artikel

Stelling: ´De voedingsmiddelenindustrie moet stoppen met alle reclame gericht op kinderen onder de twaalf jaar´

Algemeen

In de Nota Overgewicht stelt het kabinet voor om geen reclame meer te maken voor kinderen onder de twaalf jaar. De Consumentenbond pleit ook voor deze leeftijdsgrens. De FNLI ziet meer in een verbod op reclame voor kinderen onder de zeven jaar.

Stelling: ´De voedingsmiddelenindustrie moet stoppen met alle reclame gericht op kinderen onder de twaalf jaar´
a) Eens. De Nederlandse kinderen kampen al met overgewicht. Al die reclame maakt het nog erger.
b) Oneens. Kinderen moeten juist weten hoe reclame werkt.
c) Ouders zijn de boosdoeners. Die moeten ongezonde producten niet voor hun kinderen kopen.
d) Anders, namelijk …
In de Nota Overgewicht stelt het kabinet voor om geen reclame meer te maken voor kinderen onder de twaalf jaar. De Consumentenbond pleit ook voor deze leeftijdsgrens. De FNLI ziet meer in een verbod op reclame voor kinderen onder de zeven jaar.
Henk Jan Streekstra, kwaliteitsmanager, kiest gedecideerd voor c. “Wat niet in huis is wordt ook niet gegeten, met uitzondering van enkele kids.”

Jos Bruin van Warenwetadvies.nl kiest voor a. “Ik ben voorstander van een dergelijk verbod. Reclame van voedingsmiddelen gericht op kinderen, maar ook op volwassenen is zeker niet de enige oorzaak, maar het maakt deel uit van een breed complex van oorzaken. Alle stakeholders zullen echt alles uit de kast moeten halen om de toename van obesitas te keren en daar hoort ook een dergelijk verbod bij. Het argument van FNLI-voorzitter Den Ouden dat je kinderen beter kunt leren “hoe om te gaan met reclame” snijdt geen hout. Je mag verwachten dat volwassenen wijs genoeg zijn om te weten hoe zij moeten omgaan met reclame, maar de toename van obesitas onder volwassenen stopt niet. Het feit dat er in landen met beperkingen ten aanzien van reclame voor voeding ook sprake is van een toenemende obesitasproblematiek, geeft enerzijds aan dat sprake is van een complex van oorzaken, maar bevestigt ook dat de inzet van alle middelen noodzakelijk is.”
Ook Maikel Laureijssen kiest voor a. “Op zich ligt een eerste verantwoordelijkheid bij de ouders, echter niet elke ouder neemt die verantwoordelijkheid. Dat ouders hun ouderlijke verantwoordelijkheid niet nemen is een van de problemen van de huidige maatschappij. Reclame heeft als doel kinderen te ‘triggeren’ met iets waar wij als maatschappij vraagtekens bij zetten. Reden genoeg om in te grijpen.”

Liesbeth Hop van de stichting Reclamerakkers is het oneens met de stelling en kiest voor b. “Kinderen tussen de zeven en twaalf jaar hebben het recht op opvoeding en educatie over een maatschappelijk verschijnsel zoals reclame.”

Reageren op onze nieuwe stelling?
Ga naar www.vmt.nl, button ‘opinie’

Reageer op dit artikel