artikel

Voorwaarden roken van voedingsmiddelen verzwaard

Algemeen

Met ingang van eind oktober 2006 mogen voedingsmiddelen niet langer worden geconserveerd met gefilterde rook. Reden is dat bij een voedingsmiddel als tonijn niet kan worden vastgesteld of dit vers dan wel bedorven is. Om die reden is in de wettekst opgenomen dat het behandelde voedingsmiddel de kenmerkende eigenschappen van het rookproces moet bezitten.

Voedingsmiddelen, in het bijzonder producten op basis van vlees en vis, worden al vele eeuwen gerookt om ze te conserveren en zo een bepaalde houdbaarheid mee te geven. De voorwaarden en eisen voor het roken van voedingsmiddelen zijn vastgelegd in artikel 8 van het Warenwetbesluit Bereiding en behandeling van levensmiddelen. Op grond van dit artikel was het mogelijk om uit de rook bepaalde componenten te filteren. Door het gebruik van die gefilterde rook verkreeg het voedingsmiddel niet de voor het rookproces kenmerkende geur-, kleur- en smaakeffecten. Dit proces wordt wel aangeduid met het clear smoke procédé.
Vanaf eind oktober 2006 is het eerste lid van artikel 8 van het warenwetbesluit aangevuld. Dit luidt nu: “Het roken van eetwaren mag uitsluitend geschieden met rook verkregen uit hout of houtachtige gewassen in onbehandelde staat, onder de voorwaarde dat de waar hierdoor de kenmerkende geur-, kleur- en smaakeffecten
van het rookproces verkrijgt. De wijziging is in cursief aangegeven. Deze wijziging betekent dat het roken van bijvoorbeeld tonijn met het clear smoke-procédé is verboden.

Schadelijk
Bij het roken van tonijn volgens het clear smoke-procédé behoudt het visvlees de kleur van verse tonijn, zelfs als deze vis niet meer vers is, bederft en histamine gaat bevatten. Zoals bekend, is histamine schadelijk voor de volksgezondheid. Door het behoud van de kleur van verse tonijn na het roken kan de consument worden misleid. Gezien de kleur denkt hij verse vis te kopen en zo een veilig voedingsmiddel. Maar dat hoeft dus bij dit procédé niet het geval te zijn.
Koolmonoxide
Na het filteren van de rook bij het clear smoke-procédé bestaat deze voornamelijk uit koolmonoxide. Het gebruik van voedingsmiddelenadditieven is vastgelegd in onder meer de Warenwetregeling Zuiverheidseisen van voedingsmiddelenadditieven met uitzondering van kleurstoffen en zoetstoffen. In deze regeling wordt koolmonoxide niet genoemd als voedingsmiddelenadditief. Ook wordt in de Warenwetregeling ‘Gebruik van kleurstoffen in voedingsmiddelen’ koolmonoxide niet genoemd als kleurstof. Dat betekent dat dit gas ook niet als kleurstof is toegelaten.

Later toevoegen
De wijziging van het artikellid maakt het ook niet mogelijk om aan het voedingsmiddel na het clear smoke-procedé stoffen als rookcondensaten toe te voegen met als doel alsnog de kenmerkende geur-, kleur- en smaakeffecten van het rookproces te verkrijgen. Immers het rookproces zelf moet die effecten geven en niet de later toegevoegde stoffen.

Bezwaren
Het Productschap Vis heeft in de ontwerpfase bezwaar gemaakt tegen de wetswijziging. Deze organisatie wilde eerst een oordeel van de Europese Autoriteit voor voedselveiligheid (EFSA) over het proces afwachten. Andere redenen om hiertegen bezwaar te maken, waren het ontbreken van criteria om de kenmerkende geur-, kleur- en smaakeffecten vast te stellen en het ontbreken van een methode van onderzoek om aan te tonen of een voedingsmiddel enkel is behandeld met koolmonoxide of met de clear smoke-methode.
De bezwaren van het productschap en de vraag van de Europese Commissie om het proces ook in Nederland nadrukkelijk te verbieden, hebben niet geleid tot aanpassing of uitstel van het rookverbod. Ook verwacht de Voedsel en Waren Autoriteit (VWA) geen handhavingproblemen bij de beoordeling van de kenmerkende effecten.

Reageer op dit artikel