artikel

EU-additievenlijst voor plastics compleet

Algemeen

De wetgeving voor oppervlakken die in contact komen met voedingsmiddelen wordt per 1 januari 2007 aangepast. Dit artikel beperkt zich tot voedselcontactmaterialen gemaakt van plastic, zoals transportbanden en verpakkingen. Voor fabrikanten en gebruikers van deze materialen kan dat grote gevolgen hebben. Snelle actie is geboden.

Additieven gebruikt in plastics zijn in Nederland gereguleerd via twee paragrafen in hoofdstuk 1 (plastics) van het Verpakkingen-en-gebruiksartikelenbesluit.
Paragraaf 2.3 bevat stoffen die op Europees niveau gereguleerd zijn via EU-richtlijn 2002/72/EC en amendementen, ook wel aangeduid met ‘positieve lijst’. Deze lijst wordt op dit moment als niet compleet beschouwd.

In paragraaf 2.4 staat nog een tweede lijst met daarop additieven die toegelaten zijn op nationaal niveau (samen met polymerisatiehulpstoffen). Nederland heeft dus een complete lijst door combinatie van een EU-lijst en een nationale lijst.

Een additief dat aan plastic wordt toegevoegd, moet dus op een van de twee lijsten staan en voldoen aan de daarin genoemde beperking of specificatie (bijvoorbeeld een specifieke migratielimiet). Meer informatie over wetgeving van voedselcontactmaterialen, waaronder bovengenoemde richtlijn, is te vinden op www.foodcontactmaterials.com.

2007
Per 1 januari 2007 wordt de positieve lijst uit de EU-richtlijn als compleet beschouwd. Dat houdt onder meer in dat nationale lijsten met additieven van lidstaten vervallen. De additieven uit paragraaf 2.4 zijn vanaf dat moment dus verboden en zullen uit het Verpakkingen-en-gebruiksartikelenbesluit worden geschrapt.

Indien van een additief op een nationale lijst voor 1 januari 2007 een dossier wordt ingediend, zal de stof op een tijdelijke EU-additievenlijst worden geplaatst. Deze stof mag dan nog worden gebruikt tot het dossier wordt behandeld. Wordt het dossier in 2007 of later ingediend, dan mag de stof pas worden gebruikt nadat het dossier is behandeld. Hetzelfde geldt voor additieven die nog niet op een nationale lijst staan.

Navragen
Fabrikanten kunnen het beste bij hun leverancier van plastics navragen of alle daarin verwerkte additieven voorkomen op de positieve lijst van de EU. Is dat het geval, dan verandert er voor hen niets op 1 januari 2007. Is alleen bekend dat de materialen voldoen aan de bepalingen van het Verpakkingen-en-gebruiksartikelenbesluit, dan moet worden nagegaan onder welke paragraaf deze stoffen worden genoemd. Is dat paragraaf 2.4, dan moet er voor 1 januari 2007 actie worden ondernomen.

Producenten van verpakkingen moeten voor 1 januari 2007 zijn overgeschakeld op materialen die wel op de definitieve of tijdelijke EU-additievenlijst staan. Probleem daarbij is dat op dit moment nog onbekend is welke stoffen op de tijdelijke lijst (komen te) staan.

In principe kan iedereen een dossier van een additief maken en indienen. Voor de meeste eindgebruikers en producenten van plastics is dat echter te kostbaar. Dossiers van additieven worden daarom meestal door de producent van het additief ingediend.

Gebruikers van materialen onderschatten de effecten van het compleet worden van de EU-additievenlijst. Zij realiseren zich vaak niet dat het inzicht krijgen in het gebruik van additieven enige weken tot maanden kan duren. Ook is het veranderen van een grondstof vaak niet zo eenvoudig als men denkt. Zij doen er dan ook verstandig aan om snel actie te ondernemen, zo dit nog niet is gebeurd.

Reageer op dit artikel