in de behoefte aan meer Europese soja te voorzien, is veredeling ook belangrijk. Agrifirm ontwikkelt samen met WUR, Wageningen University & Research, nieuwe sojarassen voor Nederlandse en Europese bodem. Verder werkt het Vlaamse onderzoeksinstituut ILVO aan een veredelingsprogramma. Veredelaars selecteren vroegrijpe rassen met onder meer een hoog opbrengstpotentieel en een hoog eiwitgehalte. Nieuwe rassen worden verwacht in 2019 of 2020. Dan zou de sojaproductie een grote vlucht kunnen nemen.

Wat is edamame?

De edamame is een stevig boontje. Anders dan de sojaboon, wordt de edamame vers gegeten. De groene boon, eigenlijk een onrijpe soja boon, moet kort worden gekookt in de peul. Daarna kunnen de boontjes worden gedopt. De peul zelf is niet eetbaar. Het boontje is nootachtige van smaak en is populair in Japan, waar het wordt gegeten als snack met een beetje zout, bijvoorbeeld bij een glas bier of bij sushi. Ook is de eiwitrijke boon lekker in salades. Verse edamamepeultjes zijn geblancheerd of ingeblikt (Bonduelle) te koop bij diverse supermarkten.

Dit artikel verscheen in de printuitgave van VMT 14 binnen het thema Ingrediënt en Product.

Reageer op dit artikel