Vanaf welke hoeveelheid is het verstandig om de aanwezigheid van allergenen op het etiket te vermelden? TNO ontwikkelde een methode waarmee het risico van enkele belangrijke allergenen bepaald kan worden.
Wanneer een allergeen in de receptuur van een product zit, is het verplicht om deze stof op het etiket te vermelden. Maar een allergeen kan ook door kruisbesmetting in een product terechtkomen.
In januari publiceerden TNO en UMC Utrecht een studie in Food Additives and Contaminants waarin wordt aangetoond dat kruiscontaminatie kan leiden tot allergische reacties. Een vrouw met een allergie voor melk werd ziek na het eten van pure hagelslag. Op het etiket stond niet dat er (mogelijk) melkeiwit in zat.
May containGrenzen waarboven een allergeenbesmetting moet worden vermeld, ontbreken nog. Daarom kiezen fabrikanten vaak uit voorzorg voor het label ‘may contain’ als ze de afwezigheid van allergenen niet kunnen garanderen.
RisicobeoordelingDe risicobeoordelingsmethode van TNO bepaalt het risico voor de gezondheid van bepaalde hoeveelheden van enkele belangrijke allergenen. De methode berekent het percentage van de allergische bevolking waarvoor een allergische reactie wordt verwacht.
In het geval van de hagelslag werd aangetoond dat de concentratie onbedoeld aanwezig melkeiwit in sommige gevallen zo hoog was dat dit tot een allergische reactie kan leiden bij een groot deel van de populatie.
De geautomatiseerde probabilistische methode combineert de consumptie van voedingsmiddelen met de gevoeligheid van allergische patiënten voor bepaalde voedselallergenen. Het model kan worden ingezet voor het afleiden van limieten waarboven may contain-labeling nodig is.
Meer informatie over het project op website TNO