artikel

Grenzen verleggen leidt tot innovatie

Algemeen

Grenzen verleggen en samenwerken met ketenpartners, collega-bedrijven of kennisinstellingen is de motor achter innovatie. Dat werd duidelijk op de vierde Food Valley Conferentie met de toepasselijke titel ‘Crossing Borders’. De winnaar van de Food Valley Award 2006, Provalor, liet zien dat ook kleine bedrijven succesvol kunnen innoveren.

Organisator Stichting Food Valley is zelf het levende voorbeeld van het succes van de ‘Crossing Borders’-aanpak. Wat een aantal jaren geleden begon als regionaal initiatief van food-bedrijven, kennisinstellingen en Wageningen universiteit is inmiddels uitgegroeid tot een internationaal georiënteerde organisatie met een aandachtsgebied dat loopt van de primaire sector tot aan de machinebouw voor de voedingsmiddelenindustrie.

Ook de opzet van de conferentie was grensverleggend, en met succes. Bezoekers konden niet alleen deelnemen aan het traditionele middagsymposium, ze kregen in de ochtend de gelegenheid ‘expertmeetings’ te bezoeken over onder andere het bedrijfsrestaurant van de toekomst, de wereld van food service, innovatie en productontwikkeling. De proeverijen in de pauzes boden ook dit jaar een smaakvolle omgeving voor netwerken. Food Valley directeur Roger van Hoesel onderstreept het belang hiervan: “Echte innovatie vindt plaats op de grens van twee werelden, bij het ontmoeten van nieuwe mensen.”

Wellness
Op de grens tussen retail en horeca zijn de laatste jaren al veel innovaties ontstaan. “Met initiatieven als de Unox Soup Factory en de Bertolli-cafés maken merken uit de retail de overstap naar de horeca”, constateert Theo van Brussel, directeur van Food Step, onderzoeks- en adviesbureau voor horeca, catering en zorg. Hij voorspelt: “De werelden van foodservice, merken en retail komen bij elkaar. Om de consument voor je te winnen, moet je het beste aanbod op het juiste moment op de juiste plaats leveren.” Van Brussel ziet daarin een belangrijke rol weggelegd voor merken van producten en verkoopkanalen. “Een merk is een garantie voor kwaliteit, dat geldt net zo goed voor Unox als voor McDonald’s of Albert Heijn.”

Ook merken innoveren, bijvoorbeeld door allianties aan te gaan met andere merken, zoals Häagen-Dasz-ijs met Baileys en La Place met McDonald’s. Nieuw zijn merken die producten in een hele andere branche op de markt brengen. Zo heeft Reebok nu water van eigen merk. Met sport en water komt Van Brussel bij een belangrijk thema voor de toekomst: wellness. “De afstand tussen food en de wereld van wellness wordt kleiner, daar ben ik van overtuigd.”

What’s the game
Dat niet alleen de voedingsmiddelen zelf maar ook de merken daaromheen belangrijk zijn, is Andy Mosmans, directeur van de ARA Groep, met Van Brussel eens. Mosmans toont de waarde van een reeks merken van wereldformaat, van Coca Cola tot het trendy Fiji-water. “Merken zijn margemotoren. De voedingsmiddelenindustrie werkt op moleculair niveau, maar de consument interpreteert op mentaal niveau”, houdt hij zijn publiek voor. Om een nieuw product succesvol te laten worden, is dan ook meer nodig dan een goede kwaliteit van het product zelf. “Geen innovatie zonder identiteit,” zo stelt hij vast.

Het bouwen van een merk is niet voorbehouden aan grote bedrijven, benadrukt Mosmans. “Het exclusieve koffiemerk Medellin Secret is daar een voorbeeld van, net als Happyshrimp, een startend bedrijf dat de restwarmte en het gefilterde afvalwater van een elektriciteitscentrale gebruikt voor garnalenkweek. Het gaat om het verhaal achter het merk.” Hij roept de aanwezige food-fabrikanten op om hier zelf mee aan de slag te gaan: “What’s the game of your name?”

Doen
Dat een merknaam alleen geen garantie is voor succes, blijkt uit de geschiedenis van Hero. De van oorsprong Zwitserse vruchtenverwerker maakte rond de eeuwwisseling een moeilijke tijd door. “We hadden geen focus meer, produceerden op verouderde machines en draaiden verlies”, vertelt Witte van Cappellen, algemeen directeur van Hero Nederland. “We hebben toen extra geïnvesteerd in innovatie van het Fruitontbijt, dat de basis moest worden voor de toekomst van onze fabriek.”
Behalve ‘innoveren’ was ook ‘afstoten’ onderdeel van de reorganisatie. Dat was geen gemakkelijke stap, zo laat de Hero-directeur blijken: “Het moeilijkste was om te durven opgeven wat we hadden.”

Uiteindelijk bleek simpelweg doen de oplossing. Hero beschikt nu over moderne productiefaciliteiten en de personeelsbezetting van de R&D-afdeling is verdubbeld. Van Cappellen heeft vertrouwen in de toekomst: “Er stroomt nu veel meer energie door het bedrijf. We gaan een mooie, gezonde toekomst tegemoet met gezonde producten.”

Passie
Was het MKB op de Food Valley Conferentie van vorig jaar nog nauwelijks aanwezig, nu ging veel aandacht naar de kleine ondernemers. Alle genomineerden voor de Food Valley Award waren MKB’ers en bij de innovatieproeverij presenteerden veel kleine bedrijven hun smaakvolle noviteiten. Deelnemers genoten van de enige Nederlandse mousserende vruchtenwijn Rebel, afkomstig van het Brabantse Winery & Herbs, van bijzondere soepen afkomstig van DeKleinsteSoepfabriek of de bijzondere varkensvleesgerechten bereid met vlees van de Duke of Berkshire en Livar, het Limburgs kloostervarken.

Alle kleine bedrijven hebben een eigenschap gemeen: passie voor hun product of project. Het belang daarvan maakte Rudy Rabbinge, juryvoorzitter van de Food Valley Award en Wagenings hoogleraar, duidelijk bij de uitreiking van de Award aan general manager Piet Nell van Provalor: “Wie gepassioneerd is, is overtuigend.”

Waarde
Provalor, fabrikant van groentesappen uit reststromen, ontving de jaarlijkse innovatieprijs van Food Valley voor het winnen van groentesappen en kleurstoffen uit vloeibare reststromen van groenteverwerkers. Zowel jury als publiek kozen voor Provalor. De producten van het bedrijf hebben economische, maatschappelijke en ecologische meerwaarde, aldus juryvoorzitter Rabbinge.

Nell is blij met de prijs: “Vijf jaar geleden begonnen we als klein bedrijf producten te maken uit de reststromen van de groenteverwerkende industrie. Veel mensen waren sceptisch over onze plannen. Zo’n prijs helpt enorm om als serieuze ondernemer te worden gezien.”

Directeur Paulus Kosters benadrukt: “Technisch kunnen we veel bereiken. In eerste instantie gaat het om een mentaliteitverandering. Groenteverwerkers moeten leren de reststroom te zien als waardevolle nevenstroom en daarnaar te handelen. Het gaat om ongeveer dertig procent van de groente, dus dat is de moeite waard.” “Ons doel is om meer primaire producten te behouden voor menselijke consumptie”, besluit Nell.

Provalor heeft de techniek voor de herverwerking van de vloeibare afvalstromen ontwikkeld in samenwerking met kennisinstellingen en machinefabrikanten. De winnaar van de Food Valley Award past naadloos in het conferentiethema: echte innovaties overschrijden grenzen.

Reageer op dit artikel