artikel

Ken uw plaagdier

Algemeen

Om plaagdieren goed te kunnen weren, en als ze eenmaal zijn binnengedrongen te bestrijden, moet men weten met welke tegenstander men van doen heeft. Wat zijn de belangrijkste eigenschappen van de vier meest voorkomende plaagdieren? Hoe snel planten zij zich voort en welke omstandigheden zijn daarbij optimaal?

1. Huismuis
Huismuizen verblijven meestal binnen gebouwen of in de directe omgeving van waaruit ze in het najaar de gebouwen intrekken. Het meest voorkomende plaagdier wordt vaak niet ouder dan een jaar. Een vrouwtje werpt in een jaar gemiddeld zes tot tien keer. Een nest bestaat gemiddeld uit vijf à zes jongen.

Deze zijn na twee maanden geslachtsrijp. Muizen zijn uitstekende klimmers tegen enigszins ruwe oppervlakten. Ze springen tot ongeveer 30 cm hoogte en vanaf circa een meter hoogte. Ze eten alles, maar hebben een duidelijke voorkeur voor granen, peulvruchten, noten, vetrijke spijzen als kaas, vet, boter en spek en voedsel met een hoog suikergehalte zoals snoepgoed. Huismuizen verspreiden ziektekiemen, vervuilen voedselvoorraden met hun feces en urine en veroorzaken vooral veel knaagschade aan (verpakte) levensmiddelen, textiel, papier, isolatiematerialen, leidingen en kabels.

2. Bruine rat
De bruine rat, die niet altijd deze kleur heeft, is de meest voorkomende rattensoort in ons land. In havengebieden (bulkvracht!) komt vooral de zwarte rat (ook wel scheepsrat genoemd) voor. Theoretisch zou elk wijfje gemiddeld 15 keer een nest van gemiddeld acht jongen produceren. De praktijkrichtlijn luidt dat elk wijfje 40 jongen ter wereld brengt, die na drie maanden geslachtsrijp zijn. De rest sterft. Een bruine rat kan uitstekend graven, zwemmen, klimmen. De reuk is het voornaamste zintuig. Deze rat eet alles.

Bruine ratten zijn dragers van ziektekiemen als ziekte van Weil (overgebracht via de urine) en paratyphus (door via de uitwerpselen besmet drinkwater), ze bevuilen voedselvoorraden met hun feces en urine en knagen verpakkingsmaterialen, houten vloeren, leidingen, kabels en isolatiematerialen kapot.

3. Duitse kakkerlak
Deze soort kakkerlak komt het meest voor in ons land, ook al doet zijn naam anders vermoeden. De Duitse kakkerlak is te vinden in woningen, levensmiddelenbedrijven, bakkerijen, hotels, restaurants, ziekenhuizen, aan boord van schepen, enzovoorts. Een volwassen Duitse kakkerlak is 1,1 tot 1,5 cm lang, lichtschuw en gevleugeld. Ze vliegen alleen bij een zeer hoge luchttemperatuur. Binnen een halfjaar en onder gunstige omstandigheden (ca. 25°C) brengt een vrouwtje zo’n 200 nakomelingen voort. De jonge vrouwtjes zijn alweer na twee maanden in staat zelf eipakketten voort te brengen.

’s Nachts gaan de kakkerlakken op strooptocht. Ze eten vrijwel alles, bij voorkeur vochtige en verse voedingswaren. Ook hun dode soortgenoten staan op het menu. Duitse kakkerlakken hebben maar heel weinig voedsel nodig en kunnen het lange tijd zonder voedsel uithouden. Met een vetspetter kunnen enkele tientallen Duitse kakkerlakken een paar weken vooruit! De kakkerlakken bevuilen voedsel, verspreiden bij grote aantallen een ronduit onaangename geur en zijn dragers van onder meer Salmonella-bacteriën en mijten.

4. Rijstmeelkever
Rijstmeelkevers worden aangetroffen in en bij plantaardige producten, vooral bij graanproducten. Het zijn zogenaamde secundaire beschadigers, nadat primaire aantasters, zoals klanders, het graan min of meer hebben verbrokkeld. Rijstmeelkevers planten zich snel en gedurende het hele jaar voort. Het wijfje kan per jaar enige honderden eitjes leggen. 30°C is hun voorkeurstemperatuur. Ze leven tussen opgeslagen voorraden. In lege opslagplaatsen voeden ze zich met achtergebleven resten in naden van de vloer of in het pleisterwerk.

Verontreiniging van de voedselvoorraad is de voornaamste schade. Aangetaste voorraden vertonen de neiging tot schimmelen. De voorraad kan een muffe tot zure geur krijgen. De grote rijstmeelkever is herkenbaar aan een lysolachtige geur van de aangetaste voorraad.

Reageer op dit artikel