artikel

Wat zijn nieuwe eiwitten?

Algemeen

Wat zijn nieuwe eiwitten?

Belangrijke partijen in de eiwittransitie, waaronder TNO en de Consumentenbond, spreken nog steeds over nieuwe eiwitten. Dat frustreert me, omdat juist deze partijen de consument moeten helpen meer plantaardige eiwitten te eten. Dat voedselneofobie ofwel angst voor nieuw eten niet helpt, weten we al lang. Daar moeten we voor waken, zeker nu er de kans is om de eiwittransitie het beslissende zetje te geven. Steeds meer consumenten begrijpen de voordelen van een plantaardiger dieet maar al te goed. Echter, begrijpen is één, ernaar handelen is twee. Dit artikel komt uit de printuitgave van VMT 13.

Van cashewnoten tot zeewiersalade

Mijn nekharen schieten overeind wanneer ik lees over zogenoemde nieuwe eiwitten zoals peulvruchten, noten, paddenstoelen en zeewier. Vandaag nog at ik een heerlijke salade met cashewnoten en kikkererwten. Toen ik gisteren met mijn gezin in een sushi-restaurant smulde van een zeewier salade en edamameboontjes, hadden mijn vrouw en kinderen niet het idee alternatief te eten. Ook zijn portabello’s steeds vaker een BBQ-hit en zijn andere smakelijke paddenstoelen in opmars in wokmaaltijden en salades. Ben ik als beroepsgedeformeerde de enige die er zo over denkt? Nee. Ook mijn schoon ouders, vrienden en hun kinderen kijken me raar aan wanneer ik het heb over nieuwe eiwitten. Sugarsnaps, pecan noten en humus kennen ze wel; sommigen kennen zelfs wakame. Dat zet me aan het denken. De promotors van nieuwe eiwitten hebben immers goede intenties. In plaats van nieuwe eiwitten bedoelen ze eigenlijk duurzamere, uit andere eetculturen over genomen, herontdekte of gezondere eiwitten. Of nog specifieker: eiwitbronnen. Puur of als ingrediënt verwerkt in eiwitrijke producten die wel nieuw kunnen zijn. Voorbeelden daarvan zijn de handige bonen-in-stazak van Boon Bonen en HAK, de plantaardige, eiwitrijke variatie op kwark Go On van Alpro, de verse plantaardige burgers en gezonde snacks met tuinbonen, soja bonen en erwten van Albert Heijn, en de Woezel en Pip vegetarische sticks van Jumbo. Dat is slechts een greep uit de tientallen plantaardige-eiwitintroducties in het Nederlandse retailschap alleen al dit jaar. De consumptie van plantaardige eiwitten – in eetbare én drinkbare vorm – groeit ook dit jaar met dubbele cijfers.

Drie soorten eiwitbronnen

Nu zijn er wel degelijk ook nieuwe eiwitten, namelijk de eiwitten die onder de zogenoemde Novel Food-wetgeving vallen. Voorbeelden van dierlijke nieuwe eiwitbronnen zijn insecten – vooralsnog gedoogd – en kweekvlees, dat is geproduceerd uit dierlijke stamcellen. Waterlinzen, ofwel food grade geteeld eendenkroos, en sommige algensoorten zijn plantaardige eiwitbronnen die nog niet mogen worden gebruikt in levensmiddelen. Gelukkig zijn er ook voorbeelden van nieuwe eiwitten die inmiddels wel zijn toegelaten. Zo lukte het Avebe-dochter Solanic met zijn aardappeleiwit- isolaat en recent nog DSM met een koolzaadeiwit-extract. Om een eind te maken aan de misverstanden, pleit ik voor een nieuwe categorisering. Vanaf nu onderscheiden we drie soorten eiwitbronnen:
1. plantaardige eiwitten, inclusief algen, mycoproteïne;
2. dierlijke eiwitten;
3. Novel Food-eiwitten. Zet plantaardige en dierlijke eiwitbronnen naast elkaar en niet tegenover elkaar. En in een nieuw evenwicht: meer plantaardig en minder dierlijk, passend bij de gezondere en duurzamere levensstijl van nu.

Dit artikel verscheen in de printuitgave van VMT 13 binnen het thema Ingrediënt en Product.


Reageer op dit artikel