nieuws

Rapport: Nederland in top vier aangesproken landen op mogelijke voedselfraude

Wetgeving & Toezicht

Rapport: Nederland in top vier aangesproken landen op mogelijke voedselfraude

Nederland staat in de top van de EU-landen waar mogelijk voedselfraude is geconstateerd. Dit blijkt uit het jaarlijks rapport van het The EU Food Fraud Network and the System for Administrative Assistance & Food Fraud.

Uit het rapport blijkt dat Nederland met 23 aanvragen in de top vier van landen staat met meeste aanvragen van andere Europese Unie(EU)-lidstaten naar mogelijke fraude rondom voedingsmiddelen. Samen met Spanje(52), Duitsland (26) en Italië(20).

Top vier meest aangesproken land

Nederland heeft volgens het rapport in 2017 23 aanvragen via het Administrative Assistance and Cooperation system – Food Fraud (AAC-FF) systeem binnen gekregen en nog maar op drie aanvragen gereageerd. De NWVA bevestigd dat er 23 aanvragen zijn ingediend maar geeft aan dat het aantal reacties niet klopt.

Volgens Yvonne Huigen, inspecteur bij de divisie Consument & Veiligheid van de NVWA, heeft dit te maken de opzet van het systeem. “Doordat het netwerk niet verplicht via het systeem te reageren op de aanvragen, heeft de Europese Commissie geen volledig zicht op het aantal afgehandelde zaken. Sommige zaken waarbij het uiteindelijk niet om fraude gaat worden soms via de email of telefoon afgehandeld. Dit wordt dan niet genoteerd in het AAC-systeem.”

Definitie fraude staat niet vast

Waarom Nederland met zoveel aanvragen te maken heeft, komt volgens Huigen door de invulling van fraude door de verschillende lidstaten.

“Het blijkt dat voedselfraude nog geen vaststaande definitie heeft in de verschillende lidstaten. Ondanks dat de EC wel criteria heeft gesteld voor voedselfraude is er nog steeds ruimte voor interpretatie. Hierdoor is het spectrum van aanvragen bij het fraude systeem zeer groot en dit gaat van een additief vergeten te melden op het etiket tot het fipronil schandaal.”

Huigen:  “Daarnaast komt het ruime spectrum aan aanvragen ook doordat nog niet alle voedselautoriteiten een eigen fraude opsporingsunit hebben. Hierdoor wordt in sommige lidstaten de politie op mogelijk frauduleuze zaken gezet. Dit is nog het geval in grote landen zoals Duitsland en Engeland”.

Geheimhoudingsplicht

Zodra Nederland een aanvraag binnen krijgt, gaat de NVWA onderzoek doen naar het product. Over de zaken waar de voedselautoriteit nog onderzoek naar doet, kan zij vanwege geheimhoudingsplicht geen  uitspraken over doen.

“Maar het is in ieder geval zeker dat de consumenten geen gevaar lopen. Zodra er enige reden is om te denken dat de voedselveiligheid in gevaar is, wordt het aan het RASFF systeem doorgestuurd,” aldus de expert van de NVWA.

Nieuw administratiesysteem

Het voedselnetwerk bestaat uit contactpunten in alle EU-lidstaten, voornamelijk voedselautoriteiten, die gebruik maken  van het Europese administratiesysteem; Administrative Assistance and Cooperation System (AAC).

Het systeem bestaat uit twee delen: Administrative Assistance (AAC-AA) en Food Fraud (AAC-FF) . Wanneer autoriteiten verduidelijking of extra informatie nodig hebben rondom voedingsmiddelen, bijvoorbeeld over etiketteringen of het productieproces, die in andere lidstaten worden geproduceerd, kunnen zij bij het AAC-AA voor extra informatie aankloppen. Wanneer autoriteiten de producent verdenken van fraude kunnen zij aankloppen bij het AAC-FF.

Samenwerking RASFF

Het Administrative Assistance and Cooperation System (AAC) is opgestart in 2015 door de Europese Commissie en staat naast The Rapid Alert System for Food and Feed systeem (RASFF).

De lagere prioritering van het ACC systeem vergeleken met RASFF betekent dat tot nu toe voedselautoriteiten niet verplicht zijn zich bij het AAC systeem te melden wanneer zij een zaak hebben afgehandeld. Verder is er ook nog geen verplichte snelheid vastgesteld waarbij een lidstaat moet reageren, wat bij het RASFF systeem wel het geval is.

Reageer op dit artikel