nieuws

E-mailactie foodwatch tegen lobby-gedreven voedsellogo, FNLI reageert (update)

Wetgeving & Toezicht

Zelfbenoemde voedselwaakhond foodwatch tuigt een nieuwe e-mailactie op. Met de actie willen zij het kabinet laten kiezen voor een voor een “lobbyvrij voedsellogo”. Update: FNLI reageert: “De kritiek dat VWS zich laat leiden door de industrie is feitelijk onjuist.”

E-mailactie foodwatch tegen lobby-gedreven voedsellogo, FNLI reageert (update)

“De voedingsindustrie lobbyt met succes al vijftien jaar tegen een goed logo door het proces te vertragen, zelf logo’s te introduceren, de criteria te verslappen en te pleiten tegen verplichte invoering”, zegt foodwatch. Vandaar dat zij een petitie starten.

Gelijk naar de reactie van FNLI-woordvoerder Gerard van der Zanden op de petitie van foodwatch.

VWS

Foodwatch vindt dat de voedingsmiddelenindustrie intensief lobbyt omdat hun producten een overmaat suiker, vet en zout bevatten. De organisatie hekelt de keuze van het kabinet om in “nauw overleg” met onder andere de voedingsmiddelenindustrie het voedselkeuzelogo te ontwikkelen.

De behoefte om tijdens de ontwikkeling van het nieuwe voedsellogo samen te werken met de industrie gaf staatssecretaris Blokhuis van Volksgezondheid, Welzijn en Sport aan in een Kamerbrief (februari 219) naar aanleiding van vragen van het Kamerlid Dik-Faber (CU) over het eigen voedselkeuzelogo van Coca-Cola.

Foodwatch vindt dat het kabinet zich hiermee niet genoeg inzet voor het consumentenbelang.

WHO

In het verslag van één van de vergaderingen tussen belanghebbende partijen staat dat de Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie (FNLI) heeft aangegeven dat haar leden waarschijnlijk alleen een voedsellogo op schapkaarten wil hebben. “Terwijl een logo pas goed werkt als het steeds goed zichtbaar en duidelijk is voor de consument, zoals ook wetenschappelijk onderzoek uitwijst”, zegt foodwatch.

Het wetenschappelijk onderzoek dat foodwatch aanhaalt is afkomstig van de wereldgezondheidsorganisatie WHO. In 2018 gaf de organisatie aan dat als voedingswaarde-etikettering gemakkelijk te zien, begrijpelijk en aannemelijk is, dat deze de consument kan stimuleren om weloverwogen, gezondere voedingskeuzes te maken en de herformulering van producten kan stimuleren, omdat fabrikanten willen voorkomen dat ongunstige voedingswaarden met hun producten geassocieerd worden.

Het Vinkje

In hun betoog tegen invloed van de levensmiddelenlobby in het voedselkeuzelogo, heeft foodwatch het ook over de opkomst en ondergang van Het Vinkje.

“De FNLI mag ook het consumentenonderzoek over een nieuw logo mee sturen. Geen goed idee, als we naar voorgaand logo-onderzoek in opdracht van de industrie kijken: 70 procent van de consumenten vonden het Vinkje zogenaamd een goed systeem, terwijl onafhankelijk consumentenonderzoek net uitwees hoe verwarrend dit logo was.”

Reactie FNLI

In een reactie aan VMT naar aanleiding van de petitie van foodwatch, laat de FNLI weten kennis genomen te hebben van de berichten die foodwatch verspreidt over het voedselkeuzelogo.

Woordvoerder Gerard van der Zanden: “Onder leiding van het ministerie van VWS zijn onafhankelijke instanties en brancheorganisaties – zoals de vereniging samenwerkende gezondheidsfondsen, het Voedingscentrum, de Consumentenbond, CBL en FNLI – gevraagd om deel te nemen aan het overleg om over belangrijke randvoorwaarden mee te denken. Dit is belangrijk om het logo zo bruikbaar en succesvol mogelijk te maken.”

De ontwikkeling van het nieuwe logo is geen simpel proces, of een beslissing die “overhaast” moet worden genomen: “Daarbij worden alle mogelijke varianten besproken en onderzocht, van soort logo tot uitingsvorm. De mening van alle partijen aan tafel wordt meegenomen”, aldus de zegsman.

“De planning van het proces, de briefing voor het onafhankelijke onderzoek én het eindoordeel liggen allemaal bij het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en staatsecretaris Blokhuis.”

FNLI-directeur Marian Geluk gaf eerder  haar visie over de totstandkoming van een nieuw voedselkeuzelogo onder leiding van het VWS-ministerie in een artikel op Nederland Voedselland van 25 april 2019.

Reageer op dit artikel