artikel

Gezocht: Technoloog

Algemeen

Wie vaart er wel bij hoge grondstofprijzen, de prijzenoorlog en de continue behoefte aan nieuwe producten? Voor wie staan levensmiddelenbedrijven in de rij? De levensmiddelentechnoloog. Zeker technologen met vijf tot tien jaar ervaring zonder managementambities, zijn niet aan te slepen. “Een technoloog zonder baan is vaak een eigen keuze.”

Loopbaan
Thema: Werken aan food

Dionne Irving

Gezocht: Technoloog

Wie vaart er wel bij hoge grondstofprijzen, de prijzenoorlog en de continue behoefte aan nieuwe producten? Voor wie staan levensmiddelenbedrijven in de rij? De levensmiddelentechnoloog. Zeker technologen met vijf tot tien jaar ervaring zonder managementambities, zijn niet aan te slepen. “Een technoloog zonder baan is vaak een eigen keuze.”

Het zijn gouden tijden voor een levensmiddelentechnoloog op zoek naar een (andere) baan. De vraag is toegenomen, maar het aanbod daalt. Want steeds minder studenten willen het harde rekenwerk. Ze kiezen liever voor productontwikkeling Geen massa- en energiebalansen meer doorrekenen, maar nieuwe producten maken. Dat is niet altijd zo geweest. “In de jaren negentig waren er te veel afgestudeerde technologen. Iedereen vond uiteindelijk wel een baan, maar met moeite. Nu vragen de afgestudeerde technologen mij: welke van deze banen moet ik kiezen?” Ralf Hartemink, opleidingscoördinator levensmiddelentechnologie aan de Universiteit Wageningen (WUR) maakte zowel de goede als de slechte tijden mee.

De lijn draait toch
John Broekman, procestechnoloog bij Hero Nederland, studeerde in 1993 af aan de WUR. Hij kent de tijden van overschot. “In die tijd waren er erg weinig functies voor technologen met slechts stage-ervaring. Ik begon in een kwaliteitsfunctie bij een champignonconservenfabriek. Mijn chef was ook technoloog en ik mocht regelmatig technologische klusjes opknappen.” In 2001 maakte Broekman de switch naar Bavaria, waar hij procestechnoloog werd. “Dat was feest. Proceslijnen worden op zeventig procent van hun kunnen neergezet. De taak van de technoloog is om dat op te krikken.” Maar toen Bavaria moest saneren bleek de functie van procestechnoloog misbaar. Broekman vertelt: “Het proces draait toch. Een technische dienst en operators kunnen de lijn draaiende houden, maar die kijken minder naar hoe je bijvoorbeeld chemicaliën kan besparen. Een technoloog kan dieper in de materie duiken.” Nu werkt Broekman al anderhalf jaar als procestechnoloog bij Hero Nederland. “Hero installeerde nog niet zo lang geleden een aantal nieuwe proceslijnen. Ik werk samen met een collega-technoloog waarbij ik mij vooral bezighoud met optimalisatie.” Hij erkent dat de markt nu veel beter is dan vroeger. “Nu is er een grote vraag naar technologen, omdat energie duur wordt en omdat de grondstofprijzen de lucht inschieten. Dan focussen bedrijven op kostenbeheersing en optimalisatie. Ja, slechte tijden zijn gouden tijden voor de technoloog.”

Flinterdunne marges
Ook Bert den Uijl, directeur van wervingsbureau DUPP, ziet dat de vraag naar technologen is toegenomen. “Hoogwaardige technologische kennis is onmisbaar in de Nederlandse bedrijven. Veel handwerk is verplaatst naar lagelonenlanden. Maar de vraag naar technologen in de R&D en in de productie is toegenomen. De markt is transparanter en de marges zijn flinterdun. Productieprijzen zijn daarom erg belangrijk. Het continu monitoren van proceslijnen is daarom van levensbelang.” Ook productinnovatie drijft de vraag naar technologen op. Den Uijl legt uit: “Een bedrijf als Verkade doet veel aan productontwikkeling van Sultana. Zij ontwikkelt steeds nieuwe varianten. Hiermee neemt de vraag naar productontwikkelaars en technologen sterk toe.”
Maar met de schaarste op de huidige arbeidsmarkt is het moeilijk om aan technologen te komen. “Het aanbod neemt licht toe, maar we zoeken sinds kort ook kandidaten in het buitenland. Vooral Franse en Engelse technologen zijn interessant. Ze zijn goed opgeleid en kunnen op hun eigen markt moeilijker aan een baan komen.” Den Uijl geeft toe dat deze kandidaten vooral voor multinationals zoals Mars werken. Bij Hero Nederland hebben ze voorlopig niet veel last van het gebrek aan technologen. Broekman: “We zijn met z’n tweeën. Samen met de expertise van externe bedrijven kunnen we het goed behappen. Stagiaires kunnen we wel gebruiken, maar die zijn moeilijk te vinden.”

Gebrek aan kandidaten
Ook universiteiten worden steeds internationaler. Van de 130 technologen die afstuderen zijn er 70 tot 80 van Nederlandse komaf. De rest komt uit heel de wereld. Veelal zijn dat studenten met een beurs die na de opleiding teruggaan naar het land van herkomst en niet beschikbaar zijn voor de Nederlandse markt. Lange tijd kozen steeds minder studenten voor technologie. Maar de laatste maanden lijkt er een oleving plaats te vinden.Ralf Hartemink signaleert deze trend niet alleen bij de opleiding waar hij voor werkt, maar ook bij andere opleidingen en andere universiteiten. “Binnen biotechnologie kiezen meer studenten voor medicijnontwikkeling en de specialisatie milieutechnologie is kleiner dan milieubeleid. Maar bij de Universiteit Twente bijvoorbeeld zitten de technologische richtingen in de lift en daalt de belangstelling voor niet-technologische studies. Delft stijgt met 24 procent. Ook Eindhoven kent, na een langdurige daling, nu een plus van twee procent.” Conclusie: De vraag naar technologen blijft groot, maar de laatste cijfers stemmen hoopvol. En de toekomst? Hartemink: “Je kunt mensen niet dwingen om voor technologie te kiezen. Wat we wel doen is het toekennen van beurzen (bij gelijke geschiktheid) aan die kandidaten die kiezen voor procesontwerpen in plaats van productfunctionaliteit. Maar de kandidaten moeten er wel zijn.”

Reageer op dit artikel