artikel

Het gevecht om het imago van groente en fruit

Algemeen

‘Fruit in supermarkten is zwaar vervuild’, kopten de kranten eind februari. De aanleiding was een persbericht en een website van Milieudefensie. Hoe gevaarlijk is die vervuiling? En gebeurt er voldoende om de consument wél op de juiste manier voor te lichten?

Milieudefensie strijdt al jaren tegen het gebruik van bestrijdingsmiddelen op groente en fruit. Eind februari wakkerde zij (samen met de Stichting Natuur en Milieu en de consumentenvereniging Goede Waar) het vuur opnieuw aan door de meetgegevens van de Voedsel en Waren Autoriteit over de periode juli 2006 tot juli 2007 te publiceren op de website www.weetwatjeeet.nl/gifmeter.

Hieruit zou blijken dat we consumenten blootstellen aan hoge concentraties gevaarlijke bestrijdingsmiddelen. Groente en fruit in veel supermarkten zouden de gezondheidsnorm voor jonge kinderen overschrijden. Het Centraal Bureau Levensmiddelenhandel reageerde fel op deze beschuldigingen. Volgens het CBL worden de wettelijke normen helemaal niet overschreden en gebruikt Milieudefensie eigen normen. Hoe zit het nu precies?

Niet goedpraten
De feiten zijn helder: groente en fruit bevat soms meer bestrijdingsmiddelen dan wettelijk (volgens de MRL-norm) is toegestaan. In een enkel geval overschrijden leveranciers zelfs de gezondheidsnorm (ARfD: acute referentie dosis). Toch maakt Rolaf van Leeuwen, toxicoloog bij het RIVM en hoogleraar voedingstoxicologie aan de Universiteit Wageningen, zich geen zorgen over de volksgezondheid. “We hebben de MRL-norm niet voor niets en het is niet toelaatbaar om daar overheen te gaan”, zegt hij. “Maar op de website staat niet in welke mate leveranciers de norm overschrijden. Als een kilo appels bijvoorbeeld 110 microgram van een bestrijdingsmiddel bevat en de wettelijke norm is 100 microgram, dan zit je formeel fout. Ik wil dat niet goedpraten, maar zo’n kleine overtreding levert niet direct een gevaar voor de volksgezondheid op.”

Milieudefensie rept op haar site over gezondheidsrisico’s. Hiervoor gebruikt zij de ARfD-norm. Dit is volgens de website een acute gezondheidsnorm die staat voor de maximale hoeveelheid gif die een kind van vijf jaar binnen mag krijgen zonder gevaar voor de gezondheid. Volgens Van Leeuwen is deze definitie juist, maar kent de ARfD-norm extra veiligheidsfactoren. “Kinderen van vijf jaar lopen niet meteen gevaar als de ARfD overschreden wordt.”

Bovendien gaat het hier alleen over gezondheidsklachten op de korte termijn. “De ARfD-norm is de hoeveelheid bestrijdingsmiddelen die wij eenmalig, gedurende één dag binnen mogen krijgen zonder dat er acute gezondheidsklachten optreden”, legt hij uit. “Het gaat om acute, kortdurende gezondheidsklachten die de volgende dag weer verdwenen zijn. De veilige grenswaarde voor het voorkómen van langdurige gezondheidseffecten noemt de site niet en ik verwacht ook niet dat die voor groente en fruit, over een langere periode bekeken, wordt overschreden.”

Niet up-to-date
Wel is het opmerkelijk dat de website aangeeft dat de ARfD-norm soms overschreden wordt, zonder dat er sprake is van een wettelijke overschrijding. “Hier heeft Milieudefensie wel een punt”, vindt Van Leeuwen. “Want dit zou eigenlijk niet mogelijk moeten zijn. De MRL-norm is er om ons te allen tijde te beschermen. Maar voor sommige bestrijdingsmiddelen was de MRL-norm niet meer up-to-date. Per 1 september 2008 treedt de nieuwe Europese residuwetgeving in werking, die gebaseerd is op de meest actuele wetenschappelijke inzichten. Dan is dat probleem opgelost.”

Maar niet alleen de wetgever, ook de website van Milieudefensie is op sommige punten achterhaald omdat de organisatie werkt met gegevens uit 2006/2007. “In de toptien zie ik Oxamyl op één en Carbendazim op twee staan”, zegt Van Leeuwen. “Maar voor deze middelen zijn de normen al aangepast en die horen dus niet meer op zo’n lijstje thuis.” Alles bij elkaar vindt Van Leeuwen de site van Milieudefensie een goed initiatief. “Hun conclusie over gezondheidsrisico’s is veel te ongenuanceerd, zodat ze consumenten onnodig bang maken”, zegt hij. “Maar het is waar dat groente en fruit niet altijd aan de wettelijke normen voldoen en terecht dat zo’n onafhankelijke instantie dat aankaart.”

Spuugzat
De conclusie is dus dat niet alleen Milieudefensie, maar ook het CBL de waarheid een beetje verdraait. De beweringen dat de wet niet overtreden wordt en dat Milieudefensie andere normen hanteert dan wetenschappers en de overheid, zijn niet juist. Marc Jansen, Hoofd Consument en Kwaliteit bij het CBL, zegt nu dat hij dat niet zo bedoeld heeft, dat de wet wel degelijk overtreden wordt en dat hij dat niet wil goedpraten. Maar hij is het spuugzat dat Milieudefensie groente en fruit keer op keer in een kwaad daglicht plaatst. Hij overweegt dan ook naar de rechter te stappen.

Maar de vraag is hoe serieus die overweging is. Milieudefensie heeft haar beweringen maanden op de website staan. Het CBL heeft dus al ruim de tijd gehad om een juridische procedure te starten. Bovendien heeft Laurus zo’n twee jaar geleden een vergelijkbare rechtszaak tegen Milieudefensie gevoerd, en verloren. “Als wij een rechtszaak beginnen, dan willen we ons grondig voorbereiden om nog zo’n uitspraak te voorkomen”, aldus Jansen.

Negatief imago
De grote afwezige in deze hele discussie is de VWA. Na het verschijnen van de website van Milieudefensie kwam zij niet met een persbericht en, gevraagd om een reactie, laat men per e-mail weten “geen behoefte te hebben om specifiek in te gaan op de website van Milieudefensie”. De VWA is bezig met de volgende stap in de openbaarmaking van controlegegevens residu bestrijdingsmiddelen, maar ziet het niet als haar taak “om proactief op de gezochte publiciteit van Milieudefensie te reageren, wetende dat Milieudefensie een andere agenda heeft dan de overheid”. Dit is voor het CBL een doorn in het oog. “De overheid steekt jaarlijks veel geld in campagnes om mensen meer groente en fruit te laten eten”, vindt Jansen. “Maar als een organisatie het imago van groente en fruit aantast, dan laten ze het afweten.”

De VWA zegt hierover: “Naar ons idee heeft het Nederlandse groente en fruit bij het grote publiek geen negatief imago.” Toch ziet het CBL dat anders: “Het zijn de gegevens van de VWA die Milieudefensie openbaar maakt. Milieudefensie had op haar site duidelijk moeten vermelden dat we in Nederland strenge normen hanteren en dat er niet direct gevaar is voor de volksgezondheid als leveranciers deze normen overschrijden. Nu Milieudefensie dat nalaat, is het aan de VWA om daar stappen tegen te ondernemen.” Op 7 mei hebben VWA en CBL een gesprek gehad over dit onderwerp. Het is bij het ter perse gaan van dit blad nog niet duidelijk wat hier uitgekomen is.

Reageer op dit artikel