artikel

Een dolk in de uienpoeder

Algemeen

Glasscherfjes, metaaldeeltjes, stukjes eierschaal, visgraten, bamboe, plantenresten en insecten. Allemaal voorwerpen die voor of tijdens de productie van voedingsmiddelen zijn gedetecteerd. Ze komen mee met de grondstoffen of raken in het proces, tijdens het verpakken of bij de consument verzeild in het product. VMT vroeg een aantal bedrijven uit verschillende sectoren naar hun ervaringen en (detectie)oplossingen.

Helen Peeters is QA-manager bij Oerlemans Foods. Dit bedrijf verwerkt verse groenten die na oogsten meteen worden verwerkt tot diepvriesproducten. Er komt van alles mee: “Takjes, blaadjes, schroefjes, hout en papier, maar ook stukjes van plastic tafellakens en allerlei andere zaken die picknickende mensen zoal weggooien. Met nat weer vinden we soms kikkers. En ooit zat er een handgranaat tussen de aardappelen.”

Ook HAK, eveneens verwerker van (verse) akkerbouwproducten, ziet volgens KAM- coördinator Henri Sonnemans veel producteigen verontreinigingen zoals steeltjes en schilresten en dierlijke verontreinigingen zoals torren, rupsen en slakken. Maar ook zand, klei en stenen komen veel voor.

Bizar
Het meest bizarre wat de Huijbregts Groep ooit vond, was een dolk in de uienpoeder. “Of 150 kilo bakstenen in een partij koriander van 1000 kilogram. Dat laatste is uiteraard bewust gedaan”, aldus directeur Frans Huijbregts.

Bierbrouwer Grolsch komt vrij weinig productvreemde zaken tegen. Hetty Holstein, chef kwaliteitsbeheersing: “Soms stopt een consument bijvoorbeeld een stukje plastic in een retourfles. Dit wordt bij het schoonmaken van de flessen uiteraard verwijderd.”Harry Bergen Henegouwen, total quality manager bij Bakkersland, merkt dat grondstoffen uit bepaalde landen kwetsbaar zijn. Rozijnen en krenten worden in Griekenland en Turkije op betonnen vloeren en op zeiltjes in de zon gedroogd. Bij het verschrompelen kan een steentje half in de rozijn komen vast te zitten. Zoiets is moeilijker te detecteren.”

Maar ook verpakkingsmateriaal zorgt voor vervuiling. Bijvoorbeeld als een product (tijdelijk) wordt verpakt, (ingevroren) wordt opgeslagen en vervolgens – met de hand – wordt geopend. Delen van de kunststof zak zelf of de bandjes waarmee deze dichtzit, kunnen daarbij in het product komen.

HACCP
Dankzij HACCP is de kans dat er tijdens het productieproces wat gebeurt, klein. Al kan een schroef van een machine altijd losgaan of kan van een krabber een stukje (felgekleurd) plastic slijten. Maar bedrijfskleding bijvoorbeeld heeft geen uitwendige zakken of knopen meer en er is veel aandacht voor persoonlijke hygiëne. “Ooit is er – voor tijdelijke opslag – een blauwe plastic handschoen met het vlees meeverpakt. Een medewerker had deze uitgedaan, neergelegd en vergeten”, aldus de kwaliteitsmanager van een producent van vleesreepjes die anoniem wil blijven. Een producent van onder andere koelverse en houdbare maaltijden, soepen en sauzen en worstjes (ook anoniem) weet van een incident in Duitsland waarbij een notitieblokje met pen in een conservenblik zat: “Maar dat was vijftien jaar geleden; tegenwoordig kan dat niet meer.”

Consumentenklachten
Ongeveer 20-40% van alle consumentenklachten komt voor rekening van zaken die niet in het product thuishoren. Van de meeste klachten is de oorzaak vast te stellen, al is dat wel afhankelijk van het soort bedrijf: hoe meer grondstoffen hoe moeilijker het soms is om de herkomst te achterhalen. De (anonieme) maaltijdproducent kan een beroep doen op de 24-uurs Emergency Response Service van TNO. “Van een stukje gekleurd glas hebben zij kunnen aantonen dat het van een niet-West-Europese kerk komt. Waarschijnlijk komt het dus via de toeleverancier van een akker. In elk geval was het niet van ons afkomstig.”

Glas blijkt ook vaak afkomstig van huishoudelijke materialen zoals drinkglazen en ovenschalen.

Peeters: “Uit onderzoek door een onafhankelijke onderzoeksinstantie blijkt dat glasklachten voor 99% voor rekening komen van hittebestendig glas en hoogstwaarschijnlijk afkomstig zijn uit de keuken van de eindgebruiker zelf.” Dat consumenten in zo’n geval klagen, heeft volgens Peeters vaak te maken met onwetendheid.”

Mondiger
Nederlandse consumenten worden steeds mondiger, daarover is iedereen het eens. Niet alleen wordt er meer geklaagd, ook eist men compensatie voor geleden schade. Zo zijn er consumenten die een klacht indienen om bijvoorbeeld een hoge tandartsrekening vergoed te krijgen. Consumenten klagen dan dat ze hun kies gebroken hebben over een botje in het vlees of een steentje in brood. In België gebeurt dit veel minder, weet de maaltijdproducent.

Andere klachten blijken verzonnen, zoals een naaldendoosje in een snackproduct. Het kostte die producent (die ook anoniem wil blijven) veel tijd en geld om dat te ontdekken. Ook van een naald in een brood kon Bakkersland moeilijk achterhalen of dat klopte. Maar klachten worden altijd serieus genomen. Bergen Henegouwen: “Met een oma die op eerste Kerstdag belt omdat haar kleinkind bijna stikt in een druiventakje in een krentenbol, neem ik direct persoonlijk contact op. Het is niet altijd te voorkomen, maar de gevolgen kunnen ernstig zijn.”

Detectiesystemen
Detectie is daarom belangrijk. Maar organische verontreinigingen (dierlijk en plantaardig) zijn – als ze dezelfde kleur en/of dichtheid hebben – met röntgen bijvoorbeeld niet goed op te sporen. Ook eisen van afnemers maken het soms lastig: “Wij leveren melassestroop in een emmer met een ijzeren hengsel, omdat onze afnemers dat willen. Maar dat maakt detectie op metaal wel moeilijk”, aldus Huijbregts.

Een aantal bedrijven heeft röntgen- en/of visionsystemen, waaronder de (anonieme) maaltijdproducent. Peeters: “Bij Oerlemans Foods staan in de productielijnen meerdere kleurenlasersystemen opgesteld die afwijkende kleuren en structuren detecteren. Daarnaast is er een kleursorteerder die extreme kleurafwijkingen signaleert, bijvoorbeeld in een rotte aardappel. In de afpaklijnen staan lasersorteerders die op structuur – onder andere stukjes plastic – selecteren.”

Ook de flessen in de bottelarij van Grolsch gaan langs een inspectieapparaat dat materialen zoals onder andere plastic en glas herkent. Maar ook restvloeistoffen als reinigingsmiddel dat na schoonmaken kan zijn achtergebleven wordt hiermee gedetecteerd en vervolgens verwijderd. Daarnaast worden flessen met breuken of glasbeschadiging eveneens door het inspectieapparaat herkend en uit het proces gehaald.

Huijbregts kiest binnenkort in zijn eind dit jaar te openen fabriek naast metaaldetectie ook voor röntgen: “Naast het vinden van productvreemde delen als harde stukjes plastic, dienen de per verpakking gemaakte foto’s als bewijslast naar onze afnemers toe, in geval zij productvreemde zaken tegenkomen waarvan zij de herkomst willen achterhalen. Op die manier kunnen wij snel aantonen dat de verontreiniging niet bij ons vandaan komt. Dat bespaart ons veel tijd. Momenteel onderzoeken we met enkele collega-bedrijven de mogelijkheden van verschillende systemen. We starten met één productielijn, bedoeling is op termijn uit te breiden naar acht tot tien lijnen.”

Gebruiksgemak
Vrijwel iedereen is tevreden over de gebruikte detectiesystemen. Regelmatig wordt overlegd met leveranciers over ontwikkelingen en worden partnerschappen aangegaan. Wel zijn er verbeterpunten. Bergen Henegouwen: “Röntgen- en visionsystemen zouden betaalbaarder moeten zijn. De kosten staan niet in verhouding tot de gedane investeringen om klachten te verminderen.”

Dat detectiesystemen steeds nauwkeuriger worden, is niet altijd een pluspunt, meent de (anonieme) maaltijdproducent: “Hoe kleiner voorwerpen en materialen te detecteren zijn, hoe groter de kans op storingen en – onterechte – uitstoting. Ook zijn dergelijke systemen duur. De VWA hanteert een norm van 5 mm. Bij 7 mm (2 mm voor risicogroepen) vormen deeltjes een gevaar voor de volksgezondheid. Dus als we alles vanaf 5 mm detecteren, dan is dat in principe voldoende.”

Machines worden ook steeds complexer en daardoor moeilijker te bedienen. De (anonieme) producent van vleesreepjes wenst daarom meer gebruiksgemak: “Het opnieuw iedere keer instellen van de metaaldetector kost tijd. Bij iedere nieuwe productieronde – als je bijvoorbeeld gekruid vlees wilt in plaats van naturel – moet de detector vanwege vocht- en geleidingsverschillen opnieuw worden gekalibreerd. Als dat nu eens met één druk op de knop zou kunnen…”

Preventie
“Maar alle detectoren zijn, hoe goed ook, eindoplossingen. Sonnemans: “Preventief te werk gaan en voorkomen dat verontreinigingen in de producten komen, levert de meeste winst op.” Dat betekent de keten ingaan en werken in coöperatief verband of met gecertificeerde toeleveranciers en, zoals Huijbregts, zelf betrokken zijn bij het management. Een andere mogelijkheid is dat toeleveranciers detectiesystemen gaan installeren. Al valt of staat het succes ervan met de medewerkers die de detectiesystemen moeten bedienen.

Zorg ook voor (bij)scholing in schoon werken. Bergen Henegouwen: ”Door zuiverder te oogsten en te zorgen voor schonere drogingsplaatsen voor die zonnebloempitten is veel te winnen. En rvs is niet per se nodig, maar zorg wel dat die betonnen vloer heel en gecoat is.” Om de voedselveiligheid van bakkerij-ingrediënten te kunnen garanderen, heeft Bakkersland in 2008 met andere bedrijven en organisaties in de bakkerij- en zoetwarensector de databank RiskPlaza geïntroduceerd, een door de VWA erkend systeem.

Vreemde zaken in producten zijn echter nooit helemaal uit te bannen, ook al willen bedrijven en consumenten het nog zo graag. Peeters: “Enkele jaren geleden waren drie bonentakjes per kilogram nog acceptabel, nu is dat één. Gek eigenlijk, want het gaat om producteigen delen. Zitten ze aan de bonen van de groenteboer dan maakt het niet uit, maar komt het uit de diepvries, dan is één al te veel.” Huijbregts vult aan: “Bedrijven geven veel geld uit om glas in een product te voorkomen, maar de consument die een barstje in zijn bierglas vindt draait deze gewoon om.”

Reageer op dit artikel