Biologische certificatie van voedselveilige microalgen

Amsterdam, 23 september 2016 06:00 | Axon Advocaten

Algen staan volop in de belangstelling als duurzame bron van eiwitten, vezels en vetzuren. Een vorm van verduurzaming wordt gevonden in de biologische productie.

Naast duurzaam zien consumenten biologische producten ook als gezond en veilig. Daarom zouden producenten van microalgen het biologisch logo graag gebruiken. Daarvoor moeten enkele wettelijke en praktische belemmeringen worden weggenomen. 

Onder algen worden macro- en microalgen verstaan. Macroalgen - in de volksmond zeewier - kunnen met het blote oog worden waargenomen. Bekende voorbeelden zijn nori (sushivellen), zeesla en kelp. Microalgen zijn eencellige organismen, tot 50 micrometer in omvang en daarom niet tot nauwelijks met het blote oog waarneembaar. Er zijn veel verschillende soorten microalgen waarvan Chlorella en Spirulina de bekendste zijn. Beide soorten hebben ook een zgn. history of safe use voor gebruik als menselijke voeding. Dit houdt in dat de Novel Food wetgeving[1] niet in de weg staat aan gebruik van deze algen in levensmiddelen.

 

Biologische certificatie van levensmiddelen

De Biologische Verordening[2] behelst een alomvattend systeem van landbouwbeheer en levensmiddelenproductie waarbij de beste praktijken op milieugebied worden gecombineerd met een hoog niveau van biodiversiteit, de instandhouding van natuurlijke hulpbronnen en de toepassing van strenge normen op het gebied van dierenwelzijn. Deze Verordening is van toepassing op een aantal landbouwproducten, inclusief aquacultuur. Naast algemene uitgangspunten bevat de Biologische Verordening productievoorschriften voor landbouw en plantaardige productie en verder voor wat betreft zeewier, de veehouderij en aquacultuurdieren. Producenten van biologische producten uit deze sectoren/categorieën kunnen kenbaar maken dat aan de voorschriften van de Biologische Verordening is voldaan door gebruik van het Biologisch logo, dat is ook is gereguleerd in een aparte Verordening[3]. In Nederland ziet Skal toe op de naleving daarvan[4].

 

Biologische gecertificeerde Microalgen van buiten EU

Naast de productie van biologische levensmiddelen voorziet de Biologische Verordening in de mogelijkheid dat uit derde landen ingevoerde producten binnen de EU als biologisch product mogen worden verhandeld. Dit is mogelijk voor zover dit zgn. overeenstemmende producten betreft. Dit zijn producten (i) die zijn geproduceerd en geëtiketteerd op een wijze die overeenstemt met de wijze die is voorzien in Biologische Verordening, (ii) waarvan de producent/exporteur wordt gecontroleerd door een door de Commissie erkend controleorgaan in het betreffende land van productie en (iii) waarvan kan worden bewezen welke marktdeelnemer de laatste handeling met betrekking tot dit product heeft verricht[5]. Verder worden biologische producten uit zgn. erkende landen toegestaan binnen de EU. Dit zijn derde landen ter zake waarvan de Commissie heeft erkend dat de (biologische) productiesystemen gelijkwaardig zijn aan en de controlemaatregelen even doeltreffend zijn als neergelegd in de Biologische Verordening[6]. Voorbeelden van zgn. overeenstemmende producten zijn onverwerkte plantaardige producten en voorbeelden van erkende landen betreffen Argentinië en Australië[7].

 

EU- productievoorschriften voor biologische microalgen ontbreken

Specifieke productiebepalingen voor de sector van microalgen ontbreken in de Biologische Verordening. Hierin worden wel uitvoeringsbepalingen aangekondigd voor de productie van bepaalde diersoorten, aquatische planten en microalgen[8]. Zolang deze non-existent waren, was niet duidelijk aan welke specifieke productievoorschriften microalgen op Europees niveau moesten voldoen. Wel werden particuliere normen die door de lidstaten waren erkend of aanvaard van toepassing verklaard[9]. Dit had als gevolg dat er geen eenduidigheid bestond over het biologisch labelen van in Europa geproduceerde microalgen. Tegelijkertijd was (en is) het wel mogelijk voor in derde landen biologisch geproduceerde microalgen als zodanig te importeren in de EU. Hierdoor staan Europese microalgen producten met 1-0 achter.

Interpretative Note

In juli 2015 voorzag de Europese Commissie in de geschetste leemte op basis van haar zgn. Interpretative Note[10]. In dit document werd onder meer bepaald dat indien Lidstaten nationale voorschriften hadden vastgesteld of bepaalde particuliere normen hadden erkend, deze de bepalingen van de Biologische Verordening volledig moesten respecteren. Aangezien deze Verordening harmonisatie van de markt van biologische producten nastreeft, mogen Lidstaten dus geen aanvullende normen aan biologische producten uit andere Lidstaten opleggen. Verder bepaalde de Commissie dat tot het moment waarop nadere productieregels voor microalgen zijn bepaald, het volstaat wanneer deze productie voldoet aan de regels die gelden voor de productie van hetzij planten, hetzij zeewier.

 

Nadere regelgeving

In april dit jaar zijn deze nadere regels tot stand gekomen in de vorm van een nieuwe Verordening van de Commissie[11], die uitvoeringsbepalingen van de Biologische Verordening wijzigt. In deze Verordening bepaalt de Commissie dat er tot op heden geen nadere productievoorschriften zijn bepaald voor als levensmiddel gebruikte microalgen. Hierdoor zijn er vragen gerezen welke productievoorschriften marktdeelnemers in acht moeten nemen wanneer zij microalgen kweken voor gebruik als levensmiddel[12]. Daarom moet worden verduidelijkt dat nadere productievoorschriften voor zeewier ook van toepassing dienen te zijn op de productie van microalgen voor gebruik als levensmiddel[13]. De uiteindelijke verduidelijking krijgt gestalte op vrij technische wijze[14] en treedt in werking op 7 mei 2017.

 

Praktische problemen

Zijn hiermee nu alle belemmeringen voor biologische certificatie van in de EU geproduceerde microalgen weggenomen? Helaas niet, want microalgen vallen niet zonder meer op een lijn te stellen met zeewier; een macroalg. Algen - macro en micro - hebben opgeloste mineralen en CO2 nodig om te kunnen groeien. Evenmin als grondgebonden gewassen zijn zij niet eigenhandig in staat mest af te breken. In het water vindt het ontsluitingsmechanisme plaats van meststoffen naar vrije - voor de alg bruikbare - mineralen. Echter, het toevoegen van mest of mestderivatenproducten aan een algenkweek heeft als gevolg dat de hierin aanwezige schadelijke organismen en andere stoffen (zoals giften en zware metalen) zich met de algen vermengen. Producten vervaardigd op basis van algen waaraan mest of mestderivatenproducten zijn toegevoegd, kunnen daarom een zeer hoog voedselveiligheidsrisico vormen. Verder wordt bij de oogst van wieren alleen de macroalg geoogst: de in het water aanwezige organismen blijven achter en bacteriën kunnen grotendeels worden afgespoeld. Dit is niet mogelijk bij de oogst van microalgen vanwege hun kleine diameter, waardoor het onmogelijk is selectief het gewenste micro-organisme te oogsten. Oftewel, de in de kweek aanwezige bacteriën, schimmels en andere organismen worden deels mee geoogst komen daarmee in het eindproduct terecht. De voedselveiligheid van dergelijke producten laat zich raden.

 

Risico’s open kweeksystemen

Verreweg de meeste microalgen worden momenteel gekweekt in open vijvers. Deze systemen worden geteisterd door invloeden van buitenaf. Daardoor wordt een vijver continu besmet met ongedefinieerde organismen zoals bacteriën, schimmels, andere - mogelijk giftige - algensoorten, waterinsecten, toxines en zelfs fecaliën. Een methode om deze ongewenste groei te remmen, is het gebruik van hoge concentraties jodium. Algenproducten uit dergelijke systemen bevatten daarom vaak zeer hoge concentraties jodium en vormen potentieel een risico voor de gezondheid. Dit neemt niet weg dat derde (niet-erkende) landen deze producten wel als biologisch certificeren en deze in de praktijk worden verhandeld buiten het systeem van soortgelijke producten en erkende landen om. Dit is een lastige vorm van concurrente voor in de EU geproduceerde microalgen.

 

Voordelen gesloten kweeksystemen

Bij een gesloten systeem zijn er nauwelijks invloeden van buitenaf. In deze systemen kan het proces van opkweken tot en met de oogst nauwlettend worden gecontroleerd. Mocht er onverhoopt toch een besmetting optreden, wordt deze tijdig gesignaleerd en kan er adequaat op worden gereageerd. Hierdoor wordt het risico van ongewenste organismen in het eindproduct uitgesloten. Om algen onder deze omstandigheden te kunnen kweken, moeten de mineralen en lucht - noodzakelijk voor de start van het ontsluitingsmechanisme - op een andere manier dan in de open natuur worden toegevoegd. Productie van microalgen vindt daarom doorgaans plaats onder toevoeging van opgeloste mineralen.

 

Geen biologische certificatie bij toevoeging bepaalde mineralen

In de biologische productie mag slechts van een beperkt aantal toegestane mineralen gebruik worden gemaakt[15]. Wanneer een algenproducent mineralen gebruikt die niet op de lijst van toegestane stoffen staan, staat dit biologische certificatie (vooralsnog) in de weg. Hierbij is van belang dat van enkele mineralen zoals stikstof- en fosfaat er geen bruikbare, natuurlijke variant c.q. bron beschikbaar is. Minerale zouten gedolven uit mijnen gelden niet als voedselveilig. Daarom gebruikt men momenteel geïsoleerde varianten, waarvan de voedselveiligheid wordt gegarandeerd. Niettemin zou een algenproducent een aanvraag voor toelating van deze mineralen kunnen indienen[16], maar dit heeft een keerzijde. Doorgaans vormen zij namelijk onderdeel van een specifiek productieproces bevattende vertrouwelijke informatie, die een algenproducent niet zonder meer openbaar kan maken. Bij verzoek tot toelating van mineralen in de biologische productie, is de kans is gering dat vertrouwelijke elementen uit het toepasselijke productieproces in zo’n aanvrage geheim blijven.

 

Mogelijke oplossingen

Wij zien twee mogelijke oplossingen voor de hierboven gesignaleerde knelpunten. Ten eerste zou een procedure waarin wordt gegarandeerd dat zgn. proprietary data in een aanvrage tot toelating van bepaalde mineralen in de biologische productie gedurende een minimum termijn geheim blijven een grote impuls kunnen geven aan het biologisch kweken van microalgen. Dergelijke regelingen bestaan ook voor dossiers voor Novel Foods en gezondheidsclaims en zijn dus niet ongebruikelijk in het levensmiddelenrecht. Ten tweede zou een zgn. grace period voor mineralen die thans in de gesloten kweeksystemen worden gebruikt een oplossing kunnen bieden. Deze grace period zou moeten gelden totdat hiervoor een acceptabel functioneel alternatief beschikbaar is wat betreft kwaliteit, kwantiteit en prijs. In beide gevallen dient uiteraard de voedselveiligheid voorop te staan, wat inhoudt dat de toegevoegde mineralen voedselveilig moeten zijn. Toepassing van de voorgestelde oplossingen zou EU-producenten van microalgen de kans bieden gebruik te maken van het Europese biologisch logo voor voedselveilige algenproducten. Dit is een win-win voor zowel consument als producent.

 

Auteurs

Karin Verzijden, advocaat levensmiddelenrecht, Axon Advocaten;

Erwin Houtzager, ceo/cio Phycom & Nutress;

Anneke Roes, marketing-en communicatiemanager, Phycom & Nutress

 

Foto bij dit artikel

Bron: Regio Food Valley



[1] Verordening (EU) 2015/2283 van het Europees Parlement en de Raad van 25 november 2015 betreffende nieuwe voedingsmiddelen.

[2] Verordening (EG) Nr. 834/2007 van de Raad van 28 juni 2007 inzake de biologische productie en de etikettering van biologische producten.

[3] Verordening (EU) Nr. 271/2010 van de Commissie van 24 maart 2010 met betrekking tot het logo voor biologische productie in de EU.

[4] Zie http://www.skal.nl - Volgens informatie op deze site zet Skal Biocontrole zich als toezichthouder in voor aantoonbare betrouwbaarheid van biologische producten in Nederland.

[5] Zie artikel 32 lid 1 Biologische Verordening.

[6] Zie artikel 33 lid 2 Biologische Verordening.

[7] Zie Bijlage III bij Verordening (EG) Nr. 1235/2008 van 8 december 2008 houdende bepalingen ter uitvoering van Verordening (EG) Nr. 834/2007.

[8] Zie artikel 42 Biologische Verordening.

[9] Een voorbeeld van zo’n particuliere Standaard zijn de Duitse CERES Standard for Micro-Algae and Micro-Algae Products.

[11] Uitvoeringsverordening EU 2016/673 van de Commissie van 29 april 2016 tot wijziging van Verordening 889/2008.

[12] Zie overweging 2 Verordening 2016/673.

[13] Zie overweging 3 Verordening 2016/673.

[14] Daar waar de productieregels van zeewier aanvankelijk ook van toepassing werden verklaard in de feed in Verordening 889/2008 (op basis van amendement aangebracht door Verordening 710/2009), wordt deze toepassing nu uitgebreid naar de food in Verordening 2016/673.

[15] Zie de opsomming van toegestane meststoffen, bodemverbeteringsmiddelen en nutriënten in bijlage I bij de Verordening 889/2008.

[16] Zie voor de inhoud van een verzoek tot toelatingTemplate for dossiers concerning fertilizers and soil conditioners in EGTOP Final Report on Fertilizers and soil conditioners, juni 2011.

Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.

sluiten X