artikel

Betere machines en na afloop tevreden standhouders

Algemeen

Ondanks de economische tegenwind hebben de Nederlandse bedrijven aanwezig op de Anuga FoodTec geen spijt van hun deelname. Minder onderhoud, efficiency en een betere productkwaliteit vormden de rode draad in hun aanbod. Na afloop reden de meeste standhouders weer met een tevreden gevoel huiswaarts.

“Je moet hazeleer onder je schoenen hebben.” Deze opmerking van een standhouder typeert de huidige financiële onrust. Het komt erop neer dat je als toeleverancier zoveel mogelijk afnemers moet bezoeken. Veel standhouders kiezen deze strategie om de crisis te doorstaan. Ook nemen de flexibiliteit en snelheid van leveren zowel bij henzelf als hun toeleveranciers van onderdelen flink toe.

Zonodig worden daarvoor nieuwe samenwerkingsverbanden gevormd tussen fabrikanten met aanvullende leveringspakketten. Hetzelfde geldt voor de snellere ‘time to market’-periode die een groot beroep doet op de creativiteit en het innovatief vermogen van machinebouwers en fabrikanten van voedingsmiddelen. Tegelijkertijd viel te beluisteren dat noviteiten steeds minder vaak openlijk op beurzen worden getoond of zoals in het geval van Krones, die een complete vesting bouwde, volledig aan het oog onttrokken.

Van groot tot klein
In totaal stonden ongeveer zestig Nederlandse bedrijven op de Anuga, enkele minder dan de vorige keer. Van heel klein, Pippel Engineering met de meloenschilmachine, tot heel grote zoals Stork Food & Dairy systems. Machinefabrikanten waren ruim vertegenwoordigd. Dinnissen, die meng- en zeefmachines voor onder andere de voedingsmiddelenindustrie ontwerpt, ziet in deze markt geen problemen.

Het bedrijf toonde de Pegasus menger, die helemaal uit elkaar gehaald kan worden om schoon te maken. “In de voeding gaat het erg goed, we zien zelfs een toename in aanvragen en projecten met onze Pegasus mengsystemen vergeleken met vorig jaar”, vertelt Han Joosten, salesmanager bij Dinnissen. “Ik weet natuurlijk niet hoe het over een half jaar is.” Het bedrijf werkt ook voor de chemische industrie en daar gaan de zaken een stuk minder. Dinnissen bestaat al zestig jaar. “Waarschijnlijk zijn oudere bedrijven redelijk solide, omdat ze zich in de breedte hebben ontwikkeld. Een goed segment als food helpt ons door de mindere tijden, aldus Joosten.”

Ook bij kleine bedrijven zoals Omve gaat het tot nu toe nog goed. Omve maakt lab- en pilotplantapparatuur voor de voedingsmiddelenindustrie. De directeur Govert van Oord ziet wel dat multinationals op hun centen letten en vragen of ze gespreid kunnen betalen. “Maar ons voordeel is dat we echt nieuwe apparatuur maken. Bedrijven die een voorsprong willen maken, investeren nu in nieuwe apparatuur.” Omve staat voor het eerst op de Anuga FoodTec. Van Oord: “Normaal staan we op de Food Ingredients. Daar spreken we direct de juiste personen zoals het hoofd lab. Hier moeten we concurreren met heel veel roestvrij staal, maar ik ben tevreden over de aanloop.”

Service neemt toe
Bedrijven die naast apparaten ook servicediensten aanbieden, merken dat er meer vraag is naar onderhoud van bestaande machines. Bos Homogenisers levert homogeniseerders aan onder andere de voedingsmiddelenindustrie. De onderneming merkt dat de vraag naar onderdelen en onderhoud van bestaande machines toeneemt. Ook Bactoforce, een bedrijf dat onder andere tanks en sproeidrogers inspecteert op aanslag en haarscheurtjes, merkt dat de vraag naar zijn diensten toeneemt.

Hoewel de crisis niet onopgemerkt aan hen voorbijgaat, lieten de beursdeelnemers veel noviteiten zien. Zie de volgende twee pagina’s voor een selectie van de nieuwe apparaten.

Zuivel
Zoals te verwachten stonden er veel Nederlandse zuivelbedrijven op de beurs. C. van ’t Riet toonde een wrongeldraineermachine met servomotoren waarmee de wrongel in plakken van exact dezelfde afmeting wordt gesneden. Groba, naar eigen zeggen een van de grootste kaasverwerkers van Nederland, toonde een blokjessnijder die 120 blokjes kaas per minuut levert van exact dezelfde grootte.

De kaascoatingmachine van BMA is sterk verbeterd. Niet alleen wordt de coating egaal over 60% van het kaasoppervlak verdeeld, ook de vervuiling van de machine en omgeving is sterk verminderd. Besparingen tot 5% op de coating kunnen daardoor worden gerealiseerd, en uiteraard zijn er minder schoonmaakkosten.

Uipositionering
Met behulp van visiontechnologie weet Finis uien (Ø 50 – 120 mm) op de kop te positioneren waarna deze automatisch kunnen worden ontdaan van kop, kont en buitenste schillen. Een camera scant de ui continu, waarna wieltjes de ui in de gewenste positie draaien en vervolgens in de uitsparing van de band leggen zodat deze verticaal blijft liggen. Door acht banden naast elkaar te zetten, zou de machine 10.000 tot 12.000 uien per uur kunnen verwerken, het werk van normaliter twee mensen. Nog dit jaar zal de machine op de markt komen.

Niet iedere ui wordt altijd goed geschild. Daarvoor heeft Sormac zijn bestaande uienschilmachine voorzien van een herstelunit. De selecteurs kunnen de niet goed geschilde uien daarin gooien waarna die volautomatisch verticaal wordt ingesneden en de bruine schil/rok alsnog wordt weggeblazen.

Messenschiller
Finis verbeterde zijn messenschiller voor aardappelen en wortelen. De 12 tot 24 schijven, met daarin, afhankelijk van de uitvoering, meerdere messen, hebben een veel grotere (30 cm) diameter dan voorheen. Ook worden ze niet meer door een tandwielenstelsel, maar individueel aangedreven door onderhoudsvrije motoren. Een gladder oppervlak en daarmee een beter ogend en langer houdbaar product en lagere onderhoudskosten zijn het resultaat. De machine is toegankelijker gemaakt, zodat deze gemakkelijker kan worden gereinigd, onderhouden en omgesteld.

Bladgroente
Door een snijmachine te ontwerpen met daarin oscillerende messen weet FTNON de houdbaarheid van gesneden bladgroenten met een dag te verlengen. Een lopende band voert een breed assortiment slakroppen naar de snel heen en weer bewegende messen (40 Hz). Bij het snijden wordt er nauwelijks druk op het kwetsbare product uitgeoefend. Dat zorgt, in combinatie met een beter snijvlak, voor minder verkleuring van het snijdoppervlak en de langere houdbaarheid van het gesneden product. De proeffase met twee machines bij klanten is net afgerond, zodat de machine binnenkort op de markt zal worden gebracht.

Sormac toonde een verbeterde centrifuge voor kwetsbare bladgroenten als rucola. De machine draait dankzij vier (voorheen acht) luchtbalgen die onderling met elkaar zijn verbonden stabieler, waardoor onbalans bij het centrifugeren sterk is teruggedrongen met als gevolg een egaler toerental en navenant droog product. Na iedere batch reinigt een luchtmes de trommel.

Fruit
Vers fruit is een zeer kwetsbaar product. Om die reden wordt de buitenkant vaak gewassen en gepasteuriseerd zodat parasieten en ziektekiemen worden gedood en schimmels zoveel mogelijk worden verwijderd. Het stoomsysteem van FTNON doet dat op een zeer energiezuinige manier met behulp van het gepatenteerde ‘dynamic cloud control’ systeem. Daarmee wordt de hoogte van de horizontale stoomdeken nauwkeurig ingesteld en dit samen met de bandsnelheid bepaalt de ontsmettingstijd.

Doordat het product in de machine omhoog wordt getransporteerd en er met 0,5 bar overdruk wordt gewerkt, ontsnapt er nauwelijks stoom. FTNON claimt het energieverlies tot minder dan 1% terug te kunnen dringen. De eerste systemen draaien inmiddels in Zweden en het Verenigd Koninkrijk.

2% restzuurstof
Stork Food & Dairy Systems claimt een aseptische afvuller te hebben ontwikkeld waarbij maximaal 2% zuurstof in de kopruimte achterblijft. Vruchtensappen, maar bijvoorbeeld ook met vitamine verrijkte zuivelproducten, zijn daardoor twee maanden houdbaar, wat neerkomt op een verlenging van twee weken. Dit komt vooral omdat de afbraak van vitamines, maar ook verkleuringen als gevolg van oxidatie minder snel optreden. Met machines in de Verenigde Staten zouden al zuurstofpercentages van 2 zijn gerealiseerd.

De Stork Asep-Tec vuller realiseert dit door in de diverse afvulstadia stikstof toe te voegen, vanaf de lege fles tot en met het wegblazen van schuim dan wel gas in de kopruimte vlak voordat de aluminium seal wordt geplaatst. En zelfs daarna, tot het dichtsealen van de fles, voorkomt een stikstofrijke omgeving dat er alsnog lucht en daarmee zuurstof in de fles stroomt. Ook andere machines heeft Stork met het ‘modified atmospheric filling’ systeem uitgerust waardoor afhankelijk van flessenvorm, vullingsgraad enzovoort, zuurstofpercentages van 2 tot 6 worden gerealiseerd.

Stoomrecycling
Ook bij Royal GMF Gouda, dat er bewust voor had gekozen niet op de Anuga (en Achema) te staan, maar te gast was in de toch al kleine stand van partner NIZO, was er aandacht voor energiebesparing. Met behulp van de E-condensor, die samen met engineeringbureau Solutherm is ontwikkeld, wordt de warmte van afgeblazen stoom uit de aardappelstoomschiller opgeslagen in een platencassette.

Door hier vervolgens water over te sproeien, kan dit worden opgewarmd tot circa 80°C. Tot 65% van de bij het stoomschillen vrijkomende energie kan op deze manier worden teruggewonnen. Terugverdientijden van een tot tweeënhalf jaar lijken op basis van casestudies haalbaar. Overigens kunnen ook stoomschillers van andere leveranciers erop aan worden gesloten.

Minder tarra
Tummers toonde zijn verbeterde ontstener die nu onderhoudsvrij langere tijd kan draaien. Verder bespeurde het bedrijf een toenemende belangstelling voor zijn rijdende installaties (capaciteit tot 70 ton/uur) waarmee bij de akkerbouwer de aardappelen al worden gewassen en ontsteend. Behalve stenen en kluiten blijven met de afgewassen grond ook de ziektekiemen en parasieten op de bedrijven. De verwerkende industrie – sommige fabrikanten staan maximaal 0,5% tarra toe – bespaart daarmee enorm op transport- en stortkosten; wat niet wordt aangevoerd, hoeft immers ook niet te worden afgevoerd.

Messenblok
Kiremko is erin geslaagd om voor haar Quadraflow systeem voor het snijden van aardappelen op basis van waterkracht een messenblok te ontwerpen waarbij de messen nog slechts 1 millimeter (voorheen 1,5 mm) breed zijn. De producent claimt dat feathering hierdoor met 75 tot 90% afneemt. Doordat er minder zetmeel vrijkomt, zijn in het vervolgproces minder antischuimmiddelen nodig. Ook kan volstaan worden met een minder zware motor. De messen zijn een jaar getest en blijken niet vaker te breken dan de dikkere variant.

Tummers toonde nog een watersnijlijn waarbij een cilindrisch mes het hart uit door water aangevoerde paprika’s snijdt. Het apparaat waarvan het mes gemakkelijk is te vervangen, komt nog dit jaar op de markt.

Reageer op dit artikel