artikel

Alle neuzen richting gezonder kant-en-klaar

Algemeen

Schrikbarende cijfers van de hoeveelheid zout in pizza’s. Nasimaaltijden die nauwelijks groenten bevatten. Kant-en-klaarmaaltijden zijn dikwijls ongezond. Tijdens het symposium ‘Gezonder kant & klaar’ vroeg het Voedingscentrum zich samen met betrokken partijen af hoe het convenience-segment gezonder te maken. Concrete stappen blijven moeizaam.

In de sprookjeswereld van de Efteling werd op 29 oktober de keiharde realiteit uitgesproken over kant-en-klaarmaaltijden. Ze zijn ongezond en kampen met een slecht imago. Maar wie neemt het voortouw om dat te veranderen en is het wel zo makkelijk om de maaltijden gezonder te maken? Dagvoorzitter en lector Leefstijlverandering Jongeren aan de Haagse Hogeschool Rob Oudkerk beloofde de ruim honderd bezoekers van het symposium ‘Gezonder kant & klaar’ dat de dag was bedoeld om zaken te doen en daadwerkelijk stappen richting gezonder kant-en-klaar te nemen.

Ongezonde groei
Berichten van onder andere de Consumentenbond over stamppotten met veel zout en verzadigd vet en pizza’s die tot 9 gram zout bevatten zorgen voor een ongezond imago van het gemaksvoedsel. De consument pikt deze boodschap op. Marcel Temminghoff van onderzoeksbureau GfK illustreert dit tijdens zijn presentatie met cijfers. Op de vraag hoeveel zout een product bevat noemt 80% van de ondervraagden kant-en-klaarmaaltijden en pizza als producten die veel zout bevatten. Consumenten zeggen dan ook dat ze niet vaak uit de magnetron eten. Ruim 80% beweert vijf of meer dagen per week te koken en 70% zegt zelden of nooit een kant-en-klaarmaaltijd te eten.

Maar de markt voor gemaksproducten groeit. Sinds 2002 werd er 51% meer besteed aan kant-en-klaarmaaltijden. De omzet bedraagt in 2008 ruim €700 miljoen. Temminghoff rekent voor dat 2% van al het geld dat aan voeding wordt besteed naar kant-en-klaarmaaltijden gaat. Van alle huishoudens koopt, anders dan ze beweerden, 94% kant-en-klaarmaaltijden. Gemiddeld kopen mensen de maaltijden 1,6 keer per maand en betalen ze €4,20 voor een maaltijd.

Want een kant-en-klaarmaaltijd is misschien niet het gezondste alternatief, makkelijk is het wel. Ook Oudkerk geeft toe dat hij af en toe wat in de magnetron schuift. “Ik heb er vorige week vrijdag nog één gehad. Met gele rijst en onbestemde vleesproducten”. En Temminghoff was blij met een beroepsmatige verkenning. “Het bespaart tijd. Die heb ik kunnen besteden aan het maken van deze presentatie.” Bijna iedereen eet er wel eens één en 20% kiest zelfs één keer per week voor gemak. De zogenaamde heavy buyers zijn goed voor 53% van de omzet.

Ongezouten waarheid
Maar is alleen het imago ongezond of schort er inderdaad veel aan de gemaksmaaltijden? Tijdens de paneldiscussie komt bijvoorbeeld de opmerking uit de zaal dat niet alle maaltijden over één kam geschoren mogen worden. Het kant-en-klaarschap is immers nogal uitgedijd de laatste jaren. Een pizza of een nasischotel is heel wat anders dan een stoommaaltijd met vis en groente. Uit cijfers van de Voedsel en Waren Autoriteit (VWA) blijkt de ongezouten waarheid. “Er zijn stamppotten die helemaal geen vitamine C leveren”, verbaast Boudewijn Breedveld, Voedingscentrum, zich. Slechts 2 van de 83 door de VWA in 2007 onderzochte maaltijden kwamen in aanmerking voor de categorie ‘bij voorkeur’ van het Voedingscentrum. De hoeveelheid zout was zelfs niet meegenomen in deze bepaling.

Duizenden doden
Wat moet er dan precies veranderen aan de maaltijden om ze zonder schuldgevoel in je winkelwagentje te kunnen stoppen? Zout is een groot aandachtspunt. De Gezondheidsraad adviseert om niet meer dan 6 gram zout per dag te consumeren. Een stuk minder dan de 10 tot 12 gram die we gemiddeld tot ons nemen. “Er vallen jaarlijks duizenden doden door te veel natriumzout”, alarmeert Henry Uitslag van de Consumentenbond. Door 3 gram per dag minder te consumeren doen zich 11% minder beroertes en hartinfarcten voor. Bij vermindering van de dagelijkse hoeveelheid met 6 gram ligt dit percentage op 21%. Maar zout is niet het enige heikele punt. Ook de hoeveelheden verzadigd vet en groenten voldoen over het algemeen niet aan de voorwaarden die het Voedingscentrum stelt. Er schort ook regelmatig wat aan de hoeveelheid energie die een maaltijd levert.

Via etikettering is nog veel winst te behalen. De Consumentenbond zag het liefst een stoplichtsysteem met een kleurcodering per nutriënt op elk product. Maar tijdens de paneldiscussie bleek dat fabrikanten daar huiverig voor zijn. “Dat betekent dat een ijsje altijd rood is. Dan denkt de consument: dat mag ik niet hebben”, was een reactie. Maar duidelijke etikettering kan de consument zeker helpen. De groente als eerste noemen in de benaming is nuttig. Spruitjes met slavink, klinkt anders dan gehaktbal met broccoli.

Beste uit de test
Gezonder kant-en-klaar. Makkelijker gezegd dan gedaan, blijkt uit de praktijkverhalen van Astrid Kühlkamp, maaltijdenleverancier Apetito & Bonfait, en Nicole Horsmans, Super de Boer. Zo had Super de Boer een zuurkoolstamppot die in de Gezondgids van de Consumentenbond als beste uit de test kwam. Maar dat betekent niet dat de consument het ook lekker vindt, legt Horsmans uit. Bestaande productielijnen vormen een belemmering. “Bij een drievaksmaaltijd past makkelijk 180 gram spinazie à la crème in het vakje voor de groenten, maar van broccoli krijg je er maar 130 gram in”, zegt Kühlkamp. Bij een stamppot hoort nou eenmaal rookworst. En probeer maar eens 150 gram groenten in een nasimaaltijd te stoppen.

Bovendien blijkt het moeilijk om maaltijden te maken die iedereen tevreden stellen. Apetito levert veel aan verzorgingshuizen en merkt dat bejaarden 500 gram voor een maaltijd soms te veel vinden. Terwijl Horsmans er juist over dacht om een mannenmaaltijd te introduceren, omdat die doelgroep vaak niet tevreden is over de portiegrootte.

Super de Boer probeert het door maaltijden aan te vullen. Bijvoorbeeld babi pangang met een zakje rauwkost en lasagne met gazpacho. De droom van Horsmans is om van gezonde producten hardlopers te maken. Maar ze voegt daar in alle eerlijkheid aan toe: ”Ik denk dat mij dat niet gaat lukken.” Ze doet daarom een oproep om de krachten te bundelen en samen de uitdaging aan te gaan. Horsmans laat na afloop van het congres telefonisch weten dat ze veel positieve reacties op haar oproep heeft gehad van zowel retailers en leveranciers, maar dat er nog geen concrete afspraken zijn gemaakt.

Eenduidig
Oudkerk concludeerde aan het einde van de dag dat de neuzen misschien niet zoveel verschillende kanten op staan en dat er geen enkele technologische en wettelijke belemmering is om kant-en-klaar aan te pakken. Hij verbaasde zich erover dat de overheid ondanks 40.000 doden en €6,7 miljard kosten door overgewicht per jaar het initiatief aan de industrie laat. En hij sprak de industrie erop aan dat het een kwestie is van willen. “De klant zal er uiteindelijk om vragen. Als je er echt iets aan wil doen dan kan het. Maar wees eenduidig.”

Reageer op dit artikel