artikel

Robèrt van Beckhoven: ‘Alles wat je hier ziet is beleving ’

Algemeen

Robèrt van Beckhoven: ‘Alles wat je hier ziet is beleving ’

Ooit produceerde Robèrt van Beckhoven van Heel Holland Bakt voor grote opdrachtgevers in de foodservice, tot de tv-bakker besloot het roer om te gooien. Zijn vrouw Pirjo van Winkel ging zich bezighouden met de zakelijke kant, zodat Van Beckhoven zich volledig kan richten op zijn vakmanschap voor het merk bij Robèrt. De strategie werpt vruchten af: de mixen van Robèrts Leffe bierbrood liggen bij Albert Heijn. En hij heeft nog meer plannen. Dit artikel is verschenen in VMT 16 van 15 december 2017..

Van Beckhoven heeft het er maar druk mee. Hij heeft net een workshop gegeven, maar het werk zit er nog niet op. De vrouwelijke cursisten willen één voor één met de tvpersoonlijkheid op de foto. Hij laat het gedwee over zich heen komen en geniet zichtbaar. Dit is wat de geboren Brabander altijd wilde: Nederlanders weer enthousiast maken voor het bakken. En dat terwijl de Meester Patissier en Meester Boulanger niet eens wist of hij de bakkerszaak van zijn vader wel wilde overnemen. Toch kon hij de lokroep van het bakkersvak niet weerstaan. Hij ging in opleiding en deed in het buitenland ervaring op. In 1989 besloot hij de zaak van zijn vader voort te zetten, maar wel op zijn eigen manier.

Geen dichte deuren

Tijdens een rondgang door de bakkerij in de monumentale panden van de voormalige leerfabriek in Oisterwijk blijkt al snel wat ‘zijn manier’ inhoudt. Alles van glas, geen dichte deuren en achterkamertjes: de hele productie is binnen en buiten te zien. Er zijn geen geheimen. Aan de wanden hangen lijsten met informatie over producten die de beroemdheid produceert, over desembrood bijvoorbeeld. Maar er is ook informatie over hoe een pasteuriseerketel werkt en welke grondstoffen hij precies gebruikt. Niet alle ingrediënten die Van Beckhoven gebruikt zijn goedkoop, zoals vanille uit Madagaskar van 600 euro per kilo. Het maakt hem niet uit; hij wil de allerbeste kwaliteit. Verder gebruikt de tv-bakker chocolade met het keurmerk Cacao Fino de Aroma. “Van alle chocolade wereldwijd draagt slechts acht procent dit keurmerk.” De lekkernijen die hij en zijn team maken in de fabriek, zijn verkrijgbaar in een klein winkeltje aan de voorkant van het pand. “We verkopen hier een klein assortiment dat snel rouleert.”

Merk Robèrt

Robèrt zit pas sinds 2014 in de leerfabriek, die helemaal is gerenoveerd. Daarvoor zat hij in een pand elders in Oisterwijk, waar hij sinds eind jaren negentig alleen maar in massa produceerde voor klanten als pretparken, tuincentra en luchtvaartmaatschappijen. Vooral zijn taarten gooiden hoge ogen. Zijn winkel sloot hij even daarvoor, een besluit waar hij aanvankelijk helemaal achter stond. Hij hoefde ‘s nachts en in het weekend niet meer te werken; dan was hij vrij. Het gaf hem de vrijheid om cursussen te geven en zichzelf te ontplooien. Maar in 2013 veranderden de zaken. Toen behaalde hij de titel Meester Boulanger, nadat hij drie jaar eerder de titel Meester Patissier in de wacht had gesleept. Toen hij in 2012 jurylid werd bij het programma Heel Holland Bakt ging het hem dagen: hij wilde Nederland internationaal op de kaart zetten als bakkersnatie en het bakkersvak promoten. Daar paste geen bedrijf zonder winkel bij.

Beleving

Van Beckhoven en zijn partner verhuisden met hun team naar de voormalige leerfabriek. Ze maakten er één groot belevingscentrum van, compleet met winkel. Daar maken nu zo’n zestig mensen op ambachtelijke wijze desembroden, chocolade, confiserie en banket. Als dit machinaal zou gebeuren, gaat dat ten koste van de kwaliteit. Hij is zelf een kwaliteitslabel geworden. De consument wil graag producten kopen van de bekende televisiebakker van Heel Holland Bakt. Een belangrijke pijler is dan ook om het merk bij Robèrt verder uit te bouwen. Sinds dit jaar verkoopt hij bij Albert Heijn zijn eigen ‘meesterlijke’ baklijn: hoogwaardige melen, bloem en een desem starter. Het afvullen van de melen gebeurt bij zogeheten afvulstations die Van Beckhoven inschakelt. Want in zijn ruime bakkerij moet alles natuurlijk ambachtelijk gebeuren. “Alles wat je hier ziet is beleving”, zegt hij. Zijn gasten die cursussen en workshops volgen bij hem in Oisterwijk kunnen dit alleen ervaren bij volledige transparantie. Dat was dan ook een belangrijk item toen hij zijn intrek nam in de leerfabriek.

Transparantie

Robèrts winkeltje kwam in de kop van het gebouw. Daar kunnen belangstellenden eventueel zo de fabriek in lopen via een speciaal gecreëerd pad. Van Beckhovens motto is: maak je zichtbaar, laat je zien. Binnen en buiten de voormalige leerfabriek is voor iedereen zichtbaar waar de zestig medewerkers mee bezig zijn. Voormalig directeur Philip den Ouden van de Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie (FNLI), kan trots zijn op de tvbakker. Den Ouden pleitte altijd voor een fabriek van plexiglas. En daar is bij Van Beckhoven zeker sprake van: het hele bakproces staat in de etalage voor iedereen die het wil zien. “De bakkerij is de etalage, niet de winkel.” Ook de voedingsindustrie zou wat hem betreft meer op de transparante toer mogen. “Je hebt iets te verbergen als je als voedingsindustrie niet open bent.” Is Ròbert dan niet bang dat de concurrentie zijn producten gaat namaken – een veelgehoorde verklaring van de voedingsindustrie om niet te open te zijn? “Nee, dat kunnen ze toch niet”, lacht de Brabander.

 

Dit artikel verscheen in de printuitgave van VMT 16 binnen het thema Ingrediënt en Product.

Reageer op dit artikel