artikel

BRC Verpakkingen uitgebreid

Algemeen

Naast de 5e versie van de BRC Food standaard hebben de Britse retailers in januari 2008 ook, samen met het Institute of Packaging (IoP), een nieuwe versie gepubliceerd van de BRC/IoP Global Standard (Food) Packaging. Wat voor gevolgen heeft deze 3e versie voor de leveranciers van verpakkingen en voor hun afnemers, de voedingsmiddelenproducent?

Pas na 1 juli 2008 zal worden gecertificeerd tegen versie 3 van de BRC Verpakkingen. Hetzelfde geldt voor versie 5 van de BRC Global Standard Food Safety. Een (BRC Verpakkingen versie 2) certificaat dat is behaald als resultaat van een audit die is uitgevoerd ná 30 juni 2008, wordt officieel niet erkend door de BRC en het IoP. Is het certificaat versie 2 behaald vóór 30 juni 2008, dan is het geldig tot de datum die vermeld staat vermeld op het certificaat (6 – 12 maanden).

Reikwijdte
Versie 2 van de BRC Verpakkingen was alleen van toepassing op primaire en secundaire verpakkingen voor voedingsmiddelen. De reikwijdte van versie 3 is uitgebreid en ook van toepassing op verpakkingen voor non-food. In het verlengde van de uitgebreidere reikwijdte is ook het aantal categorieën waartegen kan worden gecertificeerd, gewijzigd. De standaard is daardoor praktischer en beter toe te passen op verschillende typen verpakkingen.

Versie 2 kende twee categorieën, te weten: categorie A voor secundaire verpakkingen en verpakkingen voor voedingsmiddelen met een hoge natuurlijke barrière (zoals kokosnoten en walnoten) en categorie B voor primaire verpakkingen en voedingsmiddelen zonder hoge natuurlijke barrière (bijvoorbeeld vlees of gebak). Aan versie 3 is een derde categorie toegevoegd. De categorie-indeling is nu als volgt: de ‘oude’ categorie B is nu categorie 1, de ‘oude’ categorie A is nu categorie 2, terwijl categorie 3 tertiaire verpakkingen en secundaire verpakkingen bevat waarbij een omdoos wordt aangebracht in een andere ruimte dan die waar het voedingsmiddel wordt verpakt in de primaire verpakking. Ook verpakkingen voor non-food vallen in categorie 3.

Beslisboom
Aan de beslisboom waarmee de leverancier van verpakkingsmaterialen bepaalt onder welke categorie hij valt, is een nieuwe vraag toegevoegd. Komt het verpakkingsmateriaal in een ruimte waar zich een verpakt voedingsmiddel bevindt, dan is de vraag of het voedingsmiddel al verpakt is in een ondoordringbare verpakking (zoals blik). Is dat het geval, dan valt het verpakkingsmateriaal onder categorie 3.

Voedingsmiddelenfabrikant
Wat betekent het voorgaande nu voor producenten van verpakte voedingsmiddelen? Belangrijk is dat zij goed kijken naar hun eigen product. Heeft het te verpakken voedingsmiddel wel of geen natuurlijke barrière tegen chemische, fysische of microbiologische besmettingen? Ook het productieproces verdient een kritisch blik. Komt het verpakkingsmateriaal bijvoorbeeld in een ruimte met open/onbeschermde voedingsmiddelen? Op deze manier kan de voedingsmiddelenfabrikant bepalen tegen welke categorie zijn verpakkingsleverancier moet zijn gecertificeerd. Een leverancier van bijvoorbeeld primaire verpakking voor gesneden groente of dropjes dient te voldoen aan de eisen die horen bij categorie 1.

Best Practice Guidelines vervallen
Bij elke categorie hoort een aparte module met daarin de eisen voor de leverancier van verpakkingen. Net zoals bij de BRC Food staan alle eisen op gelijkwaardig niveau en zijn de Best Practice Guidelines (BPG’s) vervallen. Bij versie 2 telden die BPG’s overigens niet mee bij de certificering; deze BPG’s gaven aan op welke manier een eis zou kunnen worden ingevuld en/of geïnterpreteerd en wat daarbij gebruikelijk is binnen de sector.

Modules en hoofdstukindeling
In versie 3 is de hoofdstukindeling van de eisen voor elke categorie / module hetzelfde, namelijk:

1. Senior management commitment en continue verbetering,
2. Gevaren en risicomanagementsysteem,
3. Technisch managementsysteem,
4. Locatie standaarden,
5. Product- en procesbeheersing
6. Personeel.

In met name de hoofdstukken 2, 4, 5 en 6 zijn voor de categorieën 2 en 3 minder dan wel minder strenge eisen opgenomen. Dat is ook logisch, omdat de verpakking dan wordt beschouwd als een laag of zelfs helemaal geen risico voor het voedingsmiddel dat erin wordt verpakt. Zo zal een verpakkingsproducent die omdozen maakt voor bakjes tonijnsalade dus in categorie 2 of 3 vallen. Voor beide categorieën geldt onder andere dat personeel hun bedrijfskleding en persoonlijke kleding in dezelfde kleedkast / hetzelfde deel van de kleedkast (hoofdstuk 4) mag opbergen. Personeel van een verpakkingsproducent die in categorie 1 valt, dus de producent van het plastic bakje waarin de tonijnsalade wordt gedoseerd, mag dat niet.

Betrokkenheid management
In de voedingsmiddelenindustrie en de voedselveiligheidstandaarden was het al lang duidelijk: het opzetten en invoeren van een systeem voor de voedselveiligheid en kwaliteit heeft weinig zin als het niet wordt gedragen door het management. Dit besef is ook doorgedrongen tot de verpakkingssector. Daarom zijn de eisen met betrekking tot betrokkenheid van het management flink opgeschroefd. Het management is nu niet alleen verantwoordelijk voor de implementatie van de BRC Verpakkingen, maar ook voor het continu verbeteren van producten, processen en het managementsysteem en het beschikbaar stellen van (menselijke en financiële) middelen om deze verbeteringen te realiseren. Ook zijn er expliciete eisen opgenomen over communicatie en rapportage van resultaten van uitgevoerde controles.

Gevaren- en risicoanalyses
Hoewel in versie 2 van de BRC Verpakkingen ook eisen worden gesteld aan de gevaren- en risicoanalyses, zijn deze in versie 3 aangescherpt. Het doel is om meer diepgaande en beter onderbouwde gevaren- en risicoanalyses te realiseren. Een risicoanalyse voor grondstoffen is in versie 3 een verplicht onderdeel.

Klanteisen
De voedingsmiddelenindustrie mag zich alvast verheugen in een grotere belangstelling van hun leveranciers van verpakkingen. In versie 3 staan namelijk diverse nieuwe paragrafen waarin de klant en de klanteisen centraal staan, zoals: klantgerichtheid, contractbeoordeling en productontwikkeling. Alle nieuwe klantgerelateerde eisen zijn opgenomen in tabel 1.

Testapparatuur
In versie 3 worden aanvullende eisen gesteld aan (in de lijn aanwezige) testapparatuur en de kalibratie van weegapparatuur in het algemeen. Resultaten van controles en metingen zijn alleen betrouwbaar indien deze controle- en meetapparaten gekalibreerd zijn, een situatie die voor voedingsmiddelenproducenten al lang vanzelfsprekend is.

Reageer op dit artikel