artikel

‘Liever voorzichtig groeien’

Algemeen

Iets op de markt zetten dat serieus genomen wordt. Dat wilden Alexander van Rouwendaal en zijn broer Jaco toen zij acht jaar geleden de kaasboerderij van hun ouders overnamen. Hun wens kwam uit: Vecozuivel vertwintigvoudigde haar productiecapaciteit en groeide uit tot leverancier van biologische zuivel voor supermarktorganisaties als Laurus en Superunie.

Boerderij Vicariënerf, de uitvalsbasis van Vecozuivel, ligt temidden van weilanden met voorjaarsbloemen en grazende koeien, afgewisseld met groepjes knoestige oude bomen. De lieflijke omgeving en de nostalgische uitstraling van het huis doen niet vermoeden dat achter de muren een professioneel zuivelbedrijf schuilgaat waar jaarlijks zo’n zeven miljoen liter biologische melk van tientallen boeren uit de omgeving verwerkt wordt.

Zuiveltopzes
Dat is niet altijd zo geweest. “Vicariënerf was vroeger een traditionele melkveehouderij, die melk en kaas produceerde voor de eigen winkel en voor kleine groothandelaren in de omgeving”, vertelt Alexander van Rouwendaal, die al vanaf zijn twaalfde meehelpt in het bedrijf. Het schoonmaakhulpje van toen is tegenwoordig algemeen directeur van Vecozuivel, verantwoordelijk voor de technische en administratieve zaken in het bedrijf. Broer Jaco gaat over de productie. “Toen mijn broer en ik het bedrijf overnamen, besloten we te professionaliseren en over te schakelen op biologisch, omdat dit een grotere marge opleverde dan gangbare melk. We wilden iets op de markt zetten dat serieus genomen werd en dat kon alleen door te groeien. Als je groeit, ben je in staat je assortiment te verbreden en zo de markt beter te bedienen.” Het assortiment van Vecozuivel omvat de biologische variant van onder meer de ‘zuiveltopzes’: volle en halfvolle melk, karnemelk, vla, volle en magere yoghurt.

De eerste supermarktorganisaties en grotere groothandelaren dienden zich al snel aan als klant en dat bracht de vraag naar producten van Vecozuivel in een stroomversnelling. “Ons brede assortiment en de goede productkwaliteit voor een redelijke prijs vielen in de smaak bij afnemers. Daarnaast hebben we ook een beetje geluk gehad”, zo verklaart Van Rouwendaal het succes. De toenemende populariteit van biologische producten eind jaren negentig gaf het bedrijf een extra duwtje in de rug: de biologische zuivelmarkt groeide in korte tijd met 300% en supermarktorganisaties besteedden op de winkelvloer vaker aandacht aan aanbiedingen voor biologische producten.

In 2002 raakt de markt verzadigd en stagneerde de groei. “We hebben toen een accountmanager aangenomen die voor ons actief nieuwe klanten is gaan werven. Behalve op supermarktorganisaties en groothandelaren richten we ons op de individuele consument en op de out-of-home-markt, zoals cateraars, bedrijfskantines, scholen, ziekenhuizen en benzinestations”, illustreert Van Rouwendaal. Het aantrekken van een accountmanager beschouwt hij als een belangrijke stap: “Met de accountmanager hebben we extra kennis en ervaring in huis gehaald, die honderd procent van zijn tijd ingezet kan worden voor gerichte acquisitie.”

Uitbesteden
“Als je groeit, krijg je te maken met nieuwe disciplines als marketing, reclame en kwaliteitsbeheer, en een groter productievolume. Dan kun je niet alles zelf blijven doen. De kunst is dan mensen met kennis van zaken om je heen te verzamelen. Dat werkt motiverend en zorgt voor een stevige basis in je bedrijf”, vervolgt Van Rouwendaal.

Deze gedachte was voor de twee broers reden om een deel van de bedrijfsactiviteiten te automatiseren: zo gebeurt het vullen van verpakkingen tegenwoordig niet meer met de hand en heeft een robot het palletteerwerk overgenomen. Behalve een accountmanager hebben de broers ook een kwaliteitsmanager in dienst genomen. “Dankzij hem beschikken we nu over een kwaliteitssysteem en zijn we high level BRC-gecertificeerd”, zegt Alexander van Rouwendaal met enige trots.

Reclameactiviteiten worden uitbesteed aan een reclamebureau en een paar jaar geleden besloten de broers ook het transport van de boeren naar het zuivelbedrijf en van het bedrijf naar de klant uit te besteden. Dat besluit viel niet van de ene op de andere dag: “We hadden al die jaren hard gewerkt om een goed product te kunnen neerzetten. Dan wil je zeker weten dat zo’n product in goede staat bij de klant aankomt.”

Achteraf is Van Rouwendaal tevreden over de beslissing: “Het transportbedrijf heeft haar werk goed gedaan en het uitbesteden van deze klus heeft ons meer lucht gegeven voor onze productieactiviteiten.”

Beloftes
Dat was broodnodig, want de optimalisatie van het productieproces was een uitdaging voor de jonge managers. “Onze productievolumes werden steeds groter en de productietijden langer. Dat maakte het indelen van personeel lastiger. Je wilt immers zo veel mogelijk werk verzetten met zo min mogelijk mensen en hen tegelijkertijd niet te zwaar belasten. Dit konden we opvangen met automatisering, maar daardoor werden we afhankelijk van machines en moesten we storingen leren verhelpen. Dat betekende: mensen bijscholen en personeel aantrekken met ervaring in een professionele productieomgeving”, vertelt Van Rouwendaal.
Dankzij aanpassingen in het productieproces is de kwaliteit van de producten verbeterd. Dat is iets om trots op te zijn, maar het legt ook extra druk op de organisatie. “Je doet beloftes aan de klant en die moet je wél nakomen.”
Van Rouwendaal benadrukt dat de opschaling van het productieproces niet onderschat moet worden: “Liever voorzichtig groeien met een wat lager productievolume dan meteen overstappen op een groot productievolume waarbij je concessies doet aan de kwaliteit. Ons motto is: wat je doet, doe je goed.”

Kruimels rapen
De komende jaren wil Van Rouwendaal het productieproces binnen Vecozuivel nog verder professionaliseren, bijvoorbeeld bij de ontwikkeling van speciale biologische zuivelproducten. Verbreding van het assortiment in de richting van biologische kaas is voor hem geen optie: “Het productieproces van kaas wijkt te veel af van dat van de producten die we nu verkopen.”

De nuchtere Leusdenaar heeft ook geen ambities om de strijd aan te binden met zuivelreuzen als Campina of Friesland Foods. “Deze bedrijven zijn zo groot dat ze altijd de trendsetters blijven, daar ontkom je niet aan. Gelukkig laten ze ook altijd kruimels vallen die wij kunnen oprapen. Denk aan producten waarnaar relatief weinig vraag is, zoals biologische chocolademelk of drinkyoghurt. Zij kunnen die producten met hun omvangrijke apparatuur niet produceren. Wij kunnen dat mooi wel.”

Reageer op dit artikel