nieuws

Zeewater en bodem bepalen arseengehalte voeding

Voedselveiligheid & Kwaliteit

Zeewater en bodem bepalen arseengehalte voeding

Bij TLR worden meer en meer offshore verbouwde plantaardige en dierlijke producten bestemd voor zowel de dierlijke als humane voedselketen onderzocht. De resultaten wijzen uit dat er grote regionale verschillen zijn in gevonden gehalten.

Die verschillen gelden niet alleen aanzien van het totaal arseen gehalte, maar ook in de verhouding tussen anorganische arseen en organo-arseenverbindingen. Er lijkt een verband te zijn tussen opname van het in zeewater aanwezige arseen, met daarboven op lokale bodemeigenschappen en industriële activiteit rond de oogstplaats.

Arseen komt algemeen voor

Arseen behoort tot de zware metalen en is giftig voor mens en dier. Het is een natuurlijk bestanddeel van de aardkorst en wordt verspreid via lucht, water en landerosie. De mens kan worden blootgesteld aan verhoogde niveaus van anorganisch arseen door het drinken van verontreinigd water, irrigatie van voedingsgewassen en het eten van verontreinigd voedsel. Daarnaast is arseen jarenlang gebruikt als rattengif en toegepast in enkele pesticiden.

Anorganische en organisch

Anorganische arseenverbindingen zijn kankerverwekkend en zeker 10 keer schadelijker dan de organische arseenverbindingen als arsenosugar, arsenobetaine en arsenocholine.
Normen voor arseen en het onderliggend toxicologisch onderzoek zijn dan ook altijd gebaseerd op anorganisch arseen.

Oude analysemethoden

Naast de klassiek GF-AAS methode uit 2014 (EN14332) wordt ook nog de hydride AAS methode uit 2005/2008 (EN14546/15517) gebruikt. Het is een bewerkelijke methode waarin As(III) en As (V) worden gesommeerd. Hierdoor moesten van bepaalde essentiële grondstoffen de wettelijke maximale normen significant naar boven worden bijgesteld. Producten werden vaak ten onrechte afgekeurd omdat er voornamelijk organisch arseen aanwezig was en maar weinig anorganisch arseen.
Nadeel van de hybride methode is dat vluchtige organo-arseen verbindingen worden meegenomen. Verder is de AAS voor Arseen(III) gevoeliger dan voor Arseen(V). Om onderschatting te voorkomen moet Arseen (V) eerst naar Arseen (III) worden gereduceerd. Het zijn allemaal zeer omslachtige methoden.

Nieuwe generatie analysemethoden’

De nieuwe generatie ICP-MSen bieden veel voordelen. Met de HPLC-ICP-MS (foto) en HPLC-ICP-CIDMS kan anorganisch arseen een stuk zuiverder en nauwkeuriger worden gemeten. Verder is het nu ook mogelijk meerdere scheidingstechnieken aan elkaar te koppelen (HPLC-ICP-CIDMS). Ook is de dataverwerking een stuk eenvoudiger geworden.

Vis en zeevruchten hoogste gehalte

In ons voedsel is het gehalte aan arseen doorgaans laag, maar in vis en zeevruchten kan het gehalte hoog zijn vanwege de aanwezigheid van arseen in zeewater. Ook hier geldt dat de totale concentratie van arseen in vis, algen en zeewier zeer hoog is, maar dat het overgrote deel (95-97%) van dit arseen voorkomt als arsenobetainem of andere organische verbinding die niet schadelijk zijn voor onze gezondheid. Het belang van een goede monitoring van arseen zal alleen maar toenemen gezien de populariteit van aquacultuur in kustgebieden.
Granen en graanproducten bevatten vrij weinig totaal arseen, maar in vergelijking met vis komt dit zware metaal in granen voornamelijk voor in de giftige anorganisch vorm.

Rijst ten onrecht verdacht

De Europese Unie heeft per 1 januari 2016 de maximumgehalten voor anorganisch arseen (As III en As V) in rijst en rijstproducten verlaagd (EU Verordening 2015/1006). De NVWA maakte in april 2016 melding van een verhoogd arseengehalte in rijstwafels. Het bleek dat maar 1 van de 37 onderzochte wafels een te hoog arseengehalte had. Een wafel bevat maar een zeer kleine hoeveelheid gepofte rijst en bij een gevarieerd eetpatroon kun je zonder risico een rijstwafel eten.

Harm Janssens, directeur TLR. TLR is kennispartner van VMT.

Reageer op dit artikel