Om de risico’s van nanodeeltjes in voeding inzichtelijk te maken gaf het Instituut voor Voedselveiligheid RIKILT onlangs de aftrap voor het Europese project Nanolyse.
Het project heeft als doel methoden te ontwikkelen die nanodeeltjes in voeding kunnen opsporen. Momenteel bestaan er geen geschikte analyses om de deeltjes eenvoudig en betrouwbaar aan te tonen.
Risico’s nanodeeltjesDe nanodeeltjes bezitten andere chemische eigenschappen dan grotere deeltjes en losse atomen en moleculen waaruit ze zijn opgebouwd, aldus het instituut. Hierdoor gedragen de minuscule partjes zich anders in mens en dier.
Nanotechnologie kan interessant zijn voor de toepassing in voeding, maar er bestaat nog geen goed zicht op de risico’s.
Detectie en identificatieIn het Europese Nanolyse-project gaan wetenschappers onderzoeksmethoden ontwikkelen voor detectie en identificatie van de nanodeeltjes in voeding. De informatie die hieruit voortvloeit kunnen autoriteiten, beleidsmakers en het bedrijfsleven gebruiken voor een betrouwbare risicobeoordeling.
KennislacuneIn het Europese project werkt RIKILT samen met universiteiten, onderzoeksinstellingen en het midden- en kleinbedrijf uit verschillende Europese landen. Het project heeft een looptijd van drie jaar.
Vorig jaar wees de Europese voedselveiligheidsautoriteit EFSA de risicobeoordeling van nanodeeltjes in voeding aan als belangrijkste kennislacune.
Homepage RIKILTLees ook op VMT online:EFSA: ‘Meer onderzoek naar nanotechnologie nodig’Consumenten willen geen toepassingen van nanotechnologie in voeding